Sebastiaan (16) adopteert WOII-graven, VS eren hem

De Nederlandse scholier Sebastiaan Vonk werd vorige week in de VS geëerd, omdat hij graven adopteerde van Amerikaanse soldaten.

Sebastiaan Vonk is zestien jaar, een uit de kluiten gewassen vwo-scholier uit Hardinxveld-Giessendam. Een week geleden werd hij benoemd tot Kentucky Colonel. Daar zit hij nu van bij te komen in een hotellobby op Schiphol. Met kringen onder zijn ogen van vermoeidheid vertelt hij zijn verhalen.

In januari 2007 kreeg hij een mail van Jerry Leonard. Sebastiaan, toen veertien, hing vaak rond op internetfora over de Tweede Wereldoorlog. Jerry was een oud-militair uit Kentucky op zoek naar informatie over zijn stiefvader. Ze begonnen te corresponderen.

Charles G. Brinkley, schreef Jerry, sneuvelde op 27 januari 1945 bij Hosingen, Luxemburg. Hij was toen 25 jaar en net een maand aan het front. Zijn vrouw was zo ontdaan van het nieuws dat ze een herbegrafenis op eigen bodem niet aankon. Dus bleef Charles achter in het Belgische Henri-Chapelle, één in een lange rij witte kruizen. Zijn vrouw kwam de klap nooit te boven. Ze dacht dat Charles nog ronddoolde, in uniform, verward, door de bossen van Europa. „Misschien komt hij nog thuis”, hield ze vol, zelfs toen ze al jaren hertrouwd was. Ze had, naast haar twee dochters van Charles, nog een zoon gekregen: Jerry.

Toen Jerry met pensioen ging, besloot hij de geschiedenis uit te diepen. Hij ging op zoek naar ooggetuigen van de gebeurtenissen bij Hosingen. Dat was niet eenvoudig: ’t was een bloederige slag waarbij het overgrote deel van het bataljon was omgekomen. Van de overlevenden van toen waren er nog maar enkele in leven.

„Toen ik schreef dat het mogelijk was om graven te adopteren,” vertelt Sebastiaan, „vroeg Jerry of ik dat voor Charles wilde doen.” Veertien was hij, en hij had al het graf van een korporaal uit Brooklyn onder zijn hoede. Charles Brinkley was de volgende, later volgde nog een tweede kolonel. „Uit respect”, antwoordt hij plechtig op de vraag waarom. „Omdat zij stierven voor onze vrijheid.”

Als graf-adoptant rijdt hij zo’n vijf keer per jaar met zijn vader naar de graven. Rond hun sterfdagen legt hij er bloemen neer, en op Memorial Day. ’t Is een hele reis, van Hardinxveld-Giessendam naar Margraten, door naar België, en weer terug. Soms zitten ze vijf uur in de auto. Dat Jerry hem dankbaar was, wist Sebastiaan wel. Vanaf het begin had de oud-officier aangedrongen op zijn bezoek aan Kentucky. Toch was hij verrast door de vipbehandeling die hem de afgelopen tweeënhalve week te beurt viel. Eerst stond er een bezoek aan het kantoor van de gouverneur op het programma. Uit zijn koffer haalt Sebastiaan een oorkonde tevoorschijn met gekalligrafeerde letters. The honorable Sebastiaan Vonk, staat erop, is benoemd tot Kentucky Colonel. Het is de hoogste onderscheiding van de staat, die eigenlijk niet wordt uitgereikt aan mensen onder de achttien. „Ik ben de tweede in de geschiedenis voor wie een uitzondering wordt gemaakt”, zegt Sebastiaan trots. „De gouverneur heeft echt doorgezet.”

Daarna had Jerry hem meegenomen naar Fort Knox, de militaire basis. Daar was een ceremonie georganiseerd te zijner ere. Sebastiaan kreeg een plaquette en een vlag die op het Capitool in Washington had gewapperd. De pers was uitgerukt om hem te interviewen: lokale kranten, televisie. Majoors en kapiteins kwamen hem bedanken, vertelt hij, „sommigen met tranen in hun ogen”. Maar het meest hartverwarmend was de aanwezigheid van Charles G. Brinkley’s dochters. Die waren van heel ver komen rijden om Sebastiaan te ontmoeten. In Fort Knox kregen zij replica’s van de medailles die hun vader nooit had gekregen. „Ik denk dat het een soort afsluiting voor ze was”, zegt Sebastiaan. Zo lang hij leeft, heeft hij de oude dames beloofd, zal hij hun vaders graf blijven bezoeken.

Zie: www.sebastiaancollectie.nl