Ja, Bernanke is zelf ook boos

Nog nooit vertoond: de baas van de centrale bank van Amerika praat rechtstreeks met ‘gewone’ Amerikanen over het uitblijven van economisch herstel.

Gewoonlijk praat Ben Bernanke alleen met president Obama, leden van het Amerikaanse Congres en topbankiers op Wall Street over abstracte zaken als werkloosheidscijfers, economische krimp en inflatie. Zijn gesprekspartners gisteravond in Kansas City waren minder hooggeplaatst: een jonge man die een jaar werkloos was, een sceptische bibliothecaris en een dame die zichzelf voorstelde als „moeder hier in de stad”. De vragen bleken ongevaarlijk: „Wat houdt uw baan eigenlijk in?” „Waarvan ligt u wakker?” „Waar kan ik het beste in beleggen?” En: „Wanneer is dit nou eens voorbij?”

Bernanke, voorzitter van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, ontmoette 190 inwoners van Kansas City, een strategisch gekozen stad in het geografische hart van het land. De centralebankier verantwoordde zich op soms ongebruikelijk emotionele wijze voor zijn rol in, volgens hemzelf, de grootste economische crisis „sinds de Depressiejaren, of misschien zelfs wel inclusief de Depressiejaren”.

Bernanke is zo „gefrustreerd” over de economie geraakt dat hij het drie keer zegt. En „boos” is hij ook, op banken die zoveel risico namen dat de overheid ze te hulp moest schieten. „Ik vind het net zo walgelijk als u.”

Voor het eerst in de Amerikaanse geschiedenis ging een centralebankier direct met burgers in discussie. Een paar minuten voordat de discussie begon, liep Bernanke nog even de persruimte met projectiescherm binnen – journalisten toelaten in de zaal zelf vond men geen goed idee. „Wow”, zei hij over de toegestroomde journalisten. Verder niks.

Vanwaar de ongekende transparantie? „Mijn doel is om eens met mensen te praten van buiten de Beltway [de ringweg rondom Washington, red.] om te horen wat zij denken en zo goed mogelijk uit te leggen wat er met de economie aan de hand is.”

Bernanke vecht voor vertrouwen Amerikanen

Het beste voorbeeld van de afstand tussen centralebankiers en transparantie komt van Bernanke’s voorganger, Alan Greenspan. Toen Greenspan net na zijn aantreden in 1987 één interview gaf buiten zijn verplichte, maar ondoorgrondelijke hoorzittingen in het Congres om, reageerden beurzen wereldwijd heftig op iets wat hij gezegd zou hebben. Greenspan voelde zich verkeerd begrepen en het werd weer decennialang stil.

De plotselinge openheid van Bernanke heeft drie redenen. Bernanke moet vechten voor zijn eigen baan. Bernanke moet vechten voor de onafhankelijkheid van zijn Federal Reserve. En Bernanke moet vechten voor het vertrouwen van Amerikanen in een economisch herstel dat maar uitblijft.

In januari loopt Bernanke’s eerste termijn af. De Republikein werd benoemd door president Bush en het is niet duidelijk wat Obama met hem wil. Hij heeft niet meer gezegd dan dat Bernanke „het prima doet onder moeilijke omstandigheden”. Sommige Republikeinen zijn kritisch vanwege de relatief forse rol voor de overheid die Bernanke opeist, sommige Democraten willen simpelweg eens een centralebankier uit eigen gelederen zien.

Bernanke zegt er niets over, maar praat wel hartstochtelijk over de onafhankelijkheid van zijn ‘Fed’. Een aanzienlijk aantal Congresleden dat teleurstelling is over de grote rol van de Fed wil de controle krijgen over het rentebeleid van de centrale bank – het voornaamste middel dat Bernanke heeft om de economie aan te jagen en af te remmen. „Politici hebben alleen maar zicht op de korte termijn. We móeten onafhankelijk blijven van het Congres”, zegt Bernanke bijna boos, want het rentebeleid gaat soms in tegen politiek gewin op de korte termijn. Inmenging zou desastreus kunnen zijn voor de economie. Dan volgt een halve verontschuldiging. „Ik word héél gevoelig van dit onderwerp.”

En dat was nog maar het antwoord op de vraag over wat Bernanke’s baan eigenlijk inhoudt. Er zijn ook vragen over het uitblijven van economische groei („daar werken we hard aan”), over de resultaten van de honderden miljoenen aan overheidsstimulering (daarvoor is het nog te vroeg), over de stijgende werkloosheidscijfers (dat gaat tot minstens eind volgend jaar zo door) en over de arbeidsmarkt voor schoolverlaters (die is ongekend slecht).

Bernanke laat zich nadrukkelijk van zijn menselijke kant zien. Hij zegt bijvoorbeeld dat hij zelf ook kinderen heeft die net klaar zijn met studeren. „Het is niet makkelijk: jullie hebben dit niet veroorzaakt. Maar wees flexibel. Accepteer ander werk dan je voor ogen had.”

Niet alle aanwezigen zijn zo makkelijk overtuigd van de goedheid van Ben Shalom Bernanke. De teleurstelling over de steun aan grote banken en het uitblijven van hulp voor kleine ondernemers wordt breed gedeeld. Als het verder allemaal zo erg is wat de grote banken deden, vraagt Bill Black, docent aan een lokale universiteit, „waarom zijn de bestuurders van die bedrijven die ons hierin hebben meegesleurd dan niet ontslagen?”

Crosby Kemper, de bibliothecaris, heeft ook zo zijn twijfels. De 3.000 miljard dollar die de Fed heeft uitgetrokken om de crisis te bestrijden zijn overdreven veel, hoe denkt Bernanke dat ooit weer terug te draaien? Komt vanzelf goed, legt Bernanke dan sneller uit dan de meeste aanwezigen het kunnen volgen. Kemper zelf denkt dat Bernanke „het volkomen verkeerd heeft”. Desondanks is hij tevreden. Kemper heeft namelijk een handtekening gescoord in het meegebrachte boek over de Grote Depressie dat Bernanke jaren geleden schreef.

De avond is niet geënsceneerd, benadrukt het actualiteitenprogramma The NewsHour with Jim Lehrer, dat het debat nog gaat uitzenden. Maar enige organisatie ging er wel aan vooraf. De gasten komen van speciaal hiervoor benaderde universiteiten, Kamers van Koophandel, autovakbond UAW en een lokale afdeling van de vrouwenbeweging League of Women Voters. Iedereen kon vragen indienen, maar het tv-programma selecteerde de veertig aanwezige vragenstellers. Volgens het programma en de Federal Reserve kende iedereen de onderwerpen, behalve Bernanke zelf.

Die is zichtbaar nerveus in zijn nieuwe rol als het gezicht van een voorheen ondoorgrondelijke en volgens enkelen zelfs geheimzinnige organisatie – hij blijft geregeld hangen op de juiste woordkeuze van een formulering. Ook schiet Bernanke soms door in het begrijpelijk maken van economische begrippen of wetmatigheden. Hij legt bijvoorbeeld uit dat stimuleringsfondsen voor infrastructuur ingezet worden voor „de bouw van snelwegen” en dat huisuitzettingen „slecht voor het hele land zijn, want een groter aanbod van woningen op de markt zorgt overal voor lagere prijzen”.

De centralebankier gebruikt de discussie die vanaf vanavond in drie delen in de VS wordt uitgezonden ook voor het aanbieden van excuses. „We waren laat met het opmerken van de problemen op de markt van subprime hypotheken”, en: „Wij weten niet wat we aanmoeten met de golf aan huisuitzettingen” (dit jaar nog eens drie miljoen gezinnen) „en daar zullen we terecht wat van horen”.

Alles wat hij wél heeft gedaan, deed hij met reden. Want wat er ook gebeurde, „ik zou niet de centralebankier van de Tweede Grote Depressie worden”. Slaapt u vanavond wel goed, vraagt gespreksleider Jim Lehrer dan. Bernanke knikt van wel: „Ik ben nogal moe.”

Lees een profiel van Bernanke en bekijk de uitzending van het debat via nrc.nl/economie.