Arbeid adelt toch écht

In de bundel Gebeden voor elk gezin staat dit: ‘De arbeid is een plicht die ons door God is opgelegd. Daarin ligt iets dat de mens zwaar valt als gevolg van de zonde. Maar ook geldt: arbeid adelt, want het werk kan ons geestelijk verrijken.’

Om die verrijking schijnt het te draaien. Geestelijk, maar wat mij betreft vooral financieel.

Een filosofiestudent past deze zen-wijsheid toe in zijn bijverdienbaantjes. ‘Als iets na twee minuten verveelt, probeer het dan vier minuten. Verveelt het dan nog, ga dan acht, zestien minuten of nog langer door.’

Hij werkte vol begrip voor de vele opbellers bij de Belastingtelefoon. Was daarna vuilnisman met zijn tengere lijf, samen met gespierde jongens van de gestampte pot die hem al na een dag aanspraken met professor. En nu? Drager van doodskisten, samen met vijf tengere medestudenten.

Daardoor loopt hij nu zeer verzorgd rond in stemmige kleding, bedrijfskleding van de zaak, en hij studeert weer. Op borrels noemt hij zich reisleider, wat iedereen zeer interessant vindt, totdat blijkt dat het om de ‘laatste reis’ gaat. Zijn ouders kunnen hun geluk niet op: arbeid adelt toch écht!

Wie niet werkt, zal niet eten, luidt een bekend spreekwoord. Daar moeten we sterker dan ooit rekening mee houden, want de samenleving gaat, gedwongen door de recessie en de tekorten, op de schop. De overheid draait de komende jaren allerlei voordelige regelingen terug. Bedrijven versoberen, worden overgenomen door buitenlanders of houden er mee op.

Door de verzorgingsstaat waait een gure wind, die nog jaren aan kan houden. Stel dat onze economie dan inzakt tot de omvang van vijf of tien jaar geleden, 2004 of 1999. Dat hoeft geen ramp te zijn, want toen waren we met zijn allen ook welvarend en gelukkig. Economische groei is voor een deel illusie, lucht die zo vervliegt. Daarom is het zo belangrijk om aan het werk te blijven. Denk daarbij aan deze tips.

1. Er zijn weinig smarten, hoe schrijnend ook, waarin een goed inkomen niet van nut is

Dit is een wijsheid van de Amerikaanse essayist en criticus Logan Pearsall Smith (1865-1946). Deze is vooral van belang voor mensen die over een wat langere tijd met pensioen gaan en daarna (misschien heel lang) moeten leven van hun AOW, pensioen(en) van de baas, lijfrentepolissen en eigen middelen.

De AOW (later ingaand) en die pensioenen kunnen flink tegenvallen, waardoor je bent aangewezen op eigen middelen als spaargeld, effecten, eigen huis en wellicht een nakende erfenis. Dus kan het geen kwaad om vanaf nu maandelijks een (flink) bedrag opzij te leggen voor later. Een eigen Levensreserve die de smarten kan verlichten.

2. ‘Luiaards, ga tot de mier’

Het verlangen naar rijkdom en een prettig leven is van alle tijden. Net als de angst om armoede te lijden. De (zeer) oude geschriften staan er vol van. Neem het Boek der Spreuken uit het Oude Testament: ‘Ga tot de mier, gij luiaard. Zie haar wegen en word wijs. Zonder leiders, aanvoerders of heersers slaat zij haar voorraden op tijdens de zomer, en verzamelt zij haar voedsel tijdens de oogst. Hoelang, luiaard, blijft ge daar liggen? Wanneer zult ge uit uw slaap ontwaken? Nog even slapen, nog even sluimeren, nog even met de armen over elkaar liggen, en de armoede zal u overvallen.’

In gewoon Nederlands betekent dit: Blijf wakker en steek je handen uit de mouwen. Denk en doe als een ondernemer en leid je geldbedrijfje doelgericht. Je moet dat zélf doen, ook als werknemer.

3. Een goede werknemer is nog geen succesvolle ondernemer

In tijden dat veel werknemers afvloeien, zie je een opleving van het fenomeen eigen baas en voor jezelf beginnen. Daarbij past een waarschuwing.

Je moet tientallen jaren achtereen in weer en wind de kost verdienen en daarom gezond en fit zijn en blijven. Je staat bijna overal alleen voor.

Vrijheid? Nee! Je bent de gevangene van je bedrijf, anders dan een werknemer die zijn leven lang in een warm bad poedelt en zich geen raad weet met zijn talrijke vrije dagen. Helaas komt die zure zijde van de ondernemersmedaille zelden in de publiciteit. Men praat en schrijft liever over de zoete zijde, om ondernemers in spe niet af te schrikken.

    • Adriaan Hiele