Haussler redt zware Tourrit en de Duitse wielersport

Een Duitse winnaar in de Vogezen. Heinrich Haussler deed in de stromende regen het niet-aanvalsverdrag van de Tourfavorieten even vergeten. De Duitse wielersport vaart er wel bij.

Gelukkig was er nog Heinrich Haussler, een talentvolle Duitser, die de zware etappe door de Vogezen een gezicht gaf. Waar de favorieten voor de eindzege zich opnieuw van hun angstige kant lieten zien, trok Haussler er als een ouderwets strijdlustige Tourrenner in de onophoudelijke regen op uit. Dolblij, tot in tranen geroerd, rolde hij over de finish, rechtstreeks in de armen van zijn manager en verzorgers.

De Duitse wielersport heeft toch weer een winnaar. Na de vele dopingaffaires rond de ploegen van T-Mobile en Gerolsteiner, de onthullingen van Erik Zabel, Jörg Jaksche, Patrik Sinkewitz en Stefan Schumacher, de verdachte praktijken van Jan Ullrich, Andreas Klöden en de artsen van de universiteit van Freiburg, keerden het Duitse publiek, media en sponsors zich de afgelopen jaren af van de beroepswielersport. Wedstrijden werden geschrapt, televisiereportages werden beperkt en subsidies werden ingetrokken. De Duitsers, die zo massaal de wielersport hadden omarmd na de Tourzege van Jan Ullrich in 1997, wilden niets meer te maken hebben met die gedrogeerde wielrenners. Andere sporten als atletiek, gewichtheffen, worstelen en boksen die ook omstreden zijn, bleef men trouw.

Intussen bleven de echte wielerliefhebbers hun sport koesteren. Duitsland kon niet zomaar als opkomende wielernatie van de kaart verdwijnen. Talenten zijn er nog altijd in groten getale. Vooral in de voormalige DDR zijn veel opleidingscentra voor wielrenners. Zo’n talent als de etappewinnaar van gisteren, Heinrich Haussler, 25 jaar geleden weliswaar in Australië geboren. Hij vestigde zich op zijn zeventiende met zijn ouders in Cottbus in het oosten van Duitsland. Zo een als Tony Martin, die momenteel vijfde staat in het algemeen klassement, op 1 minuut van de geletruidrager, die ook in Cottbus werd opgeleid. Of zoals Linus Gerdemann, Gerald Ciolek, Markus Fothen en Fabian Wegmann. In totaal verschenen vijftien Duitse renners in Monaco aan de start van de Tour de France.

En dan is er Andreas Klöden, een stijlvolle klimmer uit de ploeg van Lance Armstrong, die tot de beste klassementsrenners in deze Tour mag worden gerekend. Maar de renner uit de voormalige DDR voelt zich geen Duitser, net zo min als de Duitsers in hem een landgenoot zien. Klöden gedraagt zich nogal afstandelijk.

Bovendien wordt hij nog altijd verdacht van bloeddoping ten tijde van het T-Mobile-tijdperk. Laatst verklaarde zijn voormalige ploegmaat Sinkewitz dat Klöden met hem in dezelfde kliniek was, waar de renners van T-Mobile bloed werd toegediend. Kortom, de ploegmaat van Armstrong is nog steeds verdacht.

Duitse kwaliteitskranten als Süddeutsche Zeitung, Frankfurter Allgemeine en Berliner Zeitung besteden bijna dagelijks aandacht aan doping, niet alleen in de wielersport, maar ook in de sinds kort verdachte sporten als paardrijden en schaatsen. Klaus Angermann (71), gevlucht uit de toenmalige DDR, was jarenlang wielerverslaggever voor het ZDF. Hij maakte van nabij mee hoe de Duitse televisiezenders ARD en ZDF de wielersport in een kwaad daglicht wilde stellen. „Ze zijn bang kijkers en adverteerders te verliezen”, zegt Angermann. „Ze durven geen wielrennen te laten zien. Nu doen ze dat met beperkte zendtijd. Maar hier in de Tour zijn nu toch weer twintig mensen van ZDF.”

Met betraande ogen zag Angermann zijn landgenoot Haussler winnen. „Kijk, hoe hij op z’n fiets zit. Dat is toch prachtig. Dit is de mooiste etappeoverwinning van deze Tour. Haussler gaat nog klassiekers winnen. Hij is pas 25 jaar, maar hij heeft kracht, vechtlust en stijl. En hij beschikt over een geweldige sprint.”

Haussler werd in 2005 professional. Dit jaar won hij een etappe in Parijs-Nice, werd hij tweede in Milaan-Sanremo en tweede in de Ronde van Vlaanderen. Vorig jaar reed de Duitser nog de Tour in de ploeg van Gerolsteiner, een fabriek van mineraalwater. De sponsor trok zich terug mede door negatieve publiciteit als gevolg van dopingaffaires met Schumacher, de Oostenrijker Bernhard Kohl en de Italiaan Davide Rebellin. Haussler vond onderdak bij de Zwitserse ploeg Cervélo, waar hij ploeggenoot werd van sprinter Thor Hushovd en Tourwinnaar Carlos Sastre. Zijn ploegleider is de Nederlander Jean-Paul van Poppel, in de jaren tachtig een van de beste sprinters van het peloton. Hij won in totaal negen Touretappes.

De Duitser toonde gisteren zijn kwaliteiten in de stromende regen. Waar de kanshebbers voor de Tourzege (Contador, Armstrong, Klöden, Andy en Fränck Schleck, Carlos Sastre) zich op de Col de la Schlucht en de Col du Platzerwasel niet lieten verleiden tot aanvallen, trok Haussler met onder meer de Fransman Sylvain Chavanel en de Spanjaard Ruben Perez ten strijde. In de afdaling van de Platzerwasel liet hij Chavanel achter.

Haussler bezorgde Cervélo gissteren de tweede ritzege. Eerder won Hushovd in Barcelona. „Ik heb van die overwinning van Hushovd ook genoten, maar dit was een huzarenstukje”, zei ploegleider Van Poppel. „Hij was de beste man van de dag. We hadden hem tijdens de rit al een paar keer afgestopt. Hij reed eerder al weg, maar we zeiden: je moet nog tachtig kilometer, je hebt die andere mannen nog nodig. Met nog zestig kilometer te gaan kwam hij voor zijn gevoel echter niet meer vooruit, hij had al te veel ingehouden.”

Lees kort na de finish een verslag op www.nrc.nl/tour