Afrikaanse leiders nog niet overtuigd door Obama

President Obama riep de leiders van Afrika vorige week op hun eigen verantwoordelijkheid te nemen. „Ze vonden het niet fijn wat ze hoorden.”

Accra, 18 Juli. - Afrikaanse leiders hebben verrassend lauw gereageerd op Obama’s grote bevlogen rede vorige week in Ghana. De Amerikaanse president kritiseerde corrupte en machtswellustige leiders en spoorde Afrikanen aan om het heft in eigen handen te nemen. „De Afrikaanse leiders vonden niet fijn wat ze hoorden”, zegt Richard Dowden van de Britse Royal African Society in Accra. „Obama deed een oproep aan klokkenluiders om corruptie te onthullen, aan journalisten om over slecht bestuur te berichten en aan burgergroepen om repressie te bestrijden. Maar hij legde niet uit hoe Amerika zelf met slechte leiders zal omgaan.”

Obama’s morele visie lijkt voorbij te gaan aan de economische realiteit. Afrika maakt een belangrijke geopolitieke transformatie door: China wint aan invloed en het Westen verliest terrein. In 2003 bedroeg de handel tussen China en het continent 18,5 miljard dollar, vorig jaar was dat al opgelopen tot 107 miljard. Chinese bedrijven voeren de helft van alle infrastructurele projecten uit.

China volgt een succesvol beleid op een continent dat getekend is door buitenlandse bemoeizucht. Gedreven door de behoefte aan grondstoffen en op zoek naar economische kansen, onthoudt China zich van kritiek. Zoals in het geval van roerige staten als Soedan, Zimbabwe, Ethiopië en Congo. „Straft Obama een onderdrukkend en corrupt Afrikaans regime met sancties, dan vult China het vacuüm op”, zegt Richard Dowden.

De politieke bewegingsvrijheid van de Verenigde Staten is beperkt. Het corrupte Nigeria is Amerika’s derde olieleverancier. De VS krijgen 12 procent van hun olie uit West-Afrika, een aandeel dat in de komende jaren tot 25 procent toeneemt. Die olie komt uit landen als Equatoriaal Guinee, Angola en Tsjaad, waar leiders „goed bestuur” zien als een concept uit een verre en vreemde buitenwereld.

Na de executie van de Nigeriaanse activist voor mensenrechten, Ken Saro-Wiwa in 1995 toonde Washington afgrijzen maar deed verder niks. De Nigeriaanse verkiezingen twee jaar geleden waren een schertsvertoning, maar Washington reageerde opnieuw niet. De afhankelijkheid van Afrikaanse olie staat kritiek in de weg.

Afrika stond en staat nog steeds onderaan de prioriteitenlijst van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Onder vorige regeringen domineerden terrorismebestrijding en hulp; Bush verdrievoudigde vorig jaar de financiering van gezondheidsprojecten. Met Obama’s rede worden de eerste contouren duidelijk van een meer inhoudelijk Afrikabeleid. Dat wordt uitgevoerd door Johnnie Carson, onderminister van Buitenlandse Zaken belast met Afrika en voormalig ambassadeur in Kenia. Hij wordt gezien als kenner van Afrika, net als zijn naaste medewerker Donald Yamamoto, ex-ambassadeur in Ethiopië. Verder vervult Scott Gration, een ex-generaal in de luchtmacht, een belangrijke rol als speciale gezant voor Soedan. Verschillende ambassadeurs en speciale afgezanten voor de conflictgebieden wachten nog op hun benoeming.

Gration volgt in Soedan een meer verzoenende aanpak die duidelijk verschilt van de vaak harde opstelling onder president Bush. Obama sprak in Accra echter net als Bush over „genocide in Darfur” en over „terroristen in Somalië”. Amerika heeft een lange geschiedenis in Somalië van contraproductieve betrokkenheid. Vorige maand besloot het wapenhulp te geven aan een regering die slechts een paar huizenblokken in de hoofdstad Mogadishu controleert.

Andrew Mwenda, hoofdredacteur van Oeganda’s weekblad de Independent looft de „vele mooie bewoordingen en populistische ideeën” van Obama. „Hij had de moed om explicieter over Afrika’s beproevingen te spreken. Obama kan dat doen zonder racistisch te lijken, een angst die andere westerse leiders beperkt als ze over Afrika spreken.” Maar, aldus Mwenda, „besturen betekent niet simpele keuzes maken tussen goed en slecht. De werkelijke uitdaging is hoe Afrika’s heersers gevestigde belangen kunnen krijgen in de bestrijding van corruptie. In het overgrote deel van Afrika is corruptie de manier waarop het systeem werkt, niet waarop het systeem faalt”.

Mwenda ergert zich aan het opgeheven vingertje van Obama. „De les voor Obama is dat Afrika vermoedelijk beter af is met minder bemoeienis door het Westen, of die nou in de vorm is van ontwikkelingshulp, vredesstichting of mooie redevoeringen. Afrika heeft ruimte nodig om fouten te maken er daarvan te leren. Obama moet meer naar Afrikanen luisteren en hen geen college geven met gebruik van het zelfde oude draaiboek.”

    • Koert Lindijer