De eenzame Europese strijd van Nederland

Nederland, ooit het braafste jongetje in de Europese klas, lijkt onder minister Verhagen het lastigste jongetje te worden. Na het nee tegen Servië is er nu het nee tegen IJsland.

Deze week was het IJsland dat op bijzondere wijze kennis maakte met de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Maxime Verhagen (CDA). Het waren voorzichtige bewoordingen, maar de telefonische boodschap aan zijn ambtgenoot in Reykjavik was er niet minder om: stemt het parlement van IJsland niet in met een overeenkomst om gedupeerde Nederlandse spaarders bij de failliete internetbank Icesave te compenseren, dan zal Nederland dwars liggen bij de door de regering van het eiland zo gewenste toetreding tot de Europese Unie.

Bij de aarzelende parlementariërs van IJsland hebben de woorden van Verhagen vooralsnog weinig indruk gemaakt. Integendeel. Het parlement besloot afgelopen donderdag de stemming over de omstreden terugbetalingsovereenkomst met Nederland en Groot-Brittannië uit te stellen tot volgende maand. De interventie van Verhagen werd afgedaan als een kwestie voor binnenlands politiek gebruik in Nederland.

Het was dan ook een ongebruikelijke stap van Verhagen. In de diplomatie wordt veelal gekozen voor de subtiele démarche. Maar de volbloed politicus Verhagen greep niet voor de eerste keer naar de megafoon. Het hoort bij het door hem geliefde onderhandelingsspel, dat hem op het Haagse Binnenhof als fractievoorzitter van het CDA bij andere politici zo berucht maakte.

Het telefoongesprek dat Verhagen begin deze week met zijn IJslandse ambtgenoot Össur Skarphédinsson voerde, werd onmiddellijk publiek gemaakt met een persbericht van zijn ministerie van Buitenlandse Zaken. Zodoende staat de minister sinds deze week niet meer alleen in Servië bekend als onbuigzaam, maar ook in IJsland.

Als gevolg van de harde houding van de Nederlandse minister is het de voormalige Joegoslavische deelrepubliek tot nu toe niet gelukt nauwere banden met de Europese Unie aan te knopen. Verhagen houdt deelakkoorden tegen, zolang Servië niet volledig meewerkt aan het in Den Haag gevestigde Joegoslaviëtribunaal. Daarbij gaat het vooral om de uitlevering van van oorlogsmisdaden verdachte personen als de Servische generaal Mladic, die in 1995 een hoofdrol speelde bij de massaslachting in het Bosnische Srebrenica, dat door Nederlandse militairen werd beschermd. „Eerst Mladic op het vliegtuig naar Den Haag voordat er verder met Servië over EU-lidmaatschap kan worden gesproken”, luidt de vaste zin van Verhagen.

Verhagen is er inmiddels aan gewend alle ambtgenoten over zich heen te krijgen. Vorige maand tijdens een overleg in Luxemburg was het ook al raak. Verhagen herhaalde zijn nee tegen het openzetten van de deur voor Servië, waarna hij, aldus een opmerkelijk openhartige Finse minister van Buitenlandse Zaken Alexander Stubb, „een artilleriebombardement” over zich heen kreeg. Er heerste er bij de overige ministers grote frustratie over de Nederlandse houding, die volgens Stubb, een partijgenoot van Verhagen, alleen maar kon worden verklaard door de bittere ervaringen in Srebrenica. „Ministers van Buitenlandse Zaken krijgen doorgaans geen psychotherapie, maar misschien zouden ze dat soms moeten doen”, zei Stubb tegenover Finse journalisten.

Als dit al een oplossing zou zijn, zou de voltallige Tweede Kamer in psychotherapie moeten. Verhagen weet zich in zijn afwijzende houding tegen Servië gesteund door het Nederlandse parlement, net als in de kwestie- IJsland.

Maandag komen de EU-ministers van Buitenlandse Zaken in Brussel bijeen. Het verzoek van IJsland om lid te worden van de Unie staat hoog op de agenda. Als eerste stap zal de Europese Commissie worden verzocht om een rapport op te stellen. Nederland zal zich hier niet tegen verzetten. Het nakomen van de betalingsverplichtingen in verband met de Icesave-affaire zou onderdeel kunnen uitmaken van deze rapportage, is de redenering in Den Haag.

De IJslandse aanvraag is in Brussel enthousiast onthaald. Eindelijk een land met een lange democratische traditie, dat zonder al te veel problemen aan de toetredingscriteria kan voldoen, is de gedachte. Al deelt Groot-Brittannië de zorgen van Nederland wel – er waren ook veel Britse spaarders bij Icesave. Maar de Britten zijn, anders dan de Nederlanders, nog altijd enthousiast over verdere uitbreiding van de EU.

Vóór uitbreiding zijn natuurlijk ook de nieuwe, Oost-Europese lidstaten. Wat hen betreft is IJsland welkom, als dat maar niet betekent dat er minder haast wordt gemaakt met de toetreding van de landen op de Balkan. Zo gaan er stemmen op om tempo te maken met de aanvraag van Albanië. Maar dat land heeft nogal wat problemen met corruptie en georganiseerde misdaad en biedt dus mogelijkheden voor minister Verhagen om binnenkort weer in verzet te komen. Goede kans dat ze hem daar straks ook kennen.

    • Jeroen van der Kris
    • Mark Kranenburg