Oortjes?

Deze week was er veel te doen over de ‘oortjes’ in de Tour de France. Hoe zit het met het gebruik van dit communicatiemiddel bij andere sporten en zijn de technische ontwikkelingen te stoppen?

Jan Lammers, voormalig Formule 1-coureur: „In de Formule 1 is het nooit een heikel punt geweest. Zelfs op het laagste niveau van de autosport worden communicatiemiddelen gebruikt. Ik denk niet dat je de ontwikkelingen kan tegenhouden. Maar je zou zonder kunnen in de autosport. Als het voor iedereen gelijk is, maakt het niet uit. Belangrijkste is dat het publiek het allemaal kan volgen.”

Jurgen van den Goorbergh, oud-wegracer: „In de motorsport was communicatie met de pits eerst verboden. Een aantal jaren geleden werd het goedgekeurd, maar niemand maakte er gebruik van. Ik heb me er wel eens mee beziggehouden, maar ben er nooit daadwerkelijk mee gaan rijden. De snelheden liggen veel te hoog en je bent veel te geconcentreerd op het racen. Ik zou het niet kunnen. Dat er gezegd wordt: nu pushen, pushen. Dat gaat niet werken. Bij motorraces kun je ook veel zelf waarnemen.”

Henk Jacobs, eigenaar van Jacobs Breda Electronics, leverancier van communicatiemiddelen voor de sport: „Bijna alle ploegen in de Tour rijden met onze communicatiemiddelen. De technologie kun je niet tegenhouden. En je kunt ook niet terug in de tijd. Het lijkt mij een goed idee om de kanalen open te zetten, zodat iedereen voor de tv mee kan luisteren. Dan krijgen we meer mee van het ploegenspel. In de Formule 1 gebeurt dat soms ook.”

Silvio Diliberto, oud-profvoetballer en voormalig kicker van American Football-club Amsterdam Admirals: „In het American Football staat alleen de quarterback (spelverdeler, red) in contact met de hoofdcoach, die ook communiceert met coaches op de tribune. Slechts bij een spelhervatting geeft de hoofdcoach iets door aan de speler. De coach bepaalt voor 99 procent wat er gedaan wordt bij een play. In het American Football is het oortje niet meer weg te denken.”

Maurice Paardenkooper, zeilcoach: „In het zeilen is het heel makkelijk: er wordt geen assistentie van buitenaf toegestaan. Geen gebaren, geen oortjes. Bedoeling hiervan is dat de zeilers zelf beslissen.”

Erik Braal, coach van West-Brabant Giants uit Bergen op Zoom: „Tijdens de time-outs kunnen wij met de spelers praten. Dus in het basketbal hebben we geen oortjes nodig. Een trend is wel dat de videobeelden uit de eerste helft geanalyseerd worden in de rust. In de NBA is dit al gebruikelijk. Wij willen er in de toekomst ook mee werken.”

Teun Breedijk, marathoncoördinator schaatsbond (KNSB): „Op kunstijs zijn de oortjes niet toegestaan, op natuurijs wel. Zo’n tien jaar gelden deed het zijn intrede. Er wordt volop gebruik van gemaakt, in de A-divisie door zo’n 80 procent van de marathonrijders. Zoals afgelopen winter bij de NK op de Oostvaardersplassen. De schaatsers hebben contact met de ploegleider, die ergens langs het parcours staat. Er wordt vooral gesproken over de tactiek en de rijders.”

Marc Lammers, voormalig bondscoach Nederlandse vrouwenhockeyploeg: „Bij het WK van 2002 hebben wij in het geheim met oortjes gespeeld. Ik gaf er alleen de variant voor de strafcorner mee door. Ondertussen gebaarde ik andere tekens, waardoor de tegenstander er helemaal naast zat. Zij kenden mijn tekens namelijk door videobeelden. Een fotografe kwam erachter en het werd verboden door de internationale hockeyfederatie, vanwege de creativiteit van de spelers. Ik zie de oortjes nooit meer terugkomen in het hockey.”

Bert van Oostveen, directeur bedrijfsvoering KNVB: „Een vraag over het gebruik van oortjes door de spelers is nooit tot ons gekomen. Of het mag? In algemene zin geldt dat een speler niets mag dragen dat anderen kan verwonden. Ook is de FIFA redelijk huiverig voor het gebruik van elektronische hulpmiddelen. Wel werken scheidsrechters met een headset en communiceert de technische staf met stafleden op de tribune.”

    • Steven Verseput