Een engel der vrijheid

Pico della Mirandola kreeg nooit de kans zijn rede over de waardigheid van de mens uit te spreken. Toch staat deze aan de wieg van de moderniteit.

Vijftiende-eeuws portret van Pico della Mirandola Foto Picture-Alliance Leemage Een engel der vrijheid Tekst van Renaissance-filosoof Pico della Mirandola vertaald David Rijser Pico della Mirandola kreeg nooit de kans zijn rede over de waardigheid van de mens uit te spreken. Toch staat deze aan de wieg van de moderniteit. Pico della Mirandola: Rede over de menselijke waardigheid. Vertaald en van aantekeningen voorzien door Michiel op de Coul. Inleiding en nawoord van Jan Papy. Historische Uitgeverij, 164 blz. € 24,95 Portrait de Giovanni Pico de la Mirandola (1463 - 1494) (Pic de la Mirandole). Il se spécialisa dans l'étude des religions. Peinture sd. du 15ème siècle. picture-alliance / maxppp

Pico della Mirandola: Rede over de menselijke waardigheid. Vertaald en van aantekeningen voorzien door Michiel op de Coul. Inleiding en nawoord van Jan Papy. Historische Uitgeverij, 164 blz. € 24,95

‘What a piece of work is man, how noble in reason, how infinite in faculties!’ riep Shakespeares Hamlet, en somde vervolgens de vele wonderbaarlijke kwaliteiten van onze soort op, om ten slotte vertwijfeld te concluderen dat voor hém, in tegenstelling tot de optimisten, de mens slechts de ‘kwintessens van stof’ was.

De Renaissance-filosoof tegen wiens optimistische mensbeeld Hamlet zich in deze beroemde passage afzette, was Pico della Mirandola (1463-1494), het jeugdige genie dat de fameuze Oratio de hominis dignitate schreef, de rede over de waardigheid van de mens. De rede is nu voortreffelijk vertaald door Michiel op de Coul, en toegelicht in twee begeleidende essays van Jan Papy. In deze kerntekst voor de Renaissance ziet Pico de mens niet, als Hamlet, machteloos, maar vrij: Pico acht ons in staat (en moreel verplicht) het goddelijke te zoeken en te vinden door ons denken: ‘Wie zou geen bewondering hebben voor de mens?’, vraagt hij zich af, en laat God tot Adam zeggen ‘Aan jou, Adam, hebben wij niet een vaste verblijfplaats, een eigen gezicht en een specifieke gave gegeven … je bent aan geen enkele beperking onderworpen’.

Shakespeare moet Pico’s tekst en reputatie gekend hebben, omdat deze al in de 16de eeuw een vrij grote verspreiding kregen. Maar de meeste roem is toch veroorzaakt door historicus Jacob Burckhardt. In de 19de eeuw, in zijn studie van de Renaissance die de basis heeft gelegd voor vrijwel elke moderne interpretatie van de periode, haalt Burckhardt zowel Pico als diens redevoering naar voren als een prototype van de nieuwe mens die in de Renaissance voor het eerst het licht zou hebben gezien, zich van de sluiers van middeleeuwse mist en (bij)geloof zou hebben bevrijd en zijn existentiële vrijheid zou hebben opgeëist. Zo wordt de Oratio haast een voorloper van de Declaration of Independence en komt Pico aan de wieg van de moderniteit te staan. Het is een uitstekend idee van de Historische Uitgeverij om de Nederlandse lezer de gelegenheid te geven zich serieus met deze founding father bezig te houden, te meer omdat er aan deze standaardinterpretatie nogal wat schort.

In de eerste plaats is de geciteerde passage door Burckhardt (in navolging van eerdere lezers trouwens) onevenredig veel gewicht toegekend. Die frase doelt vooral op een filosofische vrijheid, die bovendien wordt benadrukt in wat uiteindelijk een pleidooi voor het contemplatieve leven blijkt. En dat contemplatieve leven is heel wat anders dan dat van de ‘geweldmensen’ die volgens Burckhardt de Renaissance typeerden.

In de tweede plaats impliceert Pico’s menselijke vrijheid en waardigheid geen afschudden van middeleeuwse sluiers door een onafhankelijkheid van de christelijke God, zoals vaak is gesuggereerd. Pico’s pleidooi is juist gericht op de ultieme realisatie van het goddelijke plan met de mens. En ten derde is Pico in zijn rede niet alleen ‘modern’, maar zelfs ouderwets wanneer hij een belangrijke plaats voor de scholastiek inruimt, die in zijn tijd zwaar onder vuur lag wegens een overschreden houdbaarheidsdatum.

Deze aspecten komen in de begeleidende teksten van Jan Papy uitgebreid aan de orde, al wordt de leesbaarheid van zijn betogen niet bevorderd door zijn geleerde, tot opsomming neigende stijl en door zijn wetenschappelijke scrupules; de grote cultuurhistorische lijn wordt daardoor soms uit het oog verloren. Het schrille contrast tussen Pico’s harmoniserende wereldbeeld en dat van de cynische Hamlet wordt bijvoorbeeld door Papy niet gesignaleerd, hoewel hij ruim twintig pagina’s besteedt aan de invloed van de Rede.

Pico schreef zijn rede als introductie op zijn openbare verdediging van negenhonderd stellingen aan de Romeinse curie. De pauselijke elite was er echter nog niet aan toe om de theologische visie die Pico voorstond, het volle licht te gunnen. Die visie kwam er op neer dat goddelijke openbaring in alle tradities, en niet alleen de christelijke, te vinden was. Pico werd van ketterij beschuldigd en moest het hazenpad kiezen. Zijn rede is dus nooit gehouden. Maar tien jaar na zijn dood werd Pico’s benadering het paradepaardje van het Vaticaan.

Pico was misschien ook wat jong voor een leidende rol, ondanks zijn fenomenale eruditie en aristocratische afkomst. Maar juist zijn lot heeft hem in de ogen van velen tot martelaar gemaakt. Het is in dit verband opmerkelijk dat de jonge filosoof als een soort engel in de bronnen naar voren komt: ‘schoon van uiterlijk, teer en zacht van vlees, blank van huid, onderbroken door een kuise blos, witte tanden en lang golvend blond haar’. Dit beeld moet sterk zijn gekleurd door wat Pico zelf wilde zijn: een engelachtige figuur die eenheid bracht in een theologische en filosofisch verscheurde tijd. Daarom benadrukt hij precies midden in zijn rede de reddende rol van de aartsengelen in het menselijk lot. Zo legitimeerde én creëerde hij zijn eigen ‘ rol’.

Zoals zo vaak gebeurt, is de verschijningsvorm die hij cultiveerde vooral bij het nageslacht succesvol geweest. Vandaar zijn roem. Die lijkt nu enerzijds overdreven, omdat deze ‘voorloper’ van de moderniteit soms baarlijke nonsens uitkraamt en zo laat zien hoeveel mystieke vaagheid bij de ‘rationele’ Renaissance hoort. Maar anderzijds is Pico’s titanische poging om de God, de wereld en de geschiedenis te harmoniseren, te midden van onze postmoderne versnippering meer dan ooit indrukwekkend.