Coalitie wint in Iraaks Koerdistan

De verkiezingen van afgelopen weekend in Iraaks Koerdistan zijn, volgens de verwachtingen, gewonnen door de regerende coalitiepartijen. Tegelijkertijd behaalde de oppositie aanzienlijk meer stemmen dan verwacht, wat kan leiden tot groeiende verdeeldheid binnen het autonome Koerdistan. De regering van Koerdistan is verwikkeld in een politiek conflict met de centrale regering in Bagdad over olie-inkomsten en interne grenslijnen.

Volgens onofficiële uitslagen heeft de zittende president van Koerdistan, Masoud Barzani, 70 procent van de stemmen gekregen tijdens de presidentsverkiezingen op zaterdag. Bij de gelijktijdig gehouden verkiezingen voor het Koerdische parlement behaalde de tweepartijencoalitie van Barzani’s KDP (Koerdische Democratische Partij) en de PUK (Patriottische Unie van Koerdistan) van Jalal Talabani, de president in de centrale Iraakse regering, 60 procent van de stemmen. De definitieve uitslag wordt later deze week verwacht.

De KDP en PUK domineren de politiek in het noorden van Irak al jaren, onder hun bewind is Koerdistan het grootschalige (sektarische) geweld bespaard gebleven dat andere delen van Irak teisterde na de Amerikaans-Britse invasie in 2003. Een nieuwe oppositiepartij, Gorran (Koerdisch voor ‘Verandering’), speelde bij de verkiezingen in op de onvrede onder veel Koerden over een gebrek aan hervormingsbereidheid en over corruptie binnen de coalitiepartijen. Gorran, dat bij de verkiezingen werd aangevoerd door een voormalige politicus van de PUK, rekent volgens eigen berekeningen op 25 tot 30 procent van de stemmen.

De centrale Iraakse regering van de shi’itische premier Nouri al-Maliki, die op gespannen voet staat met de Koerdische president Barzani, heeft de verkiezingen in Koerdistan als democratisch geprezen. De Verenigde Naties hebben zich positief getoond over het uitblijven van ernstige geweldsincidenten. De opkomst bedroeg bijna 80 procent.

De Koerden, eenvijfde van de Iraakse bevolking, eisen de zeggenschap op over de noordelijke oliestad Kirkuk. Zij verdenken premier Al-Maliki, een Arabische shi’iet, ervan de Arabische meerderheid daar te steunen tegen de Koerdische eis. (Reuters, AP)