Mariinski sprookjesachtig goed in 'Sleeping Beauty'

Leonid Sarafanov als prins in ‘Sleeping Beauty’ Foto Natasja Razina Mariinski sprookjesachtig goed in ‘Sleeping Beauty’ Voorstelling Mariinski Ballet: The Sleeping Beauty. Gezien: 28 juli, Amsterdam. T/m 1 aug. Inl 0900-2525255, www.theatercarre.nl

Voorstelling Mariinski Ballet: The Sleeping Beauty. Gezien: 28 juli, Amsterdam. T/m 1 aug. Inl 0900-2525255, www.theatercarre.nl ****

Ook de derde voorstelling van het Mariinski Kirov Ballet is een must voor liefhebbers van klassieke dans. In Sleeping Beauty van Marius Petipa, op muziek van Tsjaikovski, staat het hele tableau op scherp: dit is immers het ballet waarmee vroeger de tsaar geïmponeerd moest worden. Stijl en techniek zijn belangrijker dan emotionele expressie.

Opnieuw valt op hoe toegewijd het corps de ballet is, gedisciplineerd en oplettend – wat op het toneel van Theater Carré wel moet, want dat is veel kleiner dan de Russische dansers gewend zijn. Soms is hun worsteling met de ruimtelijke beperkingen zichtbaar, en des te bewonderenswaardiger het behoud van lijnen en synchroniciteit. Ook de solisten moeten af en toe inhouden en bij Viktoria Teresjkina, die de rol van Aurora (Doornroosje) danst, is dat bijzonder jammer. Want wat een schitterende danseres is de 26-jarige principal: ze springt sterk en werkt exact, met heldere lijnen en plaatsing. Tijdens haar passen en sprongen is duidelijk te volgen hoe zij door de posities gaat – alsof alle facetten van een diamant worden getoond. En terwijl dirigent Michail Sinkevitsj het tempo soms flink opvoert, blijven haar variaties van een verbluffende articulatie en beheersing. Zelfs het beroemde Rozenadagio, waarin Aurora door vier huwelijkskandidaten wordt rondgedraaid terwijl zij en attitude op één been staat, is een visueel rustpunt, omdat in deze Beauty-versie van Konstantin Sergejev niet wordt halt gehouden voor een extra zelfstandige balans.

Zo zijn er wel meer verschillen met andere uitvoeringen, en waarschijnlijk ook met de oorspronkelijke Petipa-versie, al is dat bijna 120 jaar na dato moeilijk vast te stellen. Vermoedelijk werd er bij de première in 1890 niet zo fantastisch gesprongen als nu. Leonid Sarafanov (Prins Désiré) toont opnieuw dat hij over een fluweelzachte sprong beschikt, die bijna zonder landing, in een vloeiende lijn, overgaat in de volgende dansfrase. Daarmee compenseert hij ruimschoots zijn minder prinselijke voorkomen.

Jammer alleen van de overvloed aan roze tutu’s, de weinig geraffineerde decors en de vele, kanariegele pruikjes. Zou een repertoirestuk als Sleeping Beauty historisch minder interessant zijn als de mannen hun eigen haar mogen tonen? Vormgeving heeft geen prioriteit. Maar een groep die zo sprookjesachtig goed danst, kan zich dat nog veroorloven.

    • Francine van der Wiel