Pieter Wispelwey geeft Bach woeste accenten

Klassiek Pieter Wispelwey, Cellosuites van Bach. Gehoord: 26/7 Concertgebouw Amsterdam. Radio 4: 28/7 t/m 4/8 om 13u. ****

Respect en ontzag voor de muziekgaan vaak gepaard met een lichte aarzeling. Neem de zes suites voor cello solo van Bach: die muziek vormt het fundament van de celloliteratuur en behoort tot het repertoire van elke cellist. Tegelijk staan de omvang en reputatie ervan een onbevangen benadering in de weg. De legendarische Rostropovitsj waagde zich pas na zijn zestigste aan een Bach-opname.

Pieter Wispelwey, voor de duivel niet bang, zette de muziek in 1990 juist op zijn allereerste cd en liet acht jaar later een tweede opname volgen. Een derde zal ongetwijfeld niet uitblijven. Wispelweys liefde voor de suites is zo groot dat hij ze bijna altijd integraal uitvoert. Zo’n Bach-marathon vond ook gisteravond plaats tijdens de Robeco Zomerconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw.

In tegenstelling tot leermeester Anner Bijlsma gaat Wispelwey met dit repertoire al net zo vrij om als met de verworvenheden van de barokke uitvoeringspraktijk. Zijn interpretaties worden steeds persoonlijker, met grote temposchommelingen en aarzelende rusten, gepaard aan een onrustige lichaamshouding die voortdurend hongert naar nieuwe inspiratie. Die risicovolle aanpak leidt tot een boeiend betoog. Zo kreeg de trage Sarabande uit de Tweede suite een zeer onstuimige aanzet, waardoor het verstilde einde des te aangrijpender klonk. Met gretige stemmingswisselingen en woeste accenten eerde Wispelwey vooral de aardse Bach, die tot zijn recht kwam in dansen als de Bourrée en Gigue.

In de Zesde suite stijgt Bach ten hemel, bijna letterlijk, met noten die het instrument eigenlijk te boven gaan. Wispelwey was gewoon die suite op een vijfsnarig familielid uit te voeren maar hield het gisteren bij de gebruikelijke vier. Een goede keuze, ondanks de hogere moeilijkheidsgraad: zo bewees dezelfde cello na al het gegrom ook te kunnen zingen als een engel. Als om dit nog te benadrukken liet Wispelwey in de zesde Sarabande aanvankelijk de onderliggende noten weg. Die curiositeit kan hij op zijn derde cd maar beter niet herhalen.

    • Floris Don