De ene bloemenkar is de andere niet

Ruzie op de bloemenveiling: een producent van bloemencontainers weigert op te draaien voor de onderhoudskosten van ‘nagemaakte’ containers.

Mag een bedrijf kosten in rekening brengen voor diensten die het niet levert?

Dat is het kernpunt van het kort geding dat ondernemer Kees van Vliet, verhuurder van transportsystemen, heeft aangespannen tegen het bedrijf Container Centralen, dat weigert zaken te doen met Van Vliet als deze niet onvoorwaardelijk alle eisen van CC slikt. Het geding diende vanmorgen voor de rechtbank in Den Haag.

Container Centralen lijkt een perfecte markt te hebben opgebouwd. Het bedrijf beheert een poolsysteem voor transportkarren waarvan vrijwel alle Nederlandse bloemenhandelaren gebruik maken. CC is voor 50 procent eigendom van de Vereniging van Groothandelaren in Bloemkwekerijprodukten (VGB). Op deze karren gaan bloemen van de veiling de vrachtwagens van de handelaren in. „De CC-containers zijn erg praktisch en besparen veel kosten”, zegt Herman de Boon, voorzitter van de VGB en lid van de raad van commissaris van CC.

„Er zijn handelaren die geen gebruik maken van de CC containers, maar van een eigen systeem gebruiken. Dat kan, maar het vergt een investering.”

Handelaren kunnen de karren onderling inwisselen, ofwel een volle inruilen voor een lege. Als een kar kapot is, zorgt CC voor het onderhoud. Gebruikers betalen daarvoor een onderhoudscontract per kar. Dat geeft problemen. Want wie controleert of een gebruiker een onderhoudscontract heeft? Wie controleert of een kar een echte CC-kar is? Een handelaar is goedkoper af als hij een paar imitatiekarren koopt en in omloop brengt. Na een paar transacties is niet meer te achterhalen waar die valse kar vandaan kwam. „We kwamen er achter dat ze zelfs in een gevangenis in België gevangenen kopieën van onze karren lieten maken”, vertelt De Boon.

Volgens Van Vliet zijn er inmiddels 1 à 1,5 miljoen vervalste karren in omloop die gratis meeliften in het onderhoudssysteem van CC waarvoor goedwillende ondernemers, als Van Vliet zelf, de kosten dragen. CC betwist dit cijfer en vermoedt dat het er hooguit 350.000 zijn, naast het aantal van 3,5 miljoen legale karren dat CC zelf in omloop heeft. CC erkent dat het illegale karren onderhoudt en weer in omloop brengt. „Het kan efficiënter zijn om elke kar gewoon te repareren, dan tijdrovend onderzoek te doen naar de echtheid van de kar”, zegt advocaat Pieter Nieuwland van CC.

„Wanprestatie”, zegt Van Vliet, want het onderhoud kost geld en dat moet worden opgebracht door ondernemers zoals hij zelf met onderhoudscontracten voor 350.000 CC-containers die hij doorverhuurt aan bloemenhandelaren. Over de periode 2007-2009 gingen de onderhoudskosten voor hem met 629.000 euro omhoog. Geld dat deels opgaat aan het onderhoud van illegale karren.

Van Vliet heeft onder protest betaald, maar bij de laatste bestelling bij CC stuurde CC een e-mail dat Van Vliet met alle kostenverhogingen in het verleden en in de toekomst akkoord moet gaan. Van Vliet weigerde, waarop CC niet langer zaken met hem wil doen. „Machtsmisbruik”, zegt Van Vliet, hetgeen hem inmiddels enkele honderdduizenden euro’s omzet heeft gekost.

    • Hans van der Lugt