Landingsbaan Soesterberg blijft liggen

Defensie heeft Vliegbasis Soesterberg overgedragen aan de provincie Utrecht. Over tien jaar moet het terrein een combinatie zijn van huizen, natuur, cultuur en militaire nostalgie.

Verkeerstoren op Soesterberg. (Foto NRC Handelsblad, Leo van Velzen) Soesterberg, 16-06-09. Sfeerbeelden van het voormalig militair vliegveld Soesterberg.Toekomstig natuur- en bewoond gebied. Foto Leo van Velzen NrcHb. verkeerstorens luchtverkeersleiding torens luchtvaart Velzen, Leo van

Zeventien shelters telt vliegbasis Soesterberg en ze blijven allemaal overeind. De bombestendige hangars deden tot voor kort dienst als opslagplaats voor straaljagers. Straks worden ze gebruikt als atelier, schaapskooi of broedplaats voor vleermuizen en veldleeuweriken.

De betonnen shelters zijn metersdik. Sloop zou onbetaalbaar zijn, zegt projectleider Katja de Haan tijdens een rondrit over het voormalige militaire oefenterrein. Ze wijst naar een oude kerosineopslag op een duintop. „Dat wordt een uitkijkpost.”

Vliegbasis Soesterberg, geopend in 1913, is vorige maand door Defensie overgedragen aan de provincie Utrecht, voor een bedrag van acht miljoen euro. Een prikkie, vond toenmalig minister van Financiën Gerrit Zalm (VVD) in 2006, toen hij 380 van de 500 hectare van de vliegbasis in de uitverkoop deed. Defensie blijft eigenaar van de overige 120 hectare grond.

Tussen 1913 en 1994 vlogen op Soesterberg eerst alleen Nederlandse en later ook Amerikaanse piloten met hun straaljagers. De luchtmachtbasis vormde een geheel met het dorp Soesterberg. De Amerikanen hadden een sterke band met de dorpsbewoners – met veel ‘gemengde’ huwelijken tot gevolg. De invloed van de Amerikanen kwam in 1987 tot uiting in de opening van de eerste McDrive in Nederland, in het nabijgelegen Huis ter Heide.

De buurtbewoners eisten en kregen de afgelopen jaren inspraak op informatieavonden over de plannen voor de vliegbasis. Behalve de provincie Utrecht hebben ook Soest en Zeist – de gemeentegrens loopt dwars over de basis – en milieubewegingen zeggenschap. Het plan laat zich omschrijven als een combinatie van natuur, cultuur (concerten), recreatie (fietspaden), woningbouw en militaire nostalgie. De operatie zal tien jaar in beslag nemen.

De komst van ruim 400 woningen moet de hoge herinrichtingskosten compenseren. Aanvankelijk waren er 1.800 woningen gepland, want Soest wilde graag uitbreiden. Mede door verzet van Stichting Het Utrechts Landschap is er nog geen kwart overgebleven van het geplande aantal huizen.

Chris Bakker van de stichting is tevreden over het compromis. „De kommavlinder moet kunnen blijven vliegen en de heideblauwtjes moeten kunnen blijven groeien”, zegt de verdediger van fauna en flora. Wel blijft de 3,5 kilometer lange landingsbaan liggen. Bakker: „Dat is nostalgie. Daar moet je niet aankomen. Ik ben wel benieuwd hoe het er over tien jaar uitziet. Het zou me niet verbazen als de knalgele muurpeper bezit neemt van het asfalt. Dan verschiet die landingsbaan van kleur.”

Ook komt er op het terrein van de vliegbasis een nieuw nationaal Defensiemuseum, als vervanger van het Legermuseum in Delft en het Militaire Luchtvaartmuseum in Kamp Zeist. De nieuwbouw wordt in het gunstigste geval in 2013 opgeleverd. „We gokken op 200.000 bezoekers per jaar”, zegt Jan Kos van Defensie. „Iets meer dan de twee locaties nu samen trekken.”

De totale investering van de vliegbasis bedraagt 47 miljoen euro. Negentien miljoen daarvan gaat op aan afbraak van gebouwen en bodemsanering, bijvoorbeeld het opruimen van granaten. De koopwoningen moeten in 2015 worden opgeleverd.

Bart Krol (CDA) was eerst als wethouder van de gemeente Soest en nu als gedeputeerde van de provincie Utrecht belast met de nieuwbouwplannen. Hij erkent dat overheidsbegrotingen van grote projecten vaak duurder uitvallen dan begroot. „Als we in zwaar weer terechtkomen, moeten we allereerst aan kostenreductie werken. Daarna zou je kunnen denken aan opbrengstenverbetering, dus bijvoorbeeld meer dure woningen bouwen en minder goedkope.” Maar de gemeente Soest eist toch bij elke aanbesteding van nieuwbouwwoningen 40 procent sociale woningbouw? Krol erkent: „Dat zou een politiek gevoelige aanpassing zijn.”

Cees Berkhout (VVD) is wethouder in Zeist en net als gedeputeerde Krol een van de initiatiefnemers van ‘Soesterberg’. „Als we geld tekortkomen, moeten er misschien meer huizen komen. Maar we blijven binnen de afgesproken oppervlakte van vijftien hectare bouwgrond, nog geen 4 procent van het totale gebied.”

Berkhout roemt de inbreng van het Urban Land Institute (ULI) dat een „belangrijke adviserende rol” vervult. ULI is een wereldwijde organisatie voor landbestemming in stedelijk gebied. „We zijn ook in Engeland gaan kijken naar een soortgelijk gebied”, zegt hij. „Daar hebben ze veel industrie toegevoegd. Niks voor ons.”

Over de geplande afbraak van de omheining – hekken met prikkeldraad – lopen de meningen uiteen. Volgens projectleider Katja de Haan worden ze weggehaald als het terrein „hufterproof„ is. Volgens de wethouder van Zeist bestaat de kans dat het hek intact blijft. „We willen geen hangjongeren en ook geen crossmotoren.”

Eerder artikel en fotoserie op nrc.nl/binnenland