Bankiers alsnog schuldbewust

Gebruikt de financiële sector de steun van honderden miljarden die de samenleving geeft nu wel of niet om de kredietverlening op peil te houden? De steun is sinds najaar vorig jaar verleend om allereerst te zorgen dat het financiële stelsel overeind bleef, en bankiers de rest van de wereld niet meesleepten in hun val. Maar naast die acute dreiging was er een secundair belang. De kredietverlening aan consumenten en bedrijven mocht niet het slachtoffer worden van de problemen van het bancaire stelsel. De recessie zou er onnodig dieper door worden.

Gaat het geld inderdaad naar het op peil houden van de kredietverlening? Een deel van de Amerikaanse banken gaf het Tarp-geld, de honderden miljarden dollars die in de Verenigde Staten worden gebruikt om via de aankoop van in het ongerede geraakte bankbeleggingen het vermogen van banken weer op te krikken, uit aan overnames en bonussen, niet aan het verlenen van extra kredieten. Dat is een aanwijzing.

Houden de banken in Europa zich aan hun impliciete belofte? Een deel van de 422 miljard euro die de Europese Centrale Bank hun eerder deze maand uitleende voor een termijn van een jaar, werd bij diezelfde ECB weer op deposito gezet. Dat schiet niet op. De jongste cijfers over de geldhoeveelheid in de eurozone voorspellen weinig goeds. De ECB rapporteert een geldgroei van nog maar 3,5 procent op jaarbasis, het laagste cijfer sinds het begin van de monetaire unie in 1999.

Interessanter is de tegenhanger van de geldgroei: de kredietverlening aan de private sector, die weergeeft wat banken uitlenen. De groei van die kredietverlening is inmiddels gekelderd van 11 procent anderhalf jaar geleden naar nog maar 1,5 procent nu. Nu is er een recessie, dus geen wonder dat de kredietverlening matigt. En de ECB zei gisteren een ‘bodem’ te signaleren.

Maar analisten van de Duitse Commerzbank vonden volgens een door hen ontwikkeld model dat de groei van de kredietverlening toch 2 procentpunt lager is dan hij had moeten zijn. De oorzaak: extra verhoging van de eisen van banken aan hun debiteuren – zo’n beetje het motief dat de banken beloofden niet te hanteren. Die banken krijgen het in de publiciteit nog zwaar: de magere groei van 1,5 procent van de kredietverlening is op basis van een vergelijking met vorig jaar.

De opwaartse trend die in 2008 nog plaatsvond, garandeert al vrijwel zeker dat er een krimp van jaar op jaar van de kredietverlening zal worden gerapporteerd naarmate 2009 vordert. De bankwereld mag zich al vast schrap zetten voor de storm van kritiek die dan zal volgen.

Terecht of onterecht.

Maarten Schinkel