Afrika's artistieke renaissance

ZAM Africa Magazine is een tijdschrift over kunst, cultuur en politiek in en uit Afrika.

De wijd uiteenlopende identiteiten van het continent komen erin samen.

„Een nieuwe generatie Afrikanen groeit op, met meer artistieke vrijheid, toegang tot alle informatie, en vooral veel talent”, zegt Bart Luirink, hoofdredacteur van ZAM Africa Magazine. Met zijn tijdschrift wil hij dit graag laten zien: een wereld waar zieligheid en afhankelijkheid niet aan de orde zijn.

ZAM Africa Magazine is een onafhankelijk tijdschrift over kunst, cultuur en politiek in en uit Afrika, in Nederland het enige in zijn soort. „We willen de complexiteit van het continent in al zijn facetten laten zien”, zegt Luirink via Skype vanuit zijn woonplaats Johannesburg. „De media schrijven – terecht – over problemen, conflicten en epidemieën. Maar daarnaast is er een heel andere wereld te ontdekken. Het talent van Afrikaanse schrijvers, fotografen, kunstenaars en modeontwerpers is weergaloos. We voeren eigenlijk een soort guerrillastrijd om markten open te breken voor jonge Afrikaanse kunstenaars. Niet omdat ze zielig zijn, maar omdat ze goed zijn. Omdat dit gezien mag worden.”

‘Born frees’, worden ze in Zuid-Afrika wel eens genoemd: de generatie die geboren is na de afschaffing van de apartheid. Jongeren die meer vrijheid hebben dan hun (voor)ouders en gemakkelijker in contact komen met invloeden uit de rest van de wereld. Je ziet het op straat in het modebeeld. ‘Apolitieke afropunks, compleet met wilde hanenkammen en enorme brillen, sokken opgetrokken tot aan de knie en vooral veel felle kleuren’, stond in het vorige nummer van ZAM over Zuid-Afrika.

Deze jonge generatie Afrikanen is talentvol, hip en vernieuwend. Ze hebben veel raakvlakken met jongeren in Rotterdam of New York. Die tendens heerst volgens Luirink niet alleen in Zuid-Afrika, maar overal. „In Nairobi in Kenia komt dat niet zozeer in de mode tot uiting, maar meer in dichtkunst en hiphop.”

De makers van ZAM gebruiken een netwerk van 300 Afrikaanse schrijvers en fotografen, en Nederlandse correspondenten. Maar kun je in één blad recht doen aan een heel continent met zoveel verschillende landen, identiteiten en culturen? „In Zuid-Afrika zie ik een explosie van experimenten in beeldende kunst”, zegt professor Wouter van Beek, hoogleraar religieuze antropologie aan de Universiteit van Tilburg. „Individuele kunstenaars die het met relatief weinig scholing heel goed doen. Maar Zuid-Afrika heeft altijd een belangrijke kunstscène gehad en een uitgebreide literatuur. Omdat er een markt voor is, gaat de ontwikkeling snel.”

De verschillen in de rest van Afrika zijn op dit gebied volgens Van Beek groot. „In West-Afrika, mijn voornaamste onderzoeksgebied, zie ik op dit moment weinig ontwikkeling en veel herhaling. Er is daar – helaas – vooral markt voor antiquiteiten en toeristenkunst. In muziek en dans, zijn ze wel altijd goed geweest. In Burkina Faso zijn films terecht populair aan het worden, hoewel we in de rest van de wereld weinig Afrikaanse films terugzien, door een zwaar Amerikaans monopolie.”

In het zojuist verschenen zomernummer van ZAM staat onder meer een verslag van het filmfestival FESPACO in Burkina Faso, naast een fotoserie over de hiphopcultuur in Brazzaville (Congo) en een verhaal over het toekomstige WK voetbal in Zuid-Afrika.

Volgens Luirink vindt er in Afrika op dit moment een soort artistieke renaissance plaats. Ongeveer vijftig jaar geleden woedde er de onafhankelijkheidsgolf over het continent. Daarna kreeg je de postkoloniale generatie van schrijvers en kunstenaars. Zij stonden helemaal in dienst van een nieuw Afrika, maar waren niet werkelijk vrij; veel regeringen waren corrupt. Luirink: „Het postkoloniale experiment heeft niet de democratie gebracht waar op gehoopt werd. Nu is er een nieuwe generatie opgestaan, die heel kritisch kijkt. Zowel naar hun eigen land, als naar het Westen.”

Colin Charles, oprichter van kunstfestival WAPI (‘Words and Pictures’) in Ghana, herkent die kritische blik. Hij maakt bezwaar tegen de typering ‘apolitieke afropunks’ die in ZAM staat; volgens Charles richten kunstenaars zich bij uitstek op de toekomst van Afrika. „Ons continent komt langzaam omhoog uit een gruwelijke periode van burgeroorlogen en economische catastrofes. Iedere Afrikaanse kunstenaar, modeontwerper of muzikant die ik tegenkom is sterk bezig met zijn Afrikaanse identiteit. Wat ik daarmee bedoel? Alle creatieve scenes, uit verschillende landen waar ik contact mee heb gehad, zijn zich zéér bewust van het effect dat hun werk zou kunnen hebben op de toekomstige geschiedenis van Afrika. Misschien nog meer dan de lokale politici zetten zij zich in voor vooruitgang en een positieve ontwikkeling richting vrijheid.”

‘Zuidelijk Afrika’ was de titel waar ZAM in 1997 mee begon. Het tijdschrift ging toen vooral over de antiapartheidsbeweging. In 2004 is Bart Luirink aangetreden als hoofdredacteur en heeft hij de koers veranderd: er moest meer kunst, literatuur, muziek en fotografie in. Want juist die artistieke renaissance kan Afrika misschien helpen om democratischer te worden. „Machthebbers realiseren zich steeds meer dat ze kunstenaars de ruimte moeten laten en jonge mensen maken daar gretig gebruik van.”

Volgens hoogleraar Van Beek kan kunst inderdaad een rol spelen in het omver gooien van regimes. Poëzie heeft een belangrijke rol gespeeld in de onafhankelijkheidsstrijd in Zuid-Afrika: de eerste bevrijders waren schrijvers en dichters. „Maar”, nuanceert hij, „daarna heb ik dat eigenlijk niet meer gezien. De meeste literatuur in West-Afrika is bijvoorbeeld nog steeds erg anti-koloniaal. Hoewel er best reden zou zijn voor literatuur tegen hun eigen heersers. Ik hoop dat die er komt.”

    • Pauline Bijster