Mijn advies aan de Obama-clan: zwijg over Iran

Zeventien juli 2009 zal in de geschiedenis van het islamitische Iran niet gauw worden vergeten. Voor de eerste keer in bijna dertig jaar werd een vrijdaggebed massaal bezocht door het volk. En niet vanwege het gebed, maar vanwege de vrijdagimam, Ali Akbar Rafsanjani, de tweede man van het Iraanse regime. Het volk riep: Rafsanjani, je bent een verrader, als je vandaag zwijgt. Hij zweeg niet. Hij zei dat het regime in een ongekende crisis verkeert. Bovendien zou het regime zijn legitimatie verliezen wanneer de burgers massaal de regering niet vertrouwen.

Daarnaast riep hij de regering op om duizenden politieke gevangenen vrij te laten. Samenvattend: de politieke legitimatie van de republiek valt weg wanneer het volk het regime verwerpt. Het regime mist al bijna dertig jaar de nodige legitimatie. Nu wordt het alleen door het volk luid en duidelijk uitgesproken.

Ayatollah Yazdi, gesteund door andere ayatollahs van het regime, bekritiseerde Rafsanjani in zeer duidelijke theologische bewoordingen: het recht van de soeverein is niet gebaseerd op de mening van het volk: „Een islamitische staat wordt niet gelegitimeerd door het volk, maar door Allah.” Als Allah tevreden is, dan is het regime legitiem. Hoe weten we dat? Dat is niet zo moeilijk: Allah is tevreden als zijn wetten worden uitgevoerd en als naar het voorbeeld van zijn laatste profeet wordt gehandeld. Einde discussie. Ondertussen worden vele ayatollahs werkelijk bang van het volk en dus mopperen ze over de legitimiteit van de president.

Maar terug naar dat historische vrijdaggebed. In de afgesloten ruimte voor het gebed stonden uiteraard een paar honderd huurlingen van het regime. Daar werd, zoals elke week, geroepen: dood aan Amerika, dood aan Israël. Toen het volk buiten die ruimte de leuze had gehoord, riep het massaal: dood aan Rusland. U leest het goed: dood aan Rusland. Ook verbrandden de mensen een vlag van Rusland. Ze riepen: „Azadi-e andisj-e az pantje-re nemisj-e”(„de vrijheid van meningsuiting moet niet alleen maar uit het raam”). Ze doelden daarmee op het gebruik om ’s avonds vanuit ramen zelfgekozen leuzen te scanderen.

Ruim dertig jaar geleden verweet het Iraanse volk Amerika terecht grove inmenging in Iraanse zaken. De VS hadden in 1953 een staatsgreep georganiseerd tegen de liberale minister-president Mosadeq. Het was de eerste succesvolle CIA-operatie in het buitenland.

Maar wie hielden de afgelopen decennia het regime in stand? Internationaal gezien zijn dat Rusland en China. De Russische president was het eerste en hopelijk het laatste staatshoofd dat met veel enthousiasme Ahmadinejad heeft ontvangen.

Tijdens de verkiezingen hadden de Russen een waarnemer in Teheran. Hij verkondigde later in Moskou dat de verkiezingen in Iran extreem democratisch waren. De Russen onderschatten de intelligentie van de Iraniërs. Er gaan geruchten dat ordetroepen van Iran door Rusland bewapend en getraind worden. Volgens onbevestigde berichten zullen de Russen vanaf september de raketdivisie van de Revolutionaire Garde gaan trainen voor het hanteren van S-300-raketten die wellicht later dit jaar zullen worden geleverd.

Ik hou niet van leuzen in de vorm van ‘dood aan dit, dood aan dat’, en al helemaal niet van vlagverbrandingen, maar dat de Iraniërs zich tegen Rusland keren, is niet onbegrijpelijk. Als het aan het Iraanse volk ligt, worden de EU en de VS zijn partners, niet de Russen.

Niemand heeft de huidige ontwikkelingen zien aankomen, en dus had de Amerikaanse president Obama zich voorbereid om met de huidige machthebbers van Iran te gaan onderhandelen. Het Witte Huis was buitengewoon verrast door het volk. Want het volk vroeg waar Bush, ja die gehate Bush, ook om gevraagd had: een beter regime.

Ondanks alle waarschuwingen van deskundigen gaf Obama al tijdens de Iraanse verkiezingen vriendschappelijke signalen af aan de machthebbers. Het was een verbijsterende vertoning die Ahmadinejads positie versterkte. Tijdens de verkiezingsdebatten werd Ahmadinejad aangesproken vanwege zijn irrationele en agressieve internationale houding. Dit was immers een politiek kernthema: omgang met de internationale gemeenschap en het regionale terrorisme. Het antwoord van Ahmadinejad: „Niet waar, sinds mijn regering een hard en duidelijk beleid voert, willen de Amerikanen ons niet meer omverwerpen, en zelfs Obama geeft steeds boodschappen dat hij met ons wil praten.”

Dit is de enige waarheid die Ahmadinejad heeft uitgesproken. Volgens The Washington Times zou Obama een paar weken voor de Iraanse verkiezingen een vriendelijke brief hebben geschreven aan Khamenei. Het Witte Huis heeft dit niet ontkend, maar wil geen commentaar geven.

Na de onrust was Amerika terecht zeer terughoudend. Maar daarna, toen velen werden gedood en gearresteerd, zweeg Washington. Totdat de mediadruk groot werd naar aanleiding van de moord op Neda Agha Sultan, een filosofiestudente die in Teheran werd vermoord. Wat zei Obama? Het is onrechtvaardig, maar ik ben verantwoordelijk voor de nationale veiligheid van Amerika. De commentator van de Iraanse radio voegde eraan toe: ja, en Ahmadinejad is de president van Iran.

Elke dag kramen ze in Washington onnozele opmerkingen over Iran uit. Zo beweerde Clinton dat als Iran over nucleaire wapens beschikt, Amerika de Arabische landen gaat bewapenen. Zowel de Arabieren als niet-Arabieren waren boos op Clinton: de VS aanvaarden dus een nucleair Iran. En zo werd dit in Teheran ook weer als een overwinning van het gevoerde beleid gepropageerd.

Mijn advies aan de onervaren (of opzettelijk apaiserende) Obama-clan: zwijg over Iran, want wat u zegt, richt alleen maar schade aan. Obama heeft uitdrukkelijk afscheid genomen van zestien jaar idealisme (Clinton en Bush). Hij is een realist, ofwel iemand die de status-quo, hoe duivels die ook is, aanvaardt. Dat zien we in zijn houding jegens China, Rusland en nu ook Iran. Ondanks Obama is de boodschap van het getiranniseerde volk: yes we can, weg met de dictator!

Wilt u reageren op deze column? Dat kan via nrc.nl/ellian. Reacties worden openbaar na beoordeling door de redactie.