Man stuurt, Vrouw staat klaar met het landvast

Deze zomer overnacht nrc.next wekelijks in een plaats die je op weg naar je vakantie alleen maar passeert.

De tussenstop wordt eindstation. Vandaag: Muiden.

Dinsdag 7 juli, 15.20 uur: fortwachter Maartje Terwindt op Pampus. (Foto Anke van Iersel)

De boten moeten door de sluis in Muiden, vanaf de Vecht naar het IJsselmeer en terug. De waterstand tussen het meer en de Vecht is verschillend, en dus moeten de boten in de sluis ‘geschut’ worden. Het is een populaire tussenstop: op een echt drukke, zonnige dag komen er zo vierhonderd boten langs, vertelt sluiswachter Hein van der Gun.

12.30 uur

Bij elke boot verloopt het ritueel hetzelfde. Man zit aan het roer, Vrouw staat klaar met het landvast, de lijn die om de bolder of door de ring op de kade moet. Man roept aanwijzingen: ‘iets losser, die lijn, schat. Ja, nu weer een beetje aantrekken.’ Het gebeurt bij de Danta uit Sneek, bij de Stormvogel uit Rotterdam en bij de Louise Frederique uit Rijpwetering.

Vandaag is een mooie dag. Ieder kwartier vaart een nieuwe lichting boten de sluis binnen, van motorscheepjes tot open zeilboten en jachten van langer dan vijftien meter. En dat betekent ieder kwartier nieuwe mensen voor je neus vanaf het terras van het Café Ome Ko.

Zijn terras, pal naast de sluis, is verreweg het beste plekje om het tafereel met de boten en hun bestuurders te bekijken. Het terras zit stampvol. De meeste stoelen staan naar de sluis gericht. Bruine, bezonnebrilde hoofden voorzien de voorbijgaande jachten van commentaar: „Boten zijn voor mensen met geld. Geld en dromen.”

14.20 uur

Een stop in Muiden is eigenlijk al geslaagd als het droog is en je een plekje op het terras hebt bemachtigd. Toch maar verder.

14.30 uur

Vanaf het Muiderslot – vanaf Ome Ko tien minuten wandelen langs het water – kun je drie keer per dag met een veerpont naar Pampus varen, het fort voor de kust van Amsterdam. De boot van busmaatschappij Connexxion vaart je langs het kasteel en langs enorme plezierjachten – de Koninklijke jachthaven ligt ook in Muiden. De meeste schepen die hier liggen, zijn dan ook koninklijk groot en chic. Gladgeschuurde, blank houten dekken, de zeilen spierwit en als nieuw.

Op Pampus wachten fortwachters Maartje Terwindt en Kris van de Voorde je op. Zij zijn de enige bewoners, samen met hond Julius en de schapen op de noordzijde van het eiland. Pampus is het enige bewoonde forteiland van Nederland, het werd in 1887 aangelegd in een zanderige ondiepte voor Amsterdam waarin regelmatig schepen vastliepen. Zij lagen ‘voor Pampus’, in wat toen nog Zuiderzee was.

Je kunt het fort zelf ingaan, met behulp van een boekje, maar leuker zijn de vrijwilligers die je het fort graag laten zien. Rondleider Cees van der Meer vertelt alsof hij zelf graag aan het einde van de negentiende eeuw geboren was: over de vier enorme kanonnen die binnen in het fort stonden. Dat ze 360 graden konden draaien en wel acht meter lang waren. „En moet je je voorstellen hoe het gestonken moet hebben, daar in die manschappenkamers.”

Alleen tijdens de Eerste Wereldoorlog was Pampus vol in bedrijf als fort, toen bood het eiland aan tweehonderd militairen onderdak.

17.00 uur

Om vijf uur vertrekt de laatste boot vanaf Pampus terug naar Muiden. Jammer, want het terras op het eilandje ligt vanmiddag uit de wind en in de zon. Een surfer die op het terras een colaatje heeft gedronken, springt weer op zijn plank. Fortwachters Kris en Maartje zwaaien het pontje uit.

18.30 uur

Muiden is zo klein dat er rond de sluis geen hotel, bed and breakfast of welke overnachtingsmogelijkheid dan ook is. De dichtstbijzijnde optie is Het Rechthuis, in Muiderberg. Ook gemeente Muiden en maar vier kilometer verderop, dus vooruit. En Het Rechthuis heeft wel een bijzonder verhaal: het is monumentaal erfgoed en was hulpkantongerecht voor het kantongerecht in Naarden. Later was Het Rechthuis de halte voor de stoomtram, die Amsterdammers naar het badplaatsje bracht toen het IJsselmeer nog Zuiderzee was.

Nu staat het gebouw bijna volledig in de steigers. De nieuwe eigenaren Hannelies en Hein van der Vliet kochten Het Rechthuis begin dit jaar om het te moderniseren. Je herkent nog net de bogen van de veranda, waar eens de wachtruimte was voor de tram. En de hoge lindebomen aan de voorkant staan er net zo bij als op een luchtfoto die in de gang van het hotel hangt. Een foto „uit de jaren zeventig”, schat Hannelies van der Vliet.

In september willen ze het hele hotel weer open hebben, maar tot die tijd kun je in het achterste gedeelte al prima overnachten. Van der Vliet krijgt doordeweeks zakenlui, in het weekeinde wandelaars en fietsers. Het is goed dat hier in de buurt weer een hotel komt, zegt ze. Veel oude gasten, Duitsers en Oostenrijkers, mailden direct om te reserveren toen ze hoorden dat het hotel weer open ging.

20.45 uur

De lucht boven de smalle strook strand van Muiderberg hangt vol felgekleurde vliegers. Tientallen kitesurfers scheuren heen en weer over het water. „Dé kitesurfplek van Nederland”, weten Victor en Ron te vertellen, twee voorbijgangers die ook naar het surfen komen kijken. Het is zo’n goede plek, omdat het water tot tientallen meters ondiep is – dat is gemakkelijker op je plank springen.

Weten Victor en Ron of in Muiden ’s avonds ook wat te beleven is? Ja, dat weten ze en nee, dat is er niet. Alleen op vrijdagavond, zegt Victor. „Bij Ome Ko, natuurlijk.”

09.50 uur

Een grote groep kinderen staat in de rij voor het Muiderslot, het kasteel dat graaf Floris de Vijfde liet bouwen in de dertiende eeuw, ter bescherming van zijn Graafschap. De kinderen dragen een harnas, gemaakt van stevig roze papier. Op de borst zijn helmen van glanzend zilverpapier geplakt. Sommige kinderen dragen ook een helm, van plastic goud. Op een bordje met een ridder erop staat: ‘Vanaf hier is de wachttijd nog ongeveer een kwartier.’

10.10 uur

De groep kinderen rent naar de ophaalbrug van het Muiderslot. Het kasteel is zoals kastelen zijn bedoeld: robuust met flinke torens en een brede gracht om het slot.

De eerste stop van hun speurtocht begint op de binnenplaats van het kasteel, maar de kinderen rennen gelijk door naar de trappen van een van de torens. Sommige kinderen hebben hun harnas alweer uitgedaan. Hun moeders dragen de helmen.