Loom Cubaans feestje in zwoel Bloemendaal

Wereldmuziek Eliades Ochoa Gehoord:16/7 Openluchttheater Caprera, Bloemendaal.

Nu de prominendste leden van de Buena Vista Social Club op zangeres Omara Portuondo na allemaal overleden zijn, mag alleen gitarist en zanger Eliades Ochoa de titel nog voeren. Ook hij maakte immers deel uit van Ry Cooder’s Buena Vista Social Club-sessie die in 1997 vergeten bejaarde musici roem op de valreep bracht. Destijds was Ochoa, getooid met cowboyhoed, een van de jongsten in het gezelschap. Nu plukt hij met zijn op klassiek gitaar gestoelde Cubaanse klassiekers de vruchten.

De muzikale loopbaan van Eliades Ochoa begon in 1958 in Santiago de Cuba. Hij vormde bands als Oriental Quintet en Septeto Típico en vond in Compay Segundo een muziekpartner met wie hij de hit Chan Chan componeerde. Met Ry Cooder werkte hij na het gezamelijke Buena Vista-project aan solo-platen, zoals Sublime Illusion (’99), met daarop guarachas en boleros.

Ochoa’s show gisteravond in Bloemendaal had alle kenmerken van een onvervalst avondje lome Cubaanse feestelijkheid. De gedateerde romantiek was weinig vernieuwend of opwindend, maar sloeg op deze locatie goed aan: in het avondlicht toonde het door bomen omgeven openluchttheater Caprera te Bloemendaal zich het mooist en de lucht was nog zwoel. Het publiek in het amfitheater, dat een leuke zomerprogrammering heeft, was zonder meer van plan er een fijn dansfeestje van te maken.

‘Sonero’ Ochao en zijn zeven dienstbare musici moeten het niet hebben van spektakel. Of de zingende gitarist met zijn twee vurig kwetterende blazers en een uitgerolde percussiestroom nu oude son-krakers opdissen of een aantal eigen nummers, de nostalgie druipt van het podium. Zeker als Ochoa aanstuurt op ‘het familiegevoel’, is Cuba even aanraakbaar. Dat de nummers zich enkel in ritme van elkaar onderscheidden, deed er nu weinig toe, maar doet vrezen voor het najaar. De Cubaan trekt dan langs de Nederlandse theaters – dan zonder zonnig zomergeluk en welwillende oren.

    • Amanda Kuyper