Hier is een bedrijf het liefst goed op voorbereid

Steeds meer bedrijven sturen werknemers op een cursus omgaan met de media.

Een tijdje nadenken over de juiste reactie is er namelijk niet meer bij.

(Foto Fred Steenman, beeldbewerking Fotodienst NRC) WASSENAAR - Willem-Alexander, Maxima en hun kinderen Amalia, Alexia en Ariane poseerden vandaag voor de pers op het Wassenaarse strand. Foto Maxima op het strand met de fotografen Dijkstra bv

Geen powerpointpresentatie om er even in te komen. Meteen met een microfoon voor je neus voor de camera. Zo begint de mediatraining bij Pleon in Amstelveen.

Lang niet alleen directieleden leren tegenwoordig hoe ze met de pers moeten omgaan. Mediatrainers zien ook een toename van werknemers uit de lagere echelons van bedrijven die trainingen volgen. Waarom?

Frank van Vree, hoogleraar journalistiek en cultuur aan de Universiteit van Amsterdam: „Een belangrijke reden is dat bedrijven en (semi)publieke diensten zich steeds meer bewust zijn van de mogelijke schade van onhandig of verkeerd optreden.”

De trainingen zijn ontworpen om een bepaalde angst weg te nemen. Anja Verheij en Vries Strookman van Pleon zien cursisten inderdaad soms met „natte oksels” binnenkomen. „Ze vinden de pers eng.” De impact van een gesprek met een journalist kan groot zijn, legt Strookman uit. „Mensen denken dat ze een gezellig praatje met een journalist maken en realiseren zich niet dat later duizenden mensen dat zien of lezen.”

Wat ook meespeelt in de hausse van mediatrainingen is het internet. Dat heeft de media voor veel meer mensen dichterbij gebracht. En niet alleen dichterbij. Van Vree constateert dat met de opkomst van het internet ook de snelheid van het nieuws enorm is toegenomen. Een tijdje nadenken over de juiste reactie in een crisissituatie is er niet meer bij. Er moet vlug gehandeld worden om „het risico van imagoafbreuk te voorkomen.”

Voorbereiding op een mediaoptreden is het halve werk. „Formuleer van tevoren je kernboodschap”, luidt het advies van Verheij en Strookman. „Barack Obama spreekt alleen maar in zulke boodschappen.”

Trainers Verheij en Strookman laten ter illustratie een filmpje zien dat een NS-medewerker met zijn telefoon maakte. Hij filmde een muis die over rekken met afbakbroodjes in een stationssupermarkt wandelt. „Zo vertellen we wat één mobieltje met het imago van een bedrijf kan doen.”

Hoe moet een bedrijf vervolgens reageren op zo’n filmpje? Strookman: „Met dezelfde middelen: pak je mobiel en film hoe je winkel wordt schoongemaakt. Stuur dit naar de belangrijkste weblogs die schrijven over het incident Op deze manier zorg je voor snelle hoor en wederhoor.”

Het volgen van een mediatraining is niet altijd gebaseerd op angst. Minstens zo vaak willen bedrijven juist méér media-aandacht. Communicatieadviseur Veronique van Zanten noemt mediatrainingen ook wel ‘verteltrainingen’. „Je leert er bouwstenen te verzamelen om een goed verhaal te vertellen. Aan de pers, maar ook aan je buurman.”

Van Vree wijst op nog een andere motivatie. Hij noemt het „de behoefte van mensen om zich te ontwikkelen en aan nascholing te doen”.De mediatraining is daarmee verworden tot een van de trainingen of cursussen die je in de tijd van je baas kunt doen. Daarmee valt het in hetzelfde rijtje als de geheugentraining, presentatietraining, onderhandelingscursus, acquisitietraining en de cursus timemanagement.

Maar in één ding onderscheidt de mediatraining zich van andere trainingen: participerende journalisten zijn er meestal niet welkom. Trainers, op één na, wezen een verzoek van deze krant om een training bij te wonen af, of krabbelden terug. De meest gehoorde reden was dat de andere deelnemers het „toch niet zo prettig vinden als er een journalist bij was”.