Philips' 'verboden stad' wordt Eindhovens tweede stadshart

Geen supermarkt, maar foodcourts. Geen etages, maar lofts. ‘Strijp S’ moet Eindhoven grootstedelijke allure geven. Derde deel van een serie artikelen over de toekomst van Nederland.

Philips' verboden stad wordt Eindhovens tweede stadshart. Illustratie Marike Knaapen Knaapen, Marike

Je ziet zand. Veel zand. Dikke kabels steken uit de grond. Op de hekken hangen bordjes met namen als ‘SWA’, ‘SBX’ en ‘SEU’ – afkortingen voor ingewijden. Eromheen staan fabriekspanden uit een industrieel verleden, sommige bruin, de meeste wit. Op een gebouw prijkt het oude Philipslogo. Eén pand is al half gesloopt.

Maar dat is niet wat Ton van Gool ziet. Als cultuurprojectleider van ‘Strijp S’ ziet hij de toekomst. „We projecteren lichtbundels naar de hemel zodat er een verlichte wolk boven hangt”, schetst Van Gool in zijn kantoor op de achtste verdieping van het SWA-gebouw, de oude glasfabriek. „Dan kan iedereen vanuit de wijde omtrek zien waar het tweede stadshart van Eindhoven ligt.”

Het oude Philipsterrein Strijp S bij station Eindhoven-Beukenlaan wordt omgebouwd tot ‘creatieve stad’, een ‘woon-, werk- en ontmoetingsplek’. Het prestigieuze project moet een ‘centrum naast een centrum’ opleveren. Het terrein van 27 hectare is een voorbeeld van ‘inbreiding’: door het dichtgroeien van stadscentra en het vrijkomen van fabriekspanden krijgen deze een nieuwe woon- of cultuurbestemming. Zoals aardewerkfabriek Sphinx in Maastricht en de Amsterdamse Westergasfabriek. Strijp S wordt groter.

Strijp S, vernoemd naar het oude dorp Strijp, moet een culturele magneet worden. Om uit eten te gaan, te winkelen in een van de tientallen designwinkels in het Veemgebouw. Of om naar een film te kijken in de Machinekamer. Op deze locatie moet het film- en theatercentrum Plaza Futura komen.

„Strijp moet Eindhoven de grootstedelijkheid geven die nu ontbreekt, zonder dat we de binnenstad leegtrekken”, vertelt cultuurprojectleider Van Gool. „Geen gewone supermarkt, maar foodcourts met eten uit de hele wereld. Ook de energievoorziening, de kunst in openbare ruimte en de woningbouw pakken we innovatief aan. Zo leveren de corporaties lofts en cascowoningen. Het wordt geen standaard vinexwijk.”

Dat is de toekomst. Maar Strijp S moet ook nu al ‘bewoond’ worden, stelt Thijs van Dieren, toezichthouder op de gebiedsontwikkeling. „Het Philipsterrein was de verboden stad. Je kon er alleen binnen met de juiste badge. Nu wil je dat er wordt geleefd. Het is dus goed dat er ondernemers zitten, dat er horeca is en een skatepark. Over een jaar of twee breken we de hekken af en komt er een busbaan door het terrein, krijgen we aansluiting met de stad.”

Tot die tijd is het pionieren voor de ondernemers die er nu zitten, weet ontwerpster Kiki van Eijk. Samen met haar partner Joost van Bleiswijk huurt ze een groot atelier in de Hoge Rug, waar radio- en tv-toestellen werden geassembleerd. De huur is laag, en er gaat weleens iets mis. Van Eijk: „Laatst waren de kabels kapot getrokken, hadden we twee maanden geen telefoon of internet.”

Van Eijk en Van Bleiswijk hebben een huurcontract voor vijf jaar. De gemeente wilde hen graag houden. De stad van de Design Academy wil ‘home grown’ -cultuur, zoals Van Gool het noemt. Zo trekt meubelontwerper Piet Hein Eek naar Strijp R, het aanpalende industrieterrein dat later wordt herontwikkeld.

Wel moet de gemeente volgens Van Eijk verder kijken dan vijf of tien jaar vooruit. „Kunst en cultuur moeten op Strijp S niet alleen als stoplap worden gebruikt zolang de nieuwbouw niet klaar is.”

Van Gool is zich daarvan bewust. Hij heeft een wensenlijstje met langlopende projecten die Strijp S een blijvend hoogstaand cultureel gehalte moeten geven. Daarop staat een Urban Sports en Culture Centre, waar skaten, boulderen, bmx-fietsen en urban culture samenkomen.”

Ook wil Van Gool de geest van het NatLab terughalen. In dit Natuurkundig Laboratorium was Albert Einstein te gast en gaf koningin Wilhelmina in 1927 haar eerste radiorede. Het cassettebandje en de cd werden er uitgevonden. „Zo’n laboratorium waar kunstenaars en wetenschappers elkaar inspireren, moet terugkomen. Denk aan een ‘art science lab’ en een lichtexpertisecentrum.”

Toen het Van Abbemuseum werd gevraagd op Strijp S een expositieplek te openen, wilde het museum dat niet. „We hebben al een expositieruimte”, vertelt adjunct-directeur Ulrike Erbslöh. „Maar de innovatieve aanpak spreekt ons erg aan. Zo kwamen we op het Glazen Depot. Een centrum voor productie en onderhoud van kunst waar bezoekers achter de schermen van het museum kunnen kijken. Zoiets bestaat nu nog niet in Nederland.”

Door de crisis loopt de nieuwbouw vertraging op en de ontwikkeling van het Veemgebouw, waar een hotel en designwinkels zouden komen, is uitgesteld. Van Dieren van Park Strijp Beheer: „De gemeente en provincie hebben stimuleringsmaatregelen toegezegd, maar we lopen nu ook twee jaar achter omdat het bestemmingsplan pas laat rond was. En de regelgeving is er niet op ingesteld om voormalige industrieterreinen tijdelijk bewoonbaar te maken. Dat kost allemaal extra tijd.”

Volgens cultuurprojectleider Van Gool heeft de crisis ook positieve gevolgen. „Het belangrijkste is dat we de exploitatie van de culturele functies rond krijgen. We moeten voldoende investeerders vinden. Daar hebben we nu extra tijd voor. En er is nu meer vraag naar goedkope, tijdelijke huur. Dat kunnen we bieden. In overvloed.”

Lees de eerste twee artikelen van deze serie op nrc.nl/binnenland

    • Jessica van Geel