Afspraak over lage prijzen is ook een kartel

De Mededingingsautoriteit onderzoekt of telers prijsafspraken maken. Belangenorganisatie LTO reageert verbolgen. De winst van de supermarkten blijft buiten schot.

Kan er een prijskartel voor paprika’s, tomaten, aubergines en komkommers bestaan op een moment dat de marktprijzen zich op een dieptepunt bevinden? De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) vermoedt van wel.

Nadat hierover berichten waren verschenen in agrarische media, erkende de NMa gisteren dat het bij telersverenigingen onderzoek doet naar prijsafspraken, dat wil zeggen afspraken over kunstmatig hoge afzetprijzen. Acht ondernemingen zijn door NMa-medewerkers bezocht voor het verzamelen van informatie en een groot aantal heeft een schriftelijk verzoek om het toezenden van informatie gekregen. In totaal zijn 65 medewerkers van de NMa op het onderzoek gezet.

De prijzen die telers voor hun tomaten, paprika’s en komkommers krijgen zijn lager dan ze de afgelopen tien jaar ooit waren, stelt boerenbelangenorganisatie LTO Nederland in een reactie. De prijzen liggen zelfs ver onder de kostprijs en veel bedrijven hebben dus financiële problemen.

„Telers vragen zich dan ook af of de NMa soms onderzoek doet naar afspraken over heel slechte prijzen, want anders begrijpen ze er niets van”, zegt Nico van Ruiten, voorzitter van tuindersorganisatie LTO Glaskracht. „De verdachtmakingen zijn een klap in het gezicht van de telers”, meent de tuindersvoorzitter.

De NMa start het onderzoek op het moment dat de Europese Commissie de rol van supermarkten in de voedselketen ter discussie stelt – onlangs nog wegens kunstmatig hoge prijzen voor melk – maar in het verleden heeft de Commissie al vergelijkbare actie ondernomen op het gebied van groenten en fruit.

Vorige week rapporteerde de Commissie dat de prijs die boeren voor melk krijgen sinds eind 2007 met 31 procent is gedaald, terwijl de winkelprijs slechts 2 procent lager is. Omdat prijsdalingen niet aan de consument worden doorberekend heeft de Commissie „serieuze zorgen” over de verdeling van de opbrengsten tussen boeren, industrie en winkelketens.

De zwakke positie van de producenten, de boeren en tuinders, tegenover de industrie en de supermarkten is vaker onderwerp van discussie. In januari van dit jaar constateerde het Landbouw Economisch Instituut (LEI) een grote discrepantie tussen de winstmarges die tuinders, handelaren en supermarkten behalen op tomaten, komkommers en andere groenten uit de kassen.

In de eerste zeven jaar van deze eeuw maakten tuinders maar één jaar winst. Supermarkten en handelshuizen behaalden daarentegen een stabiele nettowinstmarge van 2 à 3 procent per jaar. Drie inkoopcombinaties van supermarkten (Albert Heijn, Superunie en Schuitema) hebben driekwart van de markt voor verse groenten in handen, stelde het LEI.

Supermarkten „spelen goede ondernemers in de tuinbouw tegen elkaar uit” in een wereld waar alleen „het recht van de sterkste geldt”, concludeerde minister Gerda Verburg (Landbouw, CDA). „Er is wel zeker een marge, maar die marge wordt niet evenredig verdeeld”, meende Verburg. De winst is „niet terechtgekomen bij de leveranciers, maar vooral bij de supermarkt en de handel”.

Uit deze constatering trok Albert Jan Maat, voorzitter van de LTO, de conclusie: het wordt tijd dat de NMa de machtsconcentratie bij de supermarkten eens onder de loep neemt.

In plaats daarvan is de NMa echter op bezoek gegaan bij telers en hun samenwerkingsverbanden. „Ze willen notulen van vergaderingen en statuten hebben en ze hebben allerlei vragen gesteld over organisatiestructuren van telersverenigingen”, zegt Thijs Jasperse, voorzitter van drie losse samenwerkingsverbanden die telers van paprika’s, komkommers en aubergines sinds enkele jaren zijn aangegaan (respectievelijk de P8, K8 en A8 gedoopt) om hun marktpositie te versterken en op die manier een betere prijs te realiseren. Jasperse maakt geen geheim van deze bedoelingen. En hij hoeft dat ook niet te doen.

De versterking van dit soort samenwerking tussen telers is namelijk officieel beleid van de Europese Unie. In januari 2007 stelde de Europese Commissie al vast dat supermarkten een zwaar stempel op de markt van groenten en fruit drukken door hun hoge graad van machtsconcentratie.

De enige oplossing voor dit „structurele probleem”, aldus de Europese Commissie, is het verhogen van de organisatiegraad van telers en het versterken van de rol van deze telersorganisaties. Naar goed Europees gebruik heeft Brussel daar vervolgens ook miljoenen voor beschikbaar gesteld.

„Wij werken geheel volgens de wet”, zegt Thijs Jasperse dan ook. „We hebben de NMa zelfs regelmatig om advies gevraagd. We hebben ooit eens tien weken moeten wachten op een antwoord op een adviesaanvraag, waarop ze uiteindelijk besloten dat de NMa niet bevoegd was. En nu krijgen we dit. Een paar duizend ondernemers worden opeens in een kwaad daglicht gesteld.”