Vuilnis in buizen en verwarming uit drab

Zweden wil in Europa graag voorop lopen met klimaatbeleid. Maar volgens de Groenen gaat het niet ver genoeg.

In Hammarby Sjöstad, een nieuwe wijk in Stockholm, rijden nauwelijks auto’s. Een aantal bewoners kookt op biogas, gemaakt van drab uit hun eigen rioolwater. De vuilnis verdwijnt in buizen onder de grond naar een centrale plek.

„Vuilnisauto’s rijden 208 kilometer per jaar in deze wijk”, zegt Gunnar Söderholm, directeur Milieuzaken van de gemeente Stockholm. „Zonder dat ondergrondse systeem zouden ze 2.828 kilometer per jaar moeten rijden.” Het betekent niet alleen minder herrie en vuile lucht, maar ook minder kans op ongelukken.

Zweden heeft een vooruitstrevend klimaatbeleid en wil daarmee graag een voorbeeld zijn voor de rest van Europa. Dus werden enkele weken geleden trots de milieusuccessen getoond aan een groep Brusselse journalisten, die Stockholm bezochten naar aanleiding van het Zweedse voorzitterschap van de Europese Unie.

De Zweedse regering zou graag zien dat Europa een ‘CO2-belasting’ invoert die het gebruik van fossiele brandstoffen relatief duurder maakt ten opzichte van bijvoorbeeld ethanol, turf en afval. Zweden deed dat zelf al in 1991. De uitstoot van een kilo CO2 kost in Zweden sinds vorig jaar ongeveer 1 kroon (ruim 8 eurocent) – daarvoor was de heffing een stuk lager. Voor particulieren zijn de gevolgen niet zo groot, een liter benzine is bijna 0,3 kroon duurder, en een liter diesel ongeveer 0,2 kroon. Maar elektriciteitsbedrijven (die uitstoot doorberekenen aan hun klanten) en grootverbruikers in de industrie zijn dus gebaat bij schone energie.

Inmiddels is Stockholm door de Europese Commissie uitgeroepen tot eerste ‘groene hoofdstad’ van Europa. Het water in de op eilanden gebouwde stad is zo schoon dat midden in de stad gevist kan worden op zalm en zeeforel. In Stockholm rijden nu vierhonderd bussen op ethanol, dat schoner is dan benzine of diesel, en daarnaast nog eens zo’n honderd op biogas. Er is een kantoorgebouw gepland van de Zweedse spoorwegen dat wordt verwarmd door de lichaamswarmte van de passagiers in de hal van het Centraal Station. „Het werkt heel simpel”, zegt Gunnar Söderholm. „De warme lucht wordt uit de hal gezogen.”

Zweden haalt nu ruim 40 procent van zijn energiebehoefte uit hernieuwbare bronnen (zon, water, wind, biomassa). In 2020 moet dat 50 procent zijn, zo is afgesproken binnen de Europese Unie. Alle EU-landen hebben een eigen doelstelling gekregen. Zo moet Nederland zijn aandeel hernieuwbare energie verhogen van 3 procent nu, naar 14 procent in 2020.

Toch zou Zweden meer moeten doen, vindt Maria Wetterstrand, parlementariër voor de Zweedse Groenen. Er zou bijvoorbeeld meer geïnvesteerd kunnen worden in spoorwegen, zodat er minder vliegverkeer nodig is in het uitgestrekte land. En, zegt Wetterstrand, de Zweedse regering lobbyde tegen Europese wetgeving die autofabrikant Volvo verplicht om zuiniger motoren te maken. Zweden heeft nu een centrum-rechtse regering, die zegt het milieu heel serieus te nemen, nadat jarenlang de sociaal-democraten aan de macht waren. „Maar elke regering gaat voor Volvo plat.”

    • Jeroen van der Kris