Bestemming veel gevangenen ongewis

Obama zoekt buitenlandse hulp voor de opvang van Guantánamo-gevangenen. Intussen blijft de praktijk van preventieve detentie bestaan, onder andere op de basis Bagram bij Kabul.

Khelil Mamut in zijn nieuwe woonplaats Hamilton, Bermuda. Mamut werd in juni, met drie andere Oeigoeren, vrijgelaten na zeven jaar gevangenschap in Guantánamo. Foto AP Former Guantanamo detainee Khelil Mamut looks out a window at a rainstorm, during a lunch at a restaurant near the the cottage where former detainees are staying, in the Clearview suburb of Hamilton, on the island of Bermuda, Monday, June 15, 2009. The four are Chinese ethnic Uighurs who have just been released from U.S. military custody after nearly seven years in Guantanamo, and are being resettled in Bermuda. (AP Photo/Brennan Linsley) AP

Toen de Amerikaanse president Barack Obama op 21 mei in een toespraak zijn nationale veiligheidsbeleid uiteenzette, verdeelde hij de circa 240 personen die nog vastzitten op Guantánamo Bay in vijf categorieën (zie inzet).

De gevangenen die Nederland mogelijk gaat opnemen, komen uit de vierde categorie: een groep die de president in zijn rede letterlijk omschreef als „gevangenen van wie we hebben vastgesteld dat ze veilig kunnen worden overgebracht naar een ander land”. Op dat moment, zei hij, hadden zijn medewerkers „vijftig gevangenen goedgekeurd voor overdracht”.

Daarnaast, aldus Obama, is zijn regering „in voortdurend gesprek met een aantal andere landen over de overdracht van gevangenen naar hun grondgebied voor detentie en rehabilitatie”. Het grootste deel van deze subcategorie wordt gevormd door de ongeveer honderd Jemenieten op Guantánamo.

Washington wil hen voorlopig niet repatriëren omdat het niet voldoende vertrouwen heeft in het Jemenitische rehabilitatieprogramma voor terreurverdachten. Ook ontsnappen in het land geregeld extremisten uit de gevangenis. Totdat Jemen deze zaken beter op orde heeft, aarzelt Washington de Jemenieten terug te sturen uit angst dat ex-gevangenen zich daar (weer) bij Al-Qaeda aansluiten.

Volgens het Pentagon is één op de zeven van de ruim vijfhonderd gevangenen die tot op heden zijn vrijgelaten nu betrokken bij terrorisme of militante activiteiten. De belangrijkste Talibaan-commandant in het zuiden van Afghanistan bijvoorbeeld zou de voormalige ‘gevangene nr. 008’ zijn.

In Washington leeft tevens de vrees dat gevangenen in hun landen van herkomst gemarteld zullen worden. Dit betreft onder andere Oeigoeren (Chinese moslims). Vijf van de Oeigoeren in Guantánamo vonden in 2006 onderdak in Albanië, vorige maand nam Bermuda er vier op. Het eilandstaatje Palau deed zeventien Oeigoeren eenzelfde aanbod. Die hebben dat nog in overweging.

Obama zoekt de hulp van andere landen omdat hij binnenlands op breed verzet stuit tegen het toelaten van Guantánamo-gevangenenen in de VS. Toen bijvoorbeeld bekend werd dat een klein deel van hen in Amerikaanse ‘supermax’ (extra beveiligde) gevangenissen opgesloten zal worden, leidde dat al tot protest, ook uit zijn eigen Democratische partij.

Dergelijk verzet bestaat echter ook in andere landen. De Europese Unie kwam niet tot een gezamenlijk standpunt over opname van gevangenen. Elke lidstaat mag nu een eigen besluit nemen. België wil alleen mensen opnemen die anders thuis gemarteld worden. Italië vangt drie ‘specifieke’ gevangenen op. Frankrijk neemt in ieder geval één Algerijn en kijkt daarnaast – net als Portugal, Spanje, Zweden, Finland en Ierland – per geval of het nog meer gevangenen wil opnemen.

Veel gedetineerden in Guantánamo Bay zijn daar terechtgekomen via de Amerikaanse basis Bagram bij Kabul, waar momenteel ruim zeshonderd ‘vijandige strijders’ vastzitten. Met de aangekondigde sluiting van Guantánamo is Bagram veranderd van een tussenstation in een eindstation. Hier worden gedetineerden nog altijd zonder aanklacht vastgehouden.

Volgens mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch hebben gevangenen in Bagram minder rechten dan die in Guantánamo; zij hebben bijvoorbeeld geen recht op een advocaat. Een Amerikaanse federale rechter oordeelde in april dat bepaalde gevangenen hun detentie mogen aanvechten. Het betreft niet-Afghanen die buiten Afghanistan zijn gearresteerd, naar Bagram zijn overgebracht en daar „onredelijk lang” zijn vastgehouden. De regering-Obama is tegen dit besluit in beroep gegaan.

Voor Washington is de status van Bagram anders omdat die basis in een oorlogsgebied ligt. Vorige maand kwamen er bijvoorbeeld twee Amerikaanse militairen om door mortierbeschietingen van buiten de basis. De Verenigde Staten willen het cellencomplex, dat nu een capaciteit van duizend personen heeft, voor zestig miljoen dollar uitbreiden zodat er ruimte is voor 1.100 extra gedetineerden.

Uit Bagram zijn jarenlang berichten gekomen over mishandeling van gedetineerden. Vorige maand publiceerde de BBC een eigen onderzoek waarin 27 Afghanen die gevangen zaten tussen 2002 en 2008 verklaarden te zijn geslagen, blootgesteld aan extreme hitte en kou en bedreigd met de dood. Het Pentagon ontkent de beschuldigingen. Obama heeft kort na zijn aantreden marteling verboden, maar het is onbekend of de omstandigheden in Bagram sindsdien veranderd zijn.