Bewustzijn? Denk mee

Soms heb ik er een tijd lang helemaal geen zin in, nadenken over wat het bewustzijn is en waar het vandaan komt. Het blijft toch allemaal speculatie. En als je er maar over door theoretiseert, voelt dat op een gegeven moment alsof je nog op een feest bent terwijl het gezellige deel van de avond voorbij is en het inmiddels ergens anders leuk is. Maar waar? We weten gewoon nog niet genoeg.

En dan lees ik ineens weer iets waardoor ik toch weer over het bewustzijn ga nadenken. Bijvoorbeeld over spiegelneuronen, hersencellen die zowel een signaal afgeven wanneer de eigenaar van die cellen iets doet, als wanneer diegene iemand anders hetzelfde ziet (of hoort) doen. Ze liggen ten grondslag aan empathie.

En het bewustzijn? Denk even mee. Ik ervaar, dankzij mijn zintuigen, een hele wereld om me heen. Ik ‘ervaar’ ook anderen in die wereld, en dankzij mijn spiegelneuronen merk ik iets van de wereld die zíj om zich heen ervaren. Maar de voorstelling die ik me daar door hun ogen van maak, is zo anders dan mijn eigen directe beeld van de wereld, dat ik me daardoor ook bewust word van mezelf, als afzonderlijk wezen. Dat is zelfbewustzijn. Het beeld dat ik me van de wereld vorm is mijn bewustzijn, en dan bestaat er ook nog een collectief bewustzijn: de ervaringen die verschillende mensen over de wereld hebben, opgeteld.

Allemaal speculatie, ja, wat weet ik er nou van. Dus toen ik laatst een spiegelneuronenonderzoeker sprak, vroeg ik hem ernaar. Ah, het bewustzijn, zei hij, het interessantste onderwerp dat er is! Jammer dat hij net weg moest! Op de paar e-mailtjes die ik er nog aan waagde, kreeg ik beleefde, steeds kortere antwoorden.

Begrijp ik best hoor. Ik heb ook van die periodes dat ik geen zin heb om over het bewustzijn te speculeren. Er begint er geloof ik net weer één.

In de zomerserie ‘Onkennis’ schrijven wetenschapsredacteuren over een opvallend gebrek aan kennis.