Lance Armstrong, hork van de eeuw

Meniscus & Co is het land ingetrokken, beste luisteraar. We zijn neergestreken in Stiphout, waar straks de Tourwinnaar van 2009 de patatdampen zal doorklieven in een sterk bezet criterium. Hij staat hier naast ons, de Adelaar van Pinto, vers ingevlogen, en timide als altijd. Goede vlucht gehad, Alberto?

„Een beetje turbulentie, maar dat mag geen naam hebben.”

Mooi, u heeft uw gevoel voor humor hervonden na drie turbulente weken met Lance.

„Zo bedoelde ik het niet. Ik bedoelde gewoon turbulentie.”

Alberto, keren we even terug naar het huldigingspodium in Parijs. U kreeg daar wel een erg slap handje van ‘The Boss’. Wat waren uw gevoelens op dat moment?

„Een hand is een hand, ook al is die slap.”

U heeft gezegd dat u in het hotel bij de ploeg uw zwaarste momenten heeft gehad. Het siert u dat u niet in detail treedt, maar onze luisteraars willen er toch graag het fijne van weten. Werd u gepest door Lance?

„Pesten, wat is pesten. Aan tafel kwam het voor dat hij de kom spaghetti voor mijn neus weg griste en alles op zijn eigen bord kiepte. Misschien had hij gewoon meer honger dan ik.”

U zei daar niets van?

„Soms ging het verder. Hij liet me wel een beetje spaghetti, maar geen bolognesesaus. Wat moest ik ervan zeggen?”

Spraken jullie überhaupt met elkaar?

„Ik communiceerde via briefjes. Het ging zo: ik schreef een briefje, gaf het aan Johan Bruyneel, en die speelde het weer door aan Lance. Lance antwoordde op Twitter. Dat kwam uit het Engels vertaald in de Spaanse ochtendkranten terecht, waarop mijn lieve Macarena in Pinto ’s avonds de telefoon pakte om me een beetje bij te praten.”

Een omstandige methode van communicatie, lijkt me. U twittert zelf niet?

„Dat gedoe werkt me op de zenuwen. Ach, met Lance kun je alleen omstandig communiceren.”

U spreekt zijn voornaam bijna met eerbied uit, valt me op.

„Ik respecteer hem als hork van de eeuw.”

Heeft u dit ook in een briefje aan hem gemeld?

„Mijnheer van Meniscus & Co, u gaat er kennelijk van uit dat ik mijn privécorrespondentie aan de grote klok hang.”

Alberto Contador, u was de beste man van de Tour. Binnen uw eigen ploeg Astana hebben ze u tot excuses gedwongen, omdat u sterker was dan het teambelang. U werd gebruikt als muilezel om Lance op het podium te tillen.

„Ik zie dat anders.”

Op de Mont Ventoux bekommerde u zich uitsluitend om het lot van Lance, terwijl u met de vingers in de neus naar een mythische overwinning had kunnen fladderen.

„Hoe kon ik hem dieper krenken dan door over hem te waken op de mythische berg.”