Hete soep met stenen

Nederland, Rotterdam, 02-07-09 Michiel van Nieuwstadt. © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

De plaattektoniek die beschrijft hoe continenten over de aardbol trekken is de basis van de geologie. Maar niemand begrijpt precies waardoor ze bewegen. Vast staat dat die continenten jaarlijks centimeters verschuiven langs de buitenkant van de aardbol. Dat blijkt uit satellietmetingen. Continenten kunnen scheuren als een krant – uit de breuklijnen groeien oceanen. En bij botsing kunnen ze opfrommelen als slecht gelegd tapijt – bergen ontstaan in de kreukelzone.

Uit leerboeken en populair wetenschappelijke teksten ontstaat de indruk dat aardwetenschappers wél goed begrijpen wat de continenten voortdrijft. Ze schetsen een karikatuur van stugge stenen continenten die drijven op de aardmantel, een drieduizend kilometer dikke stroperige steenlaag.

Deze convectiestromingen van heet gesteente in de mantel worden vergeleken met de bewegingen in dikke soep op een vuurtje. De hete aardkern, het vuurtje, warmt het gesteente op en dat welt omhoog, als warme soep in een pan. Als het gesteente afkoelt wordt het weer dichter, dus zwaarder. Het zakt naar beneden.

Maar als je wetenschappers spreekt en publicaties leest, dan blijkt dat de soepmetafoor niet klopt. Seismologen hebben de laatste jaren ontdekt dat niet het warme gesteente opstijgt, maar gesteente met weinig betrekkelijk zware elementen, zoals ijzer. Grote delen van de aardmantel komen zelfs helemaal niet in beweging.

Wetenschappers kunnen dat zien, omdat seismometers al eeuwenlang bijhouden waar en hoe de aarde schudt bij zware aardbevingen. Dat heeft een vracht aan gegevens opgeleverd die met zware computers wordt gekraakt. Dat geeft inzicht in de samenstelling van de diepe aarde, maar het blijkt voorlopig onmogelijk om daaruit een beeldende voorstelling te construeren. De pan soep zal in geologieboeken blijven opduiken. Bij gebrek aan beter.

In de zomerserie ‘Onkennis’ schrijven wetenschapsredacteuren over een opvallend gebrek aan kennis.

    • Michiel van Nieuwstadt