Zelfs miljardenhulp kan de bouw niet redden

Nederlandse aannemers en bouwers krijgen amper nieuwe opdrachten. De overheid investeert miljarden om de bouw te stimuleren. Maar ontslagen lijken onvermijdelijk.

De architect en twee projectontwikkelaars spreken liever niet van een gebouw. Dat is te gewoontjes. Noem het een verticale stad, dat past beter bij de nieuwe wolkenkrabber van Rem Koolhaas, die moet verrijzen aan de oever van de Nieuwe Maas in Rotterdam. Je kan er volgens de projectontwikkelaars MAB (een Rabo-dochter) uit Den Haag en OVG uit Rotterdam namelijk alles. Overdag in een van de kantoren werken, ’s avonds sporten, winkelen of een biertje drinken om vervolgens te gaan slapen in een luxueus appartement (220 in totaal) of in een van de 280 hotelkamers met uitzicht over de skyline van Rotterdam. Tot zover de gebruikelijke pr-praat.

Het bijzondere aan De Rotterdam, zoals de wolkenkrabber heet, is dat hij überhaupt nog gebouwd wordt, gezien de recessie. En het project is ook bijzonder omdat het 3.600 banen oplevert. Dat is pr-praat in crisistijd.

Toch lijkt die crisis de bouwsector tot nu toe te ontzien. Vandaag begint ook voor aannemers in het zuiden, als laatste, de bouwvak en er zijn nog geen massaontslagen gevallen. Er is zelfs geen beroep gedaan op werktijdverkorting. „Psychologisch is er veel bedrijvigheid”, zegt Hugo Priemus, emeritus hoogleraar Volkshuisvesting in Delft. „Dat strooit zand in de ogen, maar de macro-economische cijfers zijn heel realistisch. Er vloeit bloed op de bouwmarkt.”

Langzaamaan komen er meer berichten over ontslagen. Bij Dura Vermeer verdwijnen 100 arbeidsplaatsen, Ballast Nedam heeft voor 33 werknemers ontslag aangevraagd en ook bij de faillissementen van bouwbedrijven Van Hoogevest en delen van Hillen en Roosen zijn banen verloren gegaan.

Dit is nog maar het begin, waarschuwt het onafhankelijke Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB). Nieuwe opdrachten blijven uit en massawerkloosheid ligt op de loer. In april becijferde het EIB dat er in de sector 50.000 arbeidsplaatsen verloren dreigen te gaan, circa 10 procent van het totaal.

Volgens het EIB daalt de bouwproductie de komende twee jaar met 15 procent, waardoor bouwbedrijven in totaal 8 miljard euro aan omzet zouden mislopen, de ergste terugval sinds de Tweede Wereldoorlog. Vooral de bouw van nieuwbouwwoningen en kantoren loopt drastisch terug. Het EIB verwacht dat er in 2011 slechts 65.000 woningen worden opgeleverd. Afgelopen jaar waren dat er nog 80.000. Voor kantoorpanden is de klap bijna even groot.

John Kerstens rekent voor wat voor een effect de weifelende consument en de zuinige belegger hebben op werkgelegenheid. Kerstens is pas een maand voorzitter van FNV Bouw in Woerden en toch kent hij de cijfers al uit zijn hoofd. „Elke woning die gebouwd wordt, levert twee voltijdbanen op, waarvan 1,2 in de bouw en 0,8 bij toeleveranciers”, zegt hij. „Gezien de vraaguitval is het verlies van 50.000 banen heel realistisch.” Het EIB verwacht dat er dit jaar 8.000 voltijdbanen verdwijnen en volgend jaar 31.000. Ook zullen 6.000 zelfstandigen zonder personeel structureel zonder opdrachten komen te zitten. FNV Bouw heeft met tien bouwers contracten gesloten over sociale plannen en is met nog eens twintig in gesprek. „Het is de stilte voor de storm”, zegt Kerstens.

Kerstens heeft een mantra: 50.000 verloren banen mag geen 50.000 werklozen opleveren. De bouw heeft die mensen straks nodig, zegt hij. De sector vergrijst. Er zijn 38.000 werknemers ouder dan 55 jaar. „Na de crisis zal de vraag naar nieuwbouwwoningen oplaaien”, zegt de vakbondsman. „Personeel is dan hard nodig, maar een groot deel gaat uitgerekend dan met pensioen. Deeltijd-WW en scholing zijn uiterst belangrijk.”

Aan de andere kant van het Groene Hart, in Zoetermeer, is Elco Brinkman het roerend eens met de vakbondsvoorzitter. De twee hebben onlangs een nieuwe cao voor de bouw uitonderhandeld. Ondanks de crisis stijgen de lonen met 2 procent. „De sector moet aantrekkelijk blijven”, zegt Brinkman. Hij doceert: „In 2003 zat de bouw in een kleiner dipje. Toen verlieten 3.500 werknemers de sector, van wie velen nooit zijn teruggekomen.” Dit leidde in de jaren daarop tot een tekort aan bouwvakkers. Bouwbedrijven klaagden over de explosief gestegen personeelskosten die de winstmarges drukten. „Dat mag nu niet weer gebeuren”, zeggen Brinkman en Kerstens harmonieus. In de nieuwe cao hebben zij afgesproken 64 miljoen uit te trekken voor scholing van personeel.

Al maanden lobbyt Brinkman voor steun van het kabinet. Lange tijd was er uit de bouwsector kritiek op het gebrek aan overheidshulp. In december stuurden belanghebbenden – waaronder Bouwend Nederland, ontwikkelaarsclub Neprom, makelaarsvereniging NVM en de vier grote gemeenten – een brief naar het kabinet waarin ze waarschuwden voor massaontslagen en dalende bouwproductie als hulp zou uitblijven.

Een maand later, in januari, nam Brinkman deel aan een paneldiscussie. Hij zei: „Als overheden nu niet investeren, zitten we straks zo diep in de shit dat wij er nooit meer uitkomen.”

Nu, een dik half jaar later, heeft de voormalig CDA-politicus lof voor het kabinet. „Er is veel gedaan. Als je alles bij elkaar optelt, is er een steunpakket van een paar miljard”, zegt Brinkman. Hij noemt de maatregelen op. De crisis- en herstelwet die het kabinet begin deze maand aannam verkort juridische procedures en snijdt in het aantal benodigde vergunningen voor infrastructuurprojecten. De Nationale Hypotheekgarantie is verhoogd zodat het kopen van een huis iets aantrekkelijker is geworden. Er is 395 miljoen uitgetrokken om gemeenten, ontwikkelaars en corporaties door te laten bouwen. Voor het isoleren van woningen is er 320 miljoen euro beschikbaar, alsmede 300 voor de bouw en onderhoud van ziekenhuizen en scholen.

„En dan zijn er nog de provinciale en gemeentelijke initiatieven”, zegt Brinkman. Noord-Brabant investeert 250 miljoen euro in een fonds om stilgevallen bouwprojecten weer op gang te krijgen, waar ook pensioenfondsen, projectontwikkelaars en banken aan kunnen deelnemen. Amsterdam maakt 16 miljoen euro vrij om koopwoningen om te zetten naar huur. Rotterdam reserveert 200 miljoen euro om grondposities van projectontwikkelaars terug te kopen.

Rotterdam heeft ook subtiele maatregels doorgevoerd. Zo kopen de ontwikkelaars van De Rotterdam, het nieuwe project van Koolhaas, de grond pas van de gemeente op het moment dat het project wordt opgeleverd. Zo hoeven ze minder bij de bank te lenen, aangezien de grote gebruikers van het gebouw, vastgoedbedrijf Amvest en NH-Hoteles, de appartementen en hotelkamers dan al hebben afgerekend. Ook heeft de gemeente toegezegd zelf meer kantoorruimte af te nemen.

„Er is bij overheden zeker het besef ontstaan dat er gehandeld moet worden”, zegt Brinkman. „Maar de staat kan niet alle pijn wegnemen want uiteindelijk draait de belastingbetaler op voor de steun. Er zullen veel ontslagen vallen, dat is onvermijdelijk”, zegt de voormalig CDA-politicus.

Maar er is ook kritiek op Bouwend Nederland. Van Wijnen, de op zeven na grootste aannemer, heeft het lidmaatschap opgezegd. De lobby van de brancheclub was volgens het bouwbedrijf te onzichtbaar en de loonsverhoging in de cao onverkoopbaar.

In tegenstelling tot Brinkman verwacht hoogleraar Priemus dat de crisis- en herstelwet weinig soelaas zal bieden. „De politiek kan moeilijk tegen zijn, maar de tijdswinst zal beperkt zijn en het zal hooguit werk opleveren voor wegen- en spoorbouwers, terwijl in de woningbouw de meeste banen op de tocht staan.”

Steunmaatregelen veranderen volgens Priemus de situatie in de bouw niet. „De sector wil steun omdat de markt niet doet wat ze wil, er wordt fors minder verkocht. Maar de markt heeft altijd gelijk.” Het is volgens Priemus logisch dat in een recessie met oplopende werkloosheid de vraag naar duurdere koopwoningen daalt. „Maar de vraag naar huurwoningen loopt op”, zegt hij. „Alleen hebben ontwikkelaars en bouwers vooral een koopwoningverhaal.”

Na de ontdekking van de bouwfraude verdwenen de zekerheden in de sector, betoogt Priemus. Er waren geen onderlinge afspraken meer. „Om enige zekerheid terug te krijgen, verwierven bouwers massaal grondposities van gemeentes, in feite een nieuw soort monopolie.” Hierop schoten de grondprijzen omhoog.

Als de grondprijs lager was geweest, hadden ontwikkelaars nu tegen lagere kosten rendabele huurwoningen kunnen bouwen, redeneert Priemus. „Dan was het effect van vraaguitval naar koopwoningen op de werkgelegenheid minder geweest.” Priemus prijst het beleid van gemeentes als Rotterdam, die grond terugkopen van ontwikkelaars. Ook initiatieven waar corporaties koophuizen in aanbouw van ontwikkelaars afnemen om ze in de verhuur te zetten, kan op de steun van Priemus rekenen. „Als de markt aantrekt, kunnen de huizen alsnog verkocht worden. Zo’n maatregel is in potentie kostendekkend.”

Zo kan de pijn misschien verlicht worden, zegt Priemus. „Maar de vrije val is er. 50.000 ontslagen blijft realistisch, ondanks alle initiatieven. En als Coen Teulings van het CPB over een maand weer naast premier Balkenende staat met nog somberdere groeivoorspellingen, kan de werkloosheid zo maar nog hoger oplopen.”

Dit is het eerste deel van een tweeluik over de dreigende ontslaggolf in de bouw.