Afgezette president half uur terug in Honduras

De vorige maand afgezette Hondurese president Manuel Zelaya is gisteren na een symbolisch verblijf van nog geen half in zijn thuisland teruggekeerd naar Nicaragua. De Hondurese oproerpolitie zette traangas bij opstootjes met aanhangers die Zelaya verwelkomden en het ingestelde uitgaansverbod negeerden.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Hillary Clinton, veroordeelde in Washington de actie van Zelaya als „roekeloos”. Zij drong er bij hem op aan de bemiddeling van president Oscar Arias van Costa Rica te blijven accepteren. Arias zag afgelopen week verschillende pogingen afketsen op de weigering van het nieuwe bewind in Honduras. Dat heeft noch de steun van de internationale gemeenschap, noch die van de andere regeringen in Midden-Amerika.

Zelaya arriveerde per jeep bij de grensplaats Las Manos in Nicaragua en stak te voet de grens over. Met deze al dagen aangekondigde „vreedzame terugkeer” wilde hij duidelijk maken dat hij het ambt van president niet wil opgeven. Honderden aanhangers wachtten hem op bij een bord met ‘Welkom in Honduras’. Hij bleef, druk mobiel telefonerend, dichtbij de ketting die de grens markeert.

De tijdelijke Hondurese regering had gezegd Zelaya onmiddellijk te zullen arresteren zodra hij weer in het land zou komen, maar dat gebeurde niet. De afgezette president werd vergezeld door zijn minister van Binnelandse Zaken, Patricia Rodas, en de Venezolaanse minister van Buitenlandse Zaken, Ricardo Maduro. Met het Hondurese leger op enkele tientallen meter afstand, zei Zelaya dat hij niet verder ging uit „respect” voor het leger. „Ik ben niet bang, maar ook niet gek.”

De linkse Zelaya werd op 28 juni door het leger afgezet en Honduras uitgezet. Voor die dag had hij een referendum uitgeschreven dat de weg had moeten vrijmaken voor zijn herverkiezing. Zijn tegenstanders zagen daarin een poging zijn bewind illegaal te verlengen. Parlementsvoorzitter Roberto Micheletti volgde hem, met steun van het leger, op. (AP, Reuters)