'Het nieuwe Gratis komt eraan'

Geld verdienen door dingen weg te geven, dat gaat de internationale economie ingrijpend veranderen. Althans, dat schrijft Chris Anderson, in zijn nieuwe – en gratis – boek.

Een gratis lunch bestaat niet, schreef de Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnaar Milton Friedman in 1975. Linksom of rechtsom, je betaalt altijd. Bijvoorbeeld via dure drankjes bij het eten. Maar volgens Chris Anderson, hoofdredacteur van het Amerikaanse technologietijdschrift Wired en auteur van de bestseller The Long Tail, bestaat een gratis lunch wel degelijk. Of in ieder geval een gratis snack.

In The Long Tail beschreef Anderson hoe de onlinehandel nichemarkten creëert en consumenten een ongekende keuze aan producten kan bieden. Het magazijn van de webwinkel is oneindig, want digitale schapruimte kost bijna niks. Zijn nieuwe boek – dat deze maand uitkwam en vorige week in het Nederlands verscheen – gaat een stap verder.

Anderson beweert in Free: Hoe het nieuwe Gratis de markt radicaal verandert, dat geld verdienen rond Gratis (met een hoofdletter) de toekomst van het zakenleven wordt. Hij schat de grootte van de wereldwijde ‘gratis economie’ – de waarde van producten en diensten waarvoor consumenten niet direct hoeven te betalen, maar waarvoor leveranciers wel betaald krijgen – op grofweg 300 miljard dollar (212 miljard euro).

Gelooft u echt in een gratis lunch?

„Die uitspraak van Friedman wordt vaak verkeerd begrepen”, zegt Anderson telefonisch vanuit San Francisco. „Hij bedoelde dat er altijd verborgen kosten zijn. Maar dankzij moderne technologie worden die verborgen kosten verspreide kosten. Iemand betaalt, maar jij waarschijnlijk niet. De kosten worden zo breed verspreid, dat wij ze individueel niet meer voelen.”

Fabrikanten geven al lang proefverpakkingen weg. Ze bieden twee producten voor de prijs van één. Adverteerders betalen de gratis krant. Hoe anders is het gratis van nu?

„Het gaat om het verschil tussen atomen en bits, tussen fysieke en digitale producten, tussen de economie van de twintigste en de eenentwintigste eeuw. Gratis in atomen moet wel een marketingtruc zijn. Zoals het gratis mobieltje bij een duur belabonnement. Maar in de digitale wereld zijn de kosten zó laag – de prijs voor een extra digitale kopie is nul – dat weggeven een optie wordt. Dat komt door drie essentiële technische ontwikkelingen. De rekenkracht van computers, digitale opslag en bandbreedte worden elk jaar de helft goedkoper.”

Velen zien u als iemand die vindt dat álles van waarde moet worden weggeven. Stoort u dat?

„Dat is de grootste misvatting van het boek. Ik heb het concept niet uitgevonden. Ik beschrijf alleen wat er gebeurt in de economie onder invloed van Gratis. Dat is niet vrijblijvend: het komt er echt aan. Bedrijven moeten nadenken hoe zij het enorme bereik dat je kan genereren door iets weg te geven, te gelde kunnen maken.”

Mensen willen wel betalen, schrijft u. Om tijd te besparen, risico’s te verminderen, of voor status. Wat is een goed voorbeeld van Gratis?

„De gamesindustrie heeft een verandering ondergaan van dozenschuivers naar onlineverdieners. Gebruikers kunnen computergames gratis spelen via internet, maar moeten betalen als ze zich gemakkelijker of sneller door het spel willen bewegen. Er is een hele economie ontstaan rond videogames op het web, waarin geld wordt verdiend met Gratis.”

En een slecht voorbeeld van Gratis?

„Eigenlijk elk bedrijf dat onderuit ging toen in 2001 de internetzeepbel barstte. Veel ondernemingen hadden toen geen idee waarom ze producten of diensten weggaven.”

Critici zeggen dat Gratis misbruik en verspilling in de hand werkt. Gratis kranten verdwijnen ongelezen in de oudpapierbak. Waarom besteedt u weinig aandacht aan die milieubezwaren in uw boek?

„Afval is niet echt een concept in de digitale wereld. Maar inderdaad, als je bijvoorbeeld gratis plastic zakken weggeeft, krijg je een probleem. Verspilling is een vervelende bijkomstigheid van de psychologie van het begrip gratis. Wij worden hebberig. Als je een gratis maaltijd kan krijgen, eet je vaak meer dan goed voor je is.”

U begon met uw boek in 2007. Heeft de recessie uw theorie over Gratis inmiddels beïnvloed?

„Het standaard bedrijfsmodel voor bedrijven op internet die geld wilden verdienen, was gebaseerd op reclame. Dat is nu voor een belangrijk deel weggevallen door de crisis. Wij moeten op zoek naar slimmere vormen. Google heeft de traditionele manier van reclame op internet – met banners en buttons – al revolutionair veranderd met hun kleine, zeer specifieke tekstadvertenties. De volgende stap is het ‘freemium’-model. Bedrijven bieden gratis een eenvoudige versie van hun product aan en wie een uitgebreide ‘premium’ versie wil, moet betalen. Skype doet dat bijvoorbeeld: iedereen kan gratis bellen van pc naar pc, maar wie naar vaste of mobiele telefoons wil bellen, moet betalen. Zo betaalt 10 procent van alle klanten voor de gratis diensten van de overige 90 procent.”

Dat is ook de manier waarop u uw boek aan de man brengt. Gratis in digitale vorm en tegen betaling op papier. Zouden alle boekenuitgevers dat moeten doen?

„Ze kunnen nog veel verder gaan. Wie mijn boek op papier koopt, zou alle digitale versies gratis moeten krijgen. In pdf, op de Kindle, als audioboek.”

Zullen de denkbeelden van de digitale wereld de fysieke samenleving verder beïnvloeden?

„Dat ga ik uitzoeken in mijn volgende boek. Dat moet onder meer gaan over ‘open source hardware’: kunnen we fysieke producten maken op dezelfde manier als we gezamenlijk software schrijven? Ofwel: zijn atomen de nieuwe bits?”

Een gratis, Nederlandstalige versie van het boek Free van Chris Anderson staat op www.nieuwamsterdam.nl