Bij café Den Smeerpaal maak je vrienden

Deze zomer overnacht nrc.next wekelijks in een plaats die je op weg naar je vakantie alleen maar passeert.

De tussenstop wordt eindstation. Vandaag: Harlingen.

Op de Waddenpromenade, met op de achtergrond de Noorderhaven, 7 juli, 10.35u. Foto Anke van Iersel Iersel, Anke van

Harlingen. - ‘Wat te doen in Harlingen?’ schrijf ik op Facebook, vlak voor mijn vertrek. Er komt één reactie binnen: ‘de boot naar Terschelling nemen.’ Het is typerend voor het beeld van Harlingen. Harlingers maken weleens het grapje: in Harlingen blijf je alleen als je de boot hebt gemist. Maar is dat terecht, of valt er in 24 uur best wat te beleven?

Vrijdag, 19.00 uur

De Italianen hebben de afgelopen dagen de hele omgeving verkend: de Elfstedentochtroute en natuurlijk de Waddeneilanden. Want dat doen de meeste mensen die in Harlingen komen: de boot nemen, zegt Marije Bloembergen. Ze runt met haar ouders het Stadslogement. Ze verhuren ruime kamers, budgetkamers (35 euro p.p) en appartementen. Eten doe je ’s ochtends en ’s avonds in de gezellige huiskamer.

Wat raadt ze me aan in haar stad? „Tja, het is klein hoor.” De terrasjes zijn leuk en de haven natuurlijk. En wat is er vanavond te doen? Keuze genoeg, zegt Bloembergen. „Harlingen telt wel zestig horecagelegenheden.”

Ah, je schrijft een artikel over Harlingen, ontdekt ze even later. Een uitweiding over het hotel volgt. De verbouwing konden ze bijvoorbeeld betalen door Bill Joy, de man achter Sun Microsystems, die zijn crew een half jaar lang onderbracht in het Stadslogement. En over de ambities van het gemeentebestuur, die de leus ‘Harlingen, wad een stad’ bedacht. De gemeente wil ook een wadden-doe-centrum opzetten. Dat is goed voor het toerisme.

21.30 uur

Ik begin de kroegentocht in het café met de leukste naam: café Den Smeerpaal. Een bruine kroeg met aan de muur oude dingen, waaronder pispotten. Aan de bar mannen en vrouwen van boven de dertig, of veertig. Ze lachen en slaan een arm om de ander heen. Op dit tijdstip staan er al een paar te dansen. De glazenwasser die boven het café woont, vertelt dat het vroeger de Meerpaal heette. Dat is een paal om een schip aan vast te leggen. De huidige eigenaar plakte er een ‘s’ voor. Een smeerpaal heeft schijnbaar ook iets met schepen te maken. De glazenwasser schaamt zich een beetje voor de naam.

Bloembergen van het Stadslogement vertelde over het café: „Toen mijn man en ik hier net woonden, gingen we naar Den Smeerpaal. We wisten meteen alles over de stad. En over de singles van Harlingen. Want die komen er graag.”

00.30 uur

Bij het moderne café Eigentijds is het stil. Buiten zitten een paar mensen, binnen ben ik de enige. Op naar ’t Skûtsje. Aan de bar – heerlijk, met steun voor je voeten en een gleuf voor je armen – ontmoet ik drie jongens. Waarom is het zo rustig op een vrijdagavond? vraag ik ze. Laatst was hier een kaatstoernooi, zegt de blonde jongen, daar komt iedereen op af. Het weekeinde erop is het weer rustiger. Zo gaat dat in Harlingen.

Ik doe nog één biertje buiten bij café Wachter. Overdag een gezellige lunchplek, ’s avonds een berucht hol. Volgens sommigen dan. Je zou er de lijntjes van de bar kunnen snuiven.

Zaterdag, 08.00 uur

Nog voor de wekker gaat, klinken tot in de hotelkamer de scheepshoorns.

Na het ontbijt wandel ik de hoofdstraat, de Voorstraat, in. Op zoek naar de VVV. Die is er niet, wel een Toeristisch Informatie Punt. Bij Scapino de hoek om en dan de steeg in. Een nieuw informatiecentrum moet aan het einde van de Voorstraat, vlakbij de haven, verrijzen. De fundering ligt er al. Volgens de barman van café Eigentijds houdt de eigenaar van een accountantskantoor de bouw tegen, omdat hij geen parkeerplaatsen voor zijn deur krijgt.

Het Toeristisch Informatie Punt gaat pas om 12.00 uur open. De rondvaartboot vertrekt één keer per dag, om 13.30 uur. Ook bij het Hannemahuis, voor een indruk van de geschiedenis van Harlingen, kan ik pas om 13.30 uur terecht.

De winkels zijn open. Gelukkig nauwelijks grote ketens, wel leuke, op zichzelf staande winkeltjes. Ik pas af en toe wat en neem koffie met appeltaart bij Wachter.

13.30 uur

Het is warm vandaag, de schipper heeft alle raampjes van de rondvaartboot opengezet. Hij vertelt onderweg wat we zien. Roeiboten, waarmee de Harlingen-Terschelling-race wordt gevaren. Een voormalige wierschuur – vroeger werd daar het zeewier gedroogd om het als matrasvulling te kunnen gebruiken. En het huis waar schrijver Simon Vestdijk een tijd woonde.

Het blijkt een vermakelijke en opmerkelijke rondvaart. Zo passeren we sleepboot Langenort. Die is nu te koop, maar deed ooit dienst als abortusboot. Twee keer moeten de sluizen handmatig worden opengezet. Dat gebeurt door twee bonkige kerels, de een met een baard en staart, de ander met een grote buik en tattoos. Zo lopen er meer rond in Harlingen.

Tegen het einde van de tocht varen we langs een werf waar grote honden lopen. Een hobby van de eigenaar, zegt de schipper. De eigenaar heeft nog een hobby, die zien we even verderop. „Het stukje Sahara in Harlingen”, noemt de schipper de berg zand waar een paar dromedarissen op liggen.

15.30 uur

In het Hannemahuis, vernoemd naar de Harlingse familie Hannema, zijn veel schilderijen te zien, vooral prachtige zeegezichten. Er is een Vestdijkkamer en een deel van de achttiende-eeuwse jeneverstokerij onder het huis is opengelegd.

17.00 uur

Op naar terras nummer drie vandaag. In de Noorderhaven bij hotel en restaurant Anna Casparii heb je mooi uitzicht op het statige stadhuis, bijzondere klokgevels en pakhuizen met namen als ‘Sumatra’ en ‘Java’. De binnenstad telt ruim 500 monumenten.

Oké, de zon helpt mee, maar het vakantiegevoel neemt toe nu aan het einde van de middag één voor één de zeilboten binnenvaren. Gebruind en op slippers stappen de zeilers op de kade en nemen plaats op een terrasje.

Naast me zitten twee oudere mannen en een vrouw. Hoe ik Harlingen vind, vraagt de een. Een gesprek over het grove taalgebruik van de Harlingers (ze hebben het over je ‘harses’ in plaats van ‘hoofd’ bijvoorbeeld), de omstreden geplande afvaloven en de Friese taal volgt. In Harlingen spreken ze namelijk geen Fries. En dat is best gek eigenlijk. Maar met praten op zich hebben ze geen moeite. Stel een vraag – of niet – en ze vertellen met trots over hun stad.

19.00 uur

In de Voorstraat ga ik vis eten bij restaurant Ons. De glazenwasser die weer bij Den Smeerpaal zit, zwaait. 24 uur in Harlingen en ik heb er al vrienden.