Nieuwe titanen rijzen op uit puinhopen Wall Street

De zakenbanken maken weer flinke winsten en lobbyen voor minder regels. Gewone banken lijden onder de recessie en komen juist verder onder het juk van Washington.

Vier grote banken, vier keer winst. Het lijkt wel of de bankencrisis voorbij is.

Maar tussen de reuzen onder de Amerikaanse banken tekende zich deze week een groot onderscheid af. Als eersten rapporteerden zakenbank Goldman Sachs en JP Morgan Chase over het eerste halfjaar van 2009 sterke winstcijfers. Gisteren volgden Citigroup en Bank of America. Ook zij maakten winst. Maar Citigroup streek miljarden op voor de verkoop van beurshandelaar Smith Barney en Bank of America voor de verkoop van een belang in een Chinese bank. Reken die even niet mee en de twee banken die voor deze crisis de grootste van de VS waren, schreven weer rode cijfers.

Elke crisis heeft winnaars en verliezers. Zo ook deze.

Goldman Sachs en JP Morgan Chase hebben de staatssteun die zij vorig jaar – daartoe gedwongen door de regering – ontvingen, alweer terugbetaald. Zonder de staat als mede-eigenaar durven zij de lobby in Washington weer op te voeren. Ze willen voorkomen dat ze door te strakke regels in hun doen en laten worden beperkt, ze willen ook weer hoge beloningen kunnen uitkeren. De winnaars hebben hun branie terug.

De verliezers moeten slikken. De regering in Washington DC versterkt zijn greep op Citigroup, dat in totaal voor 45 miljard dollar aan overheidssteun in de vorm van kapitaalinjecties en garanties heeft gekregen. Vorige week moest een aantal bestuurders op instigatie van de regering vertrekken. Citigroup staat onder curatele.

Dat geldt ook voor Bank of America, bleek uit publicatie van delen uit een memorandum in The Wall Street Journal gisteren. Uit dit document, dat dateert van mei, blijkt dat de overheid ook bij Bank of America aandringt op vervanging van bestuurders. Het risicomanagement en liquiditeitsbeheer moeten ernstig verbeterd worden, anders wordt er ingegrepen bij de bank die voor 35 miljard aan steun heeft ontvangen.

In tegenstelling tot deze banken, die veel verschillende activiteiten onder hun dak hebben verzameld, komt een pure zakenbank als Goldman Sachs verrassend snel de crisis te boven. Die opleving komt al een jaar nadat de zakenbanken diep in de problemen kwamen en het hele financiële systeem mee de afgrond dreigden in te sleuren door hun riskante handel in kredietderivaten. Bear Stearns, de nummer vijf in de markt, ging bijna ten onder en werd opgeslokt door JP Morgan Chase. Lehman Brothers ging failliet. Merrill Lynch overleefde slechts door een overname door Bank of America. Goldman Sachs overleefde als enige grote zelfstandige zakenbank de crisis. Het model van de Amerikaanse zakenbank leek kapot.

De ironie is dat juist de zakenbankdochters binnen de grote universele banken nu voor een opleving zorgen. Het geldt voor JPMorgan Chase, voor Citigroup en voor Bank of America . Hun handelsafdelingen zorgden in de afgelopen maanden voor een winstbijdrage van miljarden. Deels door hun werk voor de financiële sector zelf. Na de stresstesten door de Amerikaanse overheid moesten veel banken aan nieuw kapitaal komen. Ze pleegden emissies, waarbij de zakenbanken adviseerden en de verkoop van nieuwe aandelen begeleidden.

De handel in aandelen en obligaties leefde bovendien de afgelopen maanden sterk op. Met flink schommelende koersen was er veel geld te verdienen voor handelaren die voor eigen rekening en risico van de bank handelden. Aan de hoeveelheden kapitaal die zakenbanken daaraan mogen wagen wil de overheid nog grenzen opleggen, maar ze is daar niet aan toegekomen. Dat bevoordeelt de banken die diepe zakken hebben. Deze kunnen ook makkelijker de lucratieve garanties uitschrijven op de uitgifte van nieuwe aandelen en obligaties, wat veel bedrijven moeten doen om hun penibele financiële situatie te verzachten.

De verliezen bij banken komen uit de leningen aan consumenten en bedrijven. Zij vrezen voor een oplopend aantal consumenten die hun hypotheken, hun creditcard- en andere consumentenleningen niet meer terug kunnen betalen en hebben stroppenpotten van tientallen miljarden aangelegd voor als de crisis zich verder verergert. Kleinere Amerikaanse banken gaan nog steeds failliet door deze problemen.

Die ellende bij kleinere branchegenoten voorkomt niet dat Goldman Sachs, dat geen leningen verstrekt aan consumenten en bedrijven, voor zijn eigen bankiers in het tweede kwartaal 6,65 miljard dollar opzijzette aan salarissen en bonussen. De gemiddelde werknemer zou zo 900.000 dollar op jaarbasis opstrijken, de hoogste bazen en sterhandelaren weer enige tientallen miljoenen.

Kort na de redding van banken met vele overheidsmiljarden, is dat volgens critici nogal wrang. Voormalig minister uit de Clintonregering Robert Reich (en auteur van de bestseller Supercapitalism) schreef deze week op zijn blog dat het succes van Goldman Sachs veel banken snel weer op het pad zal zetten om risicovolle spelletjes te spelen. Hij zei dat de zakenbank als vanouds weer volop met geleend geld aan het speculeren is.

Reich waarschuwde ook dat Goldman Sachs weer zal proberen de politiek te beïnvloeden. In stilte, want daar is de bank al jaren succesvol mee. Concurrent JP Morgan deed het deze week na bekendmaking van de goede cijfers openlijker. Topman Jamie Dimon leverde kritiek op de plannen om het moeilijker te maken om rente op creditcards te verhogen en om de handel in kredietderivaten strakker te reguleren.

Juist die handel veroorzaakte de uitbraak van de crisis. Maar dat is als de winsten oplopen, blijkbaar weer snel vergeten.

    • Daan van Lent