Advocaat in China staat vrij machteloos

Een advocaat die het in China opneemt voor de gewone burger, komt snel in botsing met de overheid.

Die is vaak betrokken bij het aangeklaagde bedrijf.

Om het flatgebouw van Zheng Enchong, in een arme wijk in Noord-Shanghai, hangt een geel politielint: het is verboden terrein. Drie agenten houden de wacht.

Al drie jaar is het appartement van Zheng (59), op de veertiende verdieping van de flat, een gevangenis. Sinds zijn vrijlating uit de echte gevangenis staat de advocaat, die het opnam tegen de grote projectontwikkelaars in zijn stad, permanent onder huisarrest. Bezoek is niet toegestaan.

Als een buitenlandse journalist hem toch probeert te bezoeken, om te praten over de recente acties tegen advocaten, blokkeren twee agenten in verkreukelde uniformen de ingang van het flatgebouw. Een derde, in burger, trekt haastig het politielint aan. Onmiddellijk wordt de buitenlandse journalist omringd door „stillen”, ondervraagd en onder dwang van het terrein verwijderd.

Dit resolute politieoptreden past in een golf van schorsingen en arrestaties van advocaten. Zo werden Xu Zhiyong (36), oprichter en partner van het sociale advocatencollectief Gongmeng, en een staflid vorige week woensdag gearresteerd. Deze associatie van 53 advocaten en mensenrechtenactivisten behartigt onder andere de zaken van ouders van vergiftigde kinderen in het melkschandaal. Het collectief is door de autoriteiten gesloten, omdat er geen belasting betaald zou zijn over giften uit de VS.

Vorige week werd ook het Yirenping Centrum, dat juridische bijstand levert aan hepatitis B-patiënten, gesloten. De advocaten hadden zonder toestemming van de staat een boekje met juridische tips gepubliceerd.

Vlak voor zijn arrestatie vertelde Xu in een telefoongesprek dat sinds de inwerkingtreding van een nieuw reglement voor de advocatuur vijfhonderd Chinese advocaten hun vrijheid korte of langere tijd hebben verloren, en dat nog eens duizend hun vergunning om te procederen zijn kwijtgeraakt.

Het plan om over deze ontwikkelingen met Zheng te praten, lukt een dag na het verijdelde bezoek toch. Hij mag niet telefoneren, e-mailen of sms’en, maar stuurt een met de hand geschreven brief. Zijn vrouw Jiang Meili (57) komt die samen met drie cliënten van Zheng brengen, nadat zij eerst een volgauto van de politie van zich hebben afgeschud.

In de brief schetst Zheng de situatie van Chinese advocaten die het opnemen voor gewone burgers die in conflict zijn geraakt met de overheid of met het door de staat gedomineerde bedrijfsleven.

Zheng en zijn vrouw worden permanent bewaakt door twaalf agenten, die werken in drie ploegen. Ze leven van haar onderwijzerspensioen van 1.600 yuan en wat geld van hun in de VS werkzame dochter.

Hij mag zijn huis alleen uit voor verhoren op het bureau van de staatsveiligheid. De laatste keer, anderhalve week geleden, is hij geslagen en werden er brandende sigaretten dicht bij zijn ogen gehouden. Dit is het andere gezicht van de stad die zich opmaakt voor de Wereldtentoonstelling met de slogan ‘Better City, Better Life’.

‘Er zijn niet alleen veel te weinig advocaten in China – 140.000 op een bevolking van 1,3 miljard – maar zij zijn hun leven en persoonlijke vrijheid niet zeker’, schrijft Zheng. ‘De autoriteiten zeggen steeds dat de mensenrechtensituatie verbeterd is, maar dat is onjuist.’

Zijn vrouw Jiang Meili – klein, kortgeknipt haar, pyjamabroek – zegt beschuldigend: „Ze willen ons weg hebben uit Shanghai en het liefst uit China. Ze willen dat we naar de VS of Europa gaan, maar dat willen wij onder geen beding. Wij houden van China, wij zijn niet anti-Chinees.” En, vertelt zij: „Ze hebben het niet alleen op ons gemunt, maar ook op onze familie. Onze dochter kan en wil niet meer terugkomen naar China. We missen haar heel erg.”

Zheng is persona non grata geworden, omdat hij tussen 1996 en 2003 de juridische strijd aanbond tegen het conglomeraat van de grote projectontwikkelaars en de overheid in Shanghai.

In die zaken ging het zoals zo vaak in de sociale advocatuur om land- en bouwkwesties. Zijn cliënten waren gedupeerde bewoners van panden die gesloopt moesten worden of boeren die hun land kwijtraakten aan het zich snel ontwikkelende Shanghai. Zijn tegenstanders waren staatsbedrijven, maar ook de particuliere bouwondernemingen van de zonen van oud-president Jiang Zemin. Dat hij christen is, bemoeilijkte zijn situatie.

Zheng: „Advocaten in China moeten in de eerste plaats de belangen van de staat, de partij in acht nemen en de instructies van alle niveaus van de overheid gehoorzamen. Opkomen voor gewone mensen, zoals Mao Zedong ons heeft geleerd, is van ondergeschikt belang. Zeker in Shanghai. In China wordt 1,3 miljard mensen het recht onthouden de overheid te volgen, te bekritiseren en misstanden aan de orde te stellen.”

Volgens Zheng, die wordt ondersteund door een loyale vriendengroep van voormalige cliënten en lidmaten van zijn kerk, was het een kwestie van tijd voordat de Pekingse advocaten van het Gongmeng-collectief naar aanleiding van de melamine-zaken in aanvaring zouden komen met de staat. Van de ruim honderd melamine-zaken zijn er vier door rechtbanken in behandeling genomen.

„Het waren staatsbedrijven in de melksector die de levens van honderdduizenden baby’s in gevaar brachten. Er zijn te veel hoge functionarissen bij betrokken om te verwachten dat er een eerlijke rechtsgang mogelijk is”, zegt Zheng.

Die mening is een al even beroemde confrater van hem in Shanghai ook toegedaan. Yan Yiming (46) is de kampioen van de kleine, doorgaans rechteloze investeerders in het Wilde Oosten, zoals de beurzen in China worden omschreven.

Met succes spande hij zaken aan tegen grote ondernemingen die met vervalste winst- en verliesrekeningen naar de beurs gingen. Business Week noemde hem enkele jaren geleden een van de 25 invloedrijkste Aziaten, nadat door zijn toedoen de rechten van kleine investeerders waren verbeterd. Althans op papier.

„Je loopt in China per definitie tegen gevoeligheden aan als je het als advocaat opneemt voor gewone mensen met een klacht. Er zijn altijd belangen van overheids- of partijbestuurders in het geding, omdat de scheiding tussen staat en bedrijven eigenlijk niet bestaat”, vertelt Yan, die in april in zijn ruime Shanghaise kantoor door vier gangsters in elkaar werd geslagen. De daders zijn gearresteerd en veroordeeld, maar wie hen op hem af heeft gestuurd, weet hij nog steeds niet.

Vermoedelijk heeft het incident te maken met zijn juridische acties om bedrijven te dwingen opening van zaken te geven over hun productieprocessen. Maar er kan ook een verband zijn met zijn anticorruptiezaken in de bouwsector. Ook hij is actief in de melaminemelk-zaken.

Geld verdient hij met het adviseren van grote Japanse ondernemingen in de Shanghaise beursjungle. Mensenrechtenzaken doet hij pro deo, net als de campagnes tegen corrupte overheidsfunctionarissen.

Yan Yinming is niet bang dat hij hetzelfde lot als collega Zheng zal ondergaan. „Ik beschik over een goed netwerk en ben heel voorzichtig.”

En dan lachend: „Ik heb mijn eigen methodes. Praten met de buitenlandse media bijvoorbeeld. Dat levert toch een vorm van bescherming op.”