Systeem

De klaagzang over de crisis van het Nederlandse wielrennen in de Tour is pathetisch. De Tour zit al twee weken op slot, en dat kun je niet alleen Rabo-renners aanrekenen. Zou iemand de voorbije weken een schim hebben gezien van wereldkampioen Allessandro Ballan? Of van Tom Boonen, Daniele Bennati, Carlos Sastre, Fränk Schleck? Het hele peloton wordt gemangeld tussen de machtsblokken Astana en Columbia.

Ik begrijp de nostalgie wel. Vroeger had je elk jaar een ‘Hollands dagje’ in de Tour. Alreeds in de winter wist je: l’Alpe d’Huez is voor Rooks of Theunisse. De ploegentijdrit: sowieso voor het ‘Oostblok’ van Peter Post. Of nog: waar wind staat, zoeft Jan Raas als eerste over de meet. En dan was er natuurlijk Joop Zoetemelk: vaste schaduw van de natie in de bergen. Nederlandse successen in de Ronde van Frankrijk waren al even klokvast als stamppot, om 6 uur.

Nog vroeger begon en eindigde de Tour met een duel. Anquetil-Poulidor, Merckx-Ocana, Lemond-Fignon… Armstrong-Ullrich was al meer de ambiance van een tweestrijd dan een echt lijf-aan-lijfgevecht. De Tour is de laatste tien jaar helemaal verzakelijkt tot dogma’s van het systeemdenken. Eigenlijk zou Louis van Gaal nu de ideale man zijn voor de volgwagen van Rabobank. Dick Advocaat kan ook.

Mark Cavendish is een weergaloos sprinttalent, maar nog indrukwekkender is ‘de trein’ van Columbia. Ook een systeem, dus. Cavendish kan het makkelijk met een jump afmaken. „Zonder handen zelfs”, zoals een collega noteerde. De trein van Columbia is met Zwitserse precisie afgesteld. Niemand komt erin of komt ertussen. Dat we Tom Boonen en Oscar Freire nog niet gezien hebben in een massasprint ligt meer aan de koninklijke machinisten Eisel, Hincapie en Renshaw dan aan de rassprinter zelf. Freire beschikt niet eens over een wagon, laat staan over een locomotief. Het siert de ex-wereldkampioen dat hij die eenzaamheid ondergaat zonder lamento. Ik heb Oscar Freire, in al zijn kampioensjaren, niet één keer in verbale oppositie getroffen. Nooit eens woorden met koorts. Altijd even gregoriaans, in voorspoed en bij malheur. Het is een sereniteit die ik van geen andere kopman ken. Terwijl er toch weinigen zijn die met het palmares van Oscarito kunnen pronken.

Beschaving.

Iedereen klaagt nu dat de Tour zo saai is. Zou het? De verwachtingen waren hooggestemd voor het tussengebergte in de Vogezen. Speculaties waren grof geld waard: de Schlecks zouden gegarandeerd iets laten zien, op weg naar Colmar. Of Carlos Sastre. Wie weet Cadel Evans. De cowboys van Garmin: altijd goed voor vuurwerk.

Mooi niet.

Het werd de dag van Heinrich Haussler. In een vooroorlogse ontsnapping, in hondenweer. Solo. Is dat saai? Deze etappewinst was een Ronde van Vlaanderen waard. Maar kennelijk gelden in de Tour andere criteria. De Tour, anno 2009, gaat voor namen, niet voor heroïek an sich. Al helemaal niet voor hondenweer. De Ronde is nu eerder exercitie in snobisme dan in epos.

Foute boel.

Ook kleine helden verdienen respect en bewondering. Gisteren Heinrich Haussler dus. Maar ook de vrolijke bende van Skil-Shimano. Bijna dagelijks in de aanval, niet altijd even beredeneerd, maar wel met een groot hart. Ik zou bijna zeggen: Skil-Shimano: culturele revolutie in het Nederlandse wielrennen. Ook nog als belegen legende: wie kan vergeten hoe de betreurde Gerrie Knetemann de Amstel Goldrace won in het ‘rijtjeshuisplunje’ van Skil-Shimano? In hondenweer, zowaar.

Het is jaren geleden dat we over de radio nog eens de naam Koen de Kort hoorden schallen. In 2004, om precies te zijn. Toen de nu 26-jarige veteraan met Thomas Dekker de Grote Prijs Eddy Merckx won, een koppeltijdrit in het Brusselse over 43 kilometer. De tandem is uit elkaar gegroeid: Thomas ligt in de vernieling, Koen kon met moeite inbreken in een kleinere Nederlandse wielerploeg. In deze Tour staat hij er weer. Als vanouds: imponerend in hartstocht voor zijn vak.

Is dat saai?

Misschien voor de natie van Jan Peter Balkenende die meer in namen dan in prestaties denkt. Wereldmacht, tenslotte. Maar niet voor de pure wielerliefhebber. Die is blij met Koen de Kort, Albert Timmer en cultloser Kenny van Hummel. Dankzij Rabobank is Nederland nog steeds een wielernatie. Maar kinderen zwermen uit en willen dan liever charmeur dan pedaleur zijn.

Nou, bij Skil hebben ze alvast een dak boven het hoofd.