Gekrijs en bikkelharde gabberbeats

Aux Raus, The Darkraver en dj Promo staan op Lowlands.

Daarmee heeft hardcore ineens een prominente plek in de programmering gekregen.

Lowlands 2009. Foto's Martijn van de Griendt Griendt, Martijn van de

Het is zeven uur ’s avonds in Lloret de Mar. De man die in de jaren negentig onvermoeibaar gabberkreet ‘Hakkûh’ promootte, stapt net uit de douche. Steve Sweet (41), in hardcorekringen beter bekend als The Darkraver, is anderhalf uur geleden opgestaan. De komende zes weken heeft hij vrijwel dagelijks een dj-klus in Spanje. En elke dag komen bevriende dj’s daarna naar het appartement van The Darkraver in Lloret, voor nachtenlange afterparties.

Over gebrek aan aandacht, heeft The Darkraver niet te klagen. Hij draaide voor tienduizenden bezoekers die uitzinnig op en neer sprongen op massale dancefeesten zoals Thunderdome en Sensation. Maakte begin jaren negentig naam in hardcoremekka Parkzicht in Rotterdam. En scoorde vier jaar geleden een Top 5-hit met ‘Kom-tie Dan Hè’. Maar dat hij op Lowlands mag staan, is een teken dat hardcore na jaren eindelijk een geaccepteerde stijl is, zegt zijn manager.

De uitgeslapen dj doet er zelf wat laconiek over. Hij vindt het respectievelijk supercool en zwaar relaxt; voelt zich vereerd. Hij is zelf nog nooit op het festival geweest en is van plan vroeg te gaan om te kijken wat er allemaal voorafgaand aan zijn set te zien is. Wat hem betreft mogen ze hem ook een hele avond neerzetten voor het festivalpubliek. Hij zorgt wel dat het losgaat.

Trouwens, hij vond er zelf ook jarenlang weinig aan, die hele hardcore. Natuurlijk, toen het allemaal opkwam, wilde hij ook niets anders dan de hardste dj van Nederland worden. Snoeihard beuken; het was dansvloerterreur. Dat is jarenlang doorgegaan. Dj’s pompten maar door, stug en hard, zonder dat er nog een break voorbijkwam. Het was anti-vrouwelijk, zegt The Darkraver, een hengstenbal. Op den duur zag hij helemaal geen vrouwen meer om zich heen op hardcorefeesten. En, tja, hij is een vrouwenliefhebber.

Twee jaar geleden begon het wat te veranderen. De hardcore werd, hoe zal hij het zeggen, vrolijker; meegaander. De beats kregen melodieën en zang. Het werd muziek voor, al klinkt het gek, jong en oud. Het werd weer opgepikt; hij stond weer op de grootste feesten voor een breed publiek. En dat hebben zij bij Lowlands natuurlijk ook gezien…

Tot dat brede publiek behoort ook Jan-Willem Bouwman (61) uit Oss. Nou ja, er gaan dagen voorbij dat hij niet naar gabberpunk luistert. Heel veel dagen. Hij luistert liever naar Franse chansons en naar Paul Simon. En, zegt hij, dan is gabberpunk nogal heftig.

Maar hij heeft wel een favoriete gabberpunk-kraker. Die heet ‘Powder Powder’. Dat speelde Aux Raus, het gabberpunkduo van zijn zoon Luuk Bouwman en Bastiaan Bosma, twee jaar geleden tijdens een speciaal privéconcert voor hem in de huiskamer. In het filmpje daarvan is hun poes te zien. Dus nu moet meneer Bouwman aan de overleden poes denken wanneer hij dat nummer hoort.

Vroeger hield Luuk nog van Doe Maar, vertelt zijn vader. Pas op de middelbare school kwam hij terecht in de herrieachtige muziek, zoals Jan-Willem Bouwman het noemt. Hij is één keer naar een concert van Aux Raus gegaan. Eerst kwam Malle Pietje & The Bimbo’s. Dat vond hij al heftig. Maar Aux Raus ging daar flink overheen. Hij had vooraf een half uur wel kort gevonden voor een concert maar na de show begreep meneer Bouwman wel dat ze het niet veel langer konden volhouden. Vooral Bastiaan, die ging zo tekeer.

Die avond staat Bastiaan (29) op een podium in een gebouw op het Haagse industrieterrein Binckhorst. Hoewel ‘staan’ niet helemaal het goede woord is. Terwijl Luuk (31) met zijn lange haren zwiept en dissonant gierende gitaarklanken op de beukende gabberbeats krast, trekt Bastiaan legio verkrampte gezichten, krijst hij vol adrenaline teksten in de microfoon, stuitert hij energiek over het podium en laat hij iemand uit het publiek met een microfoon tegen zijn blote achterwerk slaan.

Luuk en Bastiaan doen niet moeilijk, zeggen ze voor de show. Die bikkelharde beats zijn vooral een eenvoudige vervanging voor een band; nu kunnen ze met zijn tweeën overal optreden. Ze hoeven maar in te pluggen en een cd’tje op te zetten en het feest kan beginnen. En Bastiaan vertelt dat hij zijn beats al jaren op dezelfde oude drumcomputer maakt. Hij wil niet uren aan een knopje draaien om een geluid te zoeken, of verstrikt raken in steeds weer nieuwe opties. Hij wil gewoon kunnen knallen.

Aux Raus en The Darkraver staan dit jaar voor het eerst op Lowlands. Het was Sebastian ‘DJ Promo’ Hoff (33) die vorig jaar de hardcore introduceerde op het festival. De eerste hit van dj Promo was een gabberversie van ‘Don’t Speak’ van No Doubt. Inmiddels zijn hij en Aux Raus getekend door het in hiphop gespecialiseerde platenlabel Top Notch. Dit jaar treedt Promo tijdens het festival op met Aux Raus en hiphopacts als Zwart Licht, Sef en The Opposites. Een mix van hardcore, verstoord gitaargeluid en hiphopritmes.

Dj Promo denkt dat hardcore inmiddels weer net zo populair is als in de jaren negentig maar dat het nu minder opvalt omdat een beeldbepalende trend als ‘kale-kop-met-Australian-trainingspak’ afwezig is. De scene houdt zich meer underground omdat men bang is voor weer een overkill. Maar bij optredens staat hij weer voor meer dan 20.000 man. Als 3FM zich zou bezighouden met het vertegenwoordigen van muziek in plaats van met ‘sponsoring en inkomsten’, zou hardcoremuziek volgens dj Promo gewoon weer in de hitlijst staan.

Het lukt Aux Raus de underground te ontstijgen omdat ze zoveel verschillende muziekstijlen combineren, denkt Promo, en daarmee een unieke sound creëren waarmee ze heel verschillende soorten publiek aanspreken. De gabberpunk van Aux Raus staat deze zomer onder een Mexicaanse telefooncommercial, ze traden op in Colombia, Spanje, Duitsland en Rusland en stonden in New York in het voorprogramma van de Oscar-winnende rapgroep Three 6 Mafia. Ooit gingen Bastiaan en Luuk een jaar Amsterdamse kraakfeesten langs; nu speelden ze op een exclusief hiphopfeest met mensen die joints draaiden van 100-dollar-biljetten.

Hiphop was vroeger ook gewoon muziek met harde beats om op te feesten, zeggen ze, en dat is wat ze maken: feestmuziek voor iedereen. Geen pretentieus pielwerk maar: twee jongens, cd’tje aan, en de handen de lucht in. Vroeger, toen ze in bandjes zaten, werden ze gek van alle gesprekken over welke stijlen ze moesten gaan spelen. Dat heb je niet met een drumcomputer. Het is ook niet zo dat ze zich voor een optreden enorm moeten voorbereiden. Ja, ze drinken bier.

Aux Raus wil ‘compacte, explosieve teringherrie’ maken. Luuk en Bastiaan hielden van de energie van gabber en techno maar misten daarin de popstructuur; op zo’n soundscape van tien minuten kun je wel dansen, maar het leek hen niets voor op een podium. Bij hun optredens op hardcorefestivals keken gabbers hen aan alsof ze krankzinnig waren geworden, met dat gekrijs en die gierende gitaren.

Maar ze wilden koste wat kost een eigen geluid creëren. Je moet geen band beginnen omdat je het tof vindt je een paar jaar de tering te zuipen, vinden ze namelijk. Nou ja, niet alleen daarom.

    • Saul van Stapele