Anwar zou zijn assistent Saiful hebben verkracht

Na zijn vrijlating in 2004 had Anwar Ibrahim succes als oppositieleider. Gisteren begon een nieuwe poging hem te stoppen via de dubbele moraal.

De vorige keer haalden de aanklagers een matras met spermavlekken de rechtszaal binnen, om aan te tonen dat Anwar Ibrahim zich schuldig had gemaakt aan homoseks. Dit keer zullen ze volgens geruchten op internet een vloerkleed als bewijs tegen de Maleisische oppositieleider aandragen. Op homoseks staat in het islamitische Maleisië maximaal twintig jaar cel en stokslagen.

Gisteren begon in de hoofdstad Kuala Lumpur een nieuwe rechtszaak tegen Anwar Ibrahim (61), op beschuldiging van seks met mannen. Sodomiezaak deel II belooft een politieke soap te worden met serieuze consequenties. In 1998 werd Anwar, de toen net ontslagen vice-premier, aangeklaagd omdat hij seks zou hebben gehad met twee mannen. Na een proces van 14 maanden dat de officieel zeer preutse Maleisiërs deed huiveren door de overdaad aan seksuele details in de media, werd hij veroordeeld tot negen jaar cel voor ‘sodomie’ en zes voor omkoping.

De zaak werd gezien als een opzichtige poging van toenmalig premier Mahathir Mohamad om zijn ambitieuze tweede man uit de weg te ruimen. Veel bewijs bleek achteraf geconstrueerd, zo zou de ‘tegennatuurlijke seks’ hebben plaatsgehad in een appartement dat op het moment van de daad nog niet was gebouwd. In 2004 werd Anwar in hoger beroep alsnog vrijgesproken van sodomie en kwam hij vervroegd vrij.

Vanwege zijn strafblad mocht Anwar zich pas sinds vorig jaar weer in de politiek begeven. In de oppositie dit keer: met zijn Partij voor Rechtvaardigheid voor het Volk (PKR) keert hij zich tegen zijn voormalige partijgenoten bij de UMNO, de partij die Maleisië sinds de onafhankelijkheid regeert. Maar toen hij vorig jaar zomer werkte aan zijn rentree in het parlement, wachtte hem een nieuwe aanklacht: dit keer zou hij anale seks hebben gehad met zijn 23-jarige assistent Mohd Saiful Bukhari.

In Maleisië werd met ongeloof gereageerd. Konden ze niets originelers bedenken,vroegen Anwars sympathisanten zich af. Volgens een opiniepeiling van het Merdeka Center geloofde 11 procent van de Maleisiërs dat de aanklacht waar was, en zagen twee op de drie deze als politiek gemotiveerd.

De aanklacht kwam dan ook op een moment dat het heersend gezag zich bedreigd voelde. Bij de verkiezingen in maart 2008 had de coalitie van de PKR een onverwacht goed resultaat geboekt. Regeringscoalitie Barisan Nasional, waar UMNO in zit, haalde voor het eerst geen tweederde meerderheid. In vijf van de dertien staten kreeg de coalitie van Anwar het lokale bestuur in handen.

Terwijl Anwar door een tussentijdse verkiezing probeerde terug te keren in het parlement, beheerste de sodomiezaak de media. De arts die Saiful als eerste had onderzocht, bleek geen aanwijzingen te hebben gevonden voor anale seks, maakte Anwars team bekend. Waarop Saiful publiekelijk op de koran bezwoer dat hij echt door Anwar was verkracht. Het hielp niet: Anwar won de parlementszetel.

Maar sindsdien is het tij enigszins gekeerd. Anwar schepte op dat hij door parlementariërs te laten overlopen in september vorig jaar het kabinet zou overnemen, wat niet lukte. En dit voorjaar vertrok de verguisde premier en UMNO-voorzitter Abdullah Badawi om plaats te maken voor zijn vice-premier Najib Razak.

Aanvankelijk leek Najib’s aanstelling de impopulariteit van de regering alleen maar te vergroten. Maar nu zijn ‘eerste honderd dagen’ voorbij zijn, blijken veel Maleisiërs toch overtuigd door zijn economische maatregelen, zoals een stimuleringspakket tegen de recessie. Ook maaide hij het gras voor de voeten van Anwar weg door elementen uit het voorkeursbeleid voor etnische Maleiers te schrappen, zoals de eis dat 30 procent van de aandelen van een bedrijf dat naar de beurs wil, in handen van bumiputra (autochtonen) moet zijn. Anwar dankt zijn populariteit voor een groot deel aan de belofte het voorkeursbeleid eerlijker te maken, zodat álle achtergestelde groepen – en niet alleen Maleiers – ervan profiteren.

Ten slotte begint de coalitie van Anwar, die islamistische en seculiere partijen verbindt, scheuren te vertonen.

Nu de rechtszaak is begonnen, dreigt een gevangenisstraf Anwars kansen om bij de verkiezingen in 2013 alsnog premier te worden, definitief de grond in te boren.