De PVV wil afrekenen

Eigenlijk hoeven de Kamervragen van de PVV aan twaalf ministers naar de kosten en baten van niet-westerse allochtonen voor de rijksbegroting niet te verbazen. De partij is voorstander van een immigratiestop voor Turken en Marokkanen, een quotering van asielzoekers en een bouwstop voor islamitische scholen en moskeeën.

De PVV wil ook de ‘dominantie’ van de christelijk/ joods/ humanistische cultuur in de Grondwet verankeren. De partij stelt zich in de Tweede Kamer vijandig op tegen niet-westerse allochtonen, die consequent als profiteurs en overlastgevers worden weggezet. In dat opzicht verschilt de PVV niet erg van het Waalse Front National of het Vlaams Belang, anti-vreemdelingenpartijen waarvan er in Europa meer zijn.

Hooguit versterkt de uitzonderlijke reeks gedetailleerde vragen de indruk dat de PVV er niet voor terugdeinst om met hele groepen Nederlanders op basis van afkomst af te willen rekenen. Dat wordt niet veroorzaakt door de vraagstelling zelf, noch door de informatie die eventueel door het kabinet zal worden gepresenteerd. Er is immers al veel bekend over de relatieve oververtegenwoordiging van allochtone Nederlanders bij sociale armoede, schooluitval, werkloosheid, criminaliteit en gezondheidszorg. Die informatie is belangrijk, hoort ook in het publieke domein thuis en is waardevol voor toekomstig beleid.

De vraag naar kosten en baten van migratiebeleid mag gesteld worden. Welke kosten zijn er bijvoorbeeld gemoeid met de illegalenjacht en welke baten kunnen verwacht worden van liberale toelating? Ook een vrijer migratiebeleid kan immers nog selectief zijn, mensensmokkel ontmoedigen, arbeidsmarkten beter laten functioneren en welvaart verspreiden.

Dat de PVV echter letterlijk wil afrekenen, wordt ook gesteund door de talloze politieke uitingen van leden van de Kamerfractie. Dit vragenoffensief past in een politieke agenda waarin groepen in de samenleving glashard tegen elkaar worden uitgespeeld, op basis van etniciteit. Dat is het echte probleem.

Met de antwoorden op deze vragen zal ongetwijfeld worden getracht die confrontatie te versterken. Iedere keer dat dit gebeurt, is het een nieuw protest waard. In een democratische samenleving waarin iedereen gelijk is, spelen kosten en baten een ondergeschikte rol. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is in Nederland immers niet toegestaan. In de Grondwet staat nergens dat burgerschap afhangt van een batig saldo per individu.

Er zijn ongetwijfeld meer groepen aan te duiden waarvan de maatschappelijke kosten mogelijk de baten overstijgen. Alleen is een rechtsstaat geen onderneming, waar omzet, kosten en baten doorslaggevend zijn. Een moderne samenleving is ook een solidariteitsgemeenschap waarin lasten worden gedeeld, zorg voor zwakkeren op een goed peil is en vrijheid voor allen is gegarandeerd.