Chinese bedrijven geloven weer in de beurs

De beursgang van het grootste Chinese bouwbedrijf, China State Construction Engineering Corpora-tion, heeft in Shanghai 7,3 miljard dollar (5,3 miljard euro) opgebracht. Dat is een recordbedrag sinds het uitbreken van de mondiale crisis anderhalf jaar geleden.

De lucratieve beursgang van de onderneming, die het Olympische zwemstadion en CCTV-gebouw van Rem Koolhaas in Peking heeft gebouwd, wordt beschouwd als een nieuw teken dat in China de economische neergang goeddeels achter de rug is.

Analisten in Shanghai en Hongkong zijn van mening dat investeerders in China State Construc-tion stappen omdat ze verwachten dat het reusachtige bedrijf zal profiteren van de grote sommen geld die China investeert in infrastructuur om de economische groei te stimuleren. Steeds meer analisten verwachten dat de Chinese economie dit jaar met 8 en volgens sommigen zelfs met 9 procent zal groeien.

De beursintroductie van China State Construction moet het kapitaal opleveren voor investeringen in de verstedelijking van het Chinese platteland, met name in de westelijke provincies. Volgens een verklaring van de onderneming zal het kapitaal ook gebruikt worden voor investeringen buiten China.

China State Construction en de talrijke dochterondernemingen zijn in Afrika, Latijns-Amerika en het Midden-Oosten betrokken bij wegenaanleg, steden- en kantorenbouw. Vooral in landen waar Chinese staatsbedrijven grondstoffen winnen, is ook China State Construction actief.

Een absoluut Chinees record vormt de beursgang van de bouwonderneming niet. Die eer komt PetroChina toe, dat in oktober 2007 ruim 9 miljard dollar ophaalde. Wereldwijd zijn de beursintroducties van Chinese bedrijven goed voor 53 procent van het totaal aantal nieuwe beursnoteringen. Onder deze bedrijven bevindt zich een groot aantal staatsondernemingen en bedrijven van ministeries of het leger.

De beursgang van China State Construction valt samen met hernieuwd vertrouwen in de Chinese beurzen, inclusief die van Hongkong. De index van Shanghai steeg vandaag met 1,3 procent tot het hoogste niveau in 13 maanden. De investeerders in Shanghai, zowel de institutionele beleggers als de investerende gepensioneerden in de beleggingshuizen, zijn zeer actief op de Shanghaise beurs die sinds een jaar met 75 procent is gestegen tot 3372 punten. Deze opmars wordt geleid door energiebedrijven, met name steenkolenmijnen, en de grote Chinese banken.

Chinese bouw-, energie- en bankbedrijven trekken de Hang Seng Index van Hongkong omhoog. Even doorbrak deze index de grens van 20.000 punten. Dat was sinds de ondergang van Lehman Brothers, september 2008, in New York niet meer gebeurd.

De Shanghaise en Hongkongse media denken dat de grote en kleine investeerders van mening zijn dat de crisis voor wat Azie betreft voorbij is en dat het slechts een kwestie van tijd is voordat ook in de VS het tij keert.