Golfje van ster-met-planeet gefotografeerd

De planeet van de ster VB 10 werd ontdekt met de Hale-telescoop, die van 1948 tot 1993 de grootste telescoop ter wereld was Palomar Observatory Palomar Observatory

Astronomen van het Jet Propulsion Laboratory in Californië hebben gedurende twaalf jaar met een telescoop op aarde de beweging van een ster met een planeet gefotografeerd. En zo hebben ze voor het eerst laten zien dat die ster niet in een exact rechte lijn langs de hemel beweegt, maar ietwat golvend. (Astrophysical Journal, 20 juli).

Zo’n golfbeweging was wel eerder met een sensor van de Hubble Space Telescoop bij een andere ster waargenomen, maar die telescoop bevindt zich buiten de atmosfeer en heeft niet veel tijd voor dit soort waarnemingen.

Sinds 1995 zijn al meer dan 300 planeten bij andere sterren ontdekt. Geen enkele is echter echt gezien: hun aanwezigheid wordt afgeleid uit een periodieke variatie in de snelheid of helderheid van de ster. De nu toegepaste fotografische techniek werd al in de jaren zestig beproefd door de Nederlands-Amerikaanse astronoom Peter van de Kamp. Die beweerde ook twee planeten bij de Ster van Barnard te hebben gevonden, maar dat bleken later meetfouten. Ook bij andere sterren had deze fotografische techniek geen succes.

Fotografische platen blijken te ‘korrelig’ om de subtiele golfbeweging van een ster-met-planeet aan te tonen. Steven Pravdo en Stuart Shaklan gebruikten daarom een CCD-camera met een detector van 16 megapixels, geplaatst in het brandpunt van de Hale-telescoop in Californië. Daarmee volgden zij twaalf jaar lang de beweging van VB 10, een ster op een afstand van 20 lichtjaar in het sterrenbeeld Arend. Zo kwam uiteindelijk een golfbeweging met een periode van 9 maanden tevoorschijn: het effect van een planeet.

De amplitude van de golf bedraagt slechts 0,004 boogseconde: de dikte van een mensenhaar gezien vanaf een afstand van één kilometer. Daaruit volgt dat de onzichtbare begeleider zes maal zo zwaar is als Jupiter. De ster zelf is met zijn massa van 85 maal die van Jupiter één van de lichtste die men kent. Dat heeft de ontdekking van de begeleider vergemakkelijkt: zijn invloed op de beweging van de ster is dan relatief groot. En aangezien de meeste sterren licht zijn, zou deze CCD-techniek nog wel eens vele Jupiterachtige planeten aan het licht kunnen brengen.

    • George Beekman