Een lesje lobbyen voor wetenschappers

Hoe kan de lobby van de bouwers in Nederland zoveel succesvoller zijn dan die van de wetenschappers? „Omdat jullie niet duidelijk weten te maken wat jullie nut is.” Een tweegesprek.

Wetenschapper Jos Engelen (links): "Ik ben toch geen politicus?" Bouwer Elco Brinkman: "U vraagt de politiek wel om geld." (Foto Johannes van Assem) foto Johannes van Assem 13-07-2009, zoetermeer Voorzitter van NWo Jos Engelen en Voorzitter van Bouwend Nederland Elco Brinkman Assem, Johannes van

Twintig miljard dollar in de Verenigde Staten, achttien miljard euro in Duitsland, nul miljard in Nederland. De Amerikaanse president Obama en de Duitse bondskanselier Merkel willen de crisis bestrijden door óók te investeren in fundamentele wetenschap. Het kabinet-Balkenende mikt op het sneller bouwen van wegen en huizen. Om te snappen hoe dat kan: een debat tussen Elco Brinkman van Bouwend Nederland en Jos Engelen van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

Waarom gaat er nu ruim 2,5 miljard euro naar de bouw en niets naar de wetenschap? Als NWO 130 miljoen euro meer kreeg, 5 procent van die 2,5 miljard, zouden 450 als excellent beoordeelde onderzoekers aan het werk kunnen blijven. Nu zijn hun projecten wegens geldgebrek afgewezen.

De eerste slag is voor Brinkman: het debat is in zíjn kantoor, in Zoetermeer, maandagavond. En hij laat zijn tegenstander een half uur wachten. Maar Engelen klaagt niet. Hij vertelt alleen, antichambrerend, hoe hij Brinkman op de radio hoorde opbieden tegen Nederlands bekendste viroloog, Ab Osterhaus. „Het ging erom wie het hardste werkte.” Klein lachje: „De maat was hoe vaak ze thuis aten.”

Ze beginnen met beleefdheden: hoe verkeerd dat beeld is van zij (de wetenschappers) in de ivoren toren en wij (de bouwers) in de modder. Er zou in dit land geen dijk of windmolen gebouwd zijn zónder elkaar. Maar dan vraagt Brinkman aan Engelen waarom NWO niet alle topecologen en topingenieurs drie jaar bij elkaar „in een hok zet” om oplossingen te verzinnen voor het klimaat, de zeespiegel en nog een paar problemen. Brinkman: „Dat zouden jullie moeten doen.”

Engelen: „Als ik het met u eens zou zijn, dan klopte er iets niet. NWO is er voor het ongebonden, fundamentele onderzoek en dat moet ook zo zijn. Weet u dat er in de wetenschap geen enkel voorbeeld bekend is van een grote doorbraak door onderzoek dat met dat specifieke doel werd opgezet?”

Brinkman: „Maar we analyseren nu waarom de een meer geld krijgt dan de ander. De bouwers in Nederland hebben met één mond leren praten. Wij kunnen duidelijk maken wat ons nut is. Stel dat de coalitie 2,5 miljard euro aan de wetenschap had willen geven. De man in de straat zou het niet begrepen hebben. Dat komt omdat jullie niet duidelijk weten te maken wat jullie nut is.”

Engelen: „Maar Nederland wil toch een kenniseconomie zijn? En waar komen jongelui met belangstelling voor wetenschap op af? Op quarks of zwarte gaten.” Hij bedoelt: op fundamentele wetenschap. „Later kunnen ze dan iets heel anders gaan doen, voorzitter van Bouwend Nederland worden bijvoorbeeld. Maar ze moeten wel eerst opgeleid worden aan universiteiten en topinstituten – in een klimaat van topwetenschap. Als een land daar niet in investeert...”

Brinkman: „Sta me toe om nog wat kritiek uit te oefenen. U richt u nu tot mensen die op het gymnasium hebben gezeten en NRC Handelsblad lezen. In de lobby naar de politiek en het grote publiek komt u daar niet ver mee.”

Engelen: „Hier spreekt de oud-politicus.”

Brinkman: „En oud-gymnasiast en NRC Handelsbladlezer.”

Engelen: „U bedoelt dat NWO zijn ambities moet aanpassen aan de wensen van het volk? Dan worden we een mediocre land, onbeduidend.”

Brinkman, zacht: „I couldn’t agree more.” Ik ben het er helemaal mee eens. Daarna: „Dat bedoel ik niet. Jullie moeten duidelijk maken dat het publiek iets terugkrijgt voor investeringen in wetenschap. Dat een investering in ruimtevaart niet alleen de ruimtevaart vooruit brengt, maar ook de biomedische wetenschap. En dat dat belangrijk is voor de genezing voor allerlei ziekten.”

Engelen: „Ik bespeur tussen ons een fundamenteel verschil in inzicht in hoe NWO zich zou moeten opstellen tegenover het volk. Als ik alleen nog maar geld zou krijgen als ik het praktisch nut van ons werk voor iedereen begrijpelijk zou kunnen maken, dan zou ik het niveau steeds naar beneden moeten bijstellen. En dat ‘naar beneden’ is onbegrensd hoor.”

Brinkman: „Maar u móét dat nut begrijpelijk maken.”

Engelen: „Waarom? Ik ben toch geen politicus?”

Brinkman: „U vraagt de politiek wel om geld.”

Engelen: „Politici moeten daar toch over beslissen en het volk vervolgens met zich meekrijgen?”

Brinkman: „De volgorde is in de praktijk omgekeerd.”

Engelen: „Het resultaat zal zijn dat NWO alleen nog maar middelmatig toegepast onderzoek doet.”

Brinkman: „Nee, nee, het gaat om de beleving. Ik bestrijd dat u het resultaat van uw werk al op voorhand in de pot zou moeten doen. Maar waarom zegt u niet: de westerse wereld gaat te gronde aan de gevolgen van obesitas en wij gaan nu onderzoeken hoe we dat kunnen oplossen. Punt. Wat u precies gaat onderzoeken, hoeft u niet uit te leggen.”

Engelen: „Zo doen we het toch al? Dementie, obesitas, het begrip van de oorzaken van deze ziekten is in de wetenschap ongeveer nul, wat óf betekent dat die oorzaken heel moeilijk te vinden zijn, óf dat we er nog niet genoeg naar gezocht hebben. In beide gevallen moeten we heel hard doorwerken, en dat doen we ook. Alleen: we moeten er wel de biologen voor hebben die dat kunnen. En die biologen moeten de wetenschap zijn ingelokt door een klimaat van excellentie.”

Brinkman: „Zoek dan de types die de lobby goed kunnen voeren en de noodzaak van meer biologen en meer onderzoek over het voetlicht kunnen brengen.”

Engelen: „U bedoelt op het niveau van de PVV. De vraag is of we dat moeten willen.”

Brinkman: „Die denkfout maakten wij vroeger ook. Als we op televisie kwamen, dan was het in het NOS Journaal of bij Nova. We hebben moeten leren om ons tot het hele volk te richten en geen groepen bij voorbaat uit te sluiten.”

Engelen: „Misschien moet u onze boodschap een keer gaan brengen. Dan zal ik úw boodschap brengen.” Weer een lachje. „Als u dat wilt tenminste.”

Brinkman: „Ik kom op voor de bouw en ik strijd met alle mogelijke middelen. Ik kan u aanraden hetzelfde te doen voor de wetenschap.”

Engelen: „Maar wij moeten nooit onze ziel verkopen. Zoals Einstein zei: alles moet zo eenvoudig mogelijk gemaakt worden, maar niet eenvoudiger dan dat.”

    • Margriet van der Heijden
    • Jannetje Koelewijn