Laat er maar snel een ramp gebeuren

Hoera! Rijke landen gaan hun CO2-uitstoot in 2050 flink verminderen. Dat er onderwijl nog miljoenen mensen overlijden, is sneu. Zo gaat dat kennelijk, stelt Gwynne Dyer vast.

G8-beloften zijn lang niet genoeg Maar geen wereldleider durft dat te zeggen (Illustratie Bas van der Schot) Schot, Bas van der

Zo doet de mens zaken. Wat de G8 vorige week in Italië aan de klimaatverandering besloot te doen, was veel minder dan nodig is, maar wel het allerbeste waarop een realist mocht hopen. Het gevolg zal waarschijnlijk zijn dat enkele tientallen miljoenen mensen overlijden, of enkele honderden miljoenen als we echt pech hebben. Hoewel er nog tijd is om het ergste te vermijden, is daar trouwens niets aan te doen: zo doen wij nu eenmaal zaken.

Een voorbeeld. De Amerikaanse president Barack Obama heeft de beste klimaatadviseurs die er bestaan. Zij weten exact hoe ernstig de klimaattoestand is, net zoals Obama dat weet. Maar toen aan zijn belangrijkste wetenschappelijke adviseur, John Holdren, werd gevraagd waarom de VS zich niet wilden binden aan dezelfde doelstelling voor de CO2-uitstoot in 2020 als de Europese Unie, gaf hij het volgende antwoord:

„Als wij de laatste acht jaar niet hadden verspild, zouden we dat doel waarschijnlijk kunnen bereiken. Maar we hebben de laatste acht jaar wel verspild en dus heeft het niet zo zoveel zin dat wij officieel een doelstelling omarmen die realistisch gezien niet binnen bereik ligt.” Analyseer deze zin eens: wij hebben de afgelopen acht jaar niet gedaan wat we hadden moeten doen, dus kunnen we de komende twaalf jaar ook niet doen wat we zouden moeten doen.

Daar kunt u zich over opwinden, maar zo werkt het. Obama kan er niet omheen dat de ontkenning van de klimaatverandering in de Verenigde Staten nog altijd sterker is dan elders en dat het Amerikaanse Congres voor een groot deel een volle dochteronderneming van de fossiele brandstofindustrie is. Obama gaat voorlopig zover als hij kan gaan, en dat is niet genoeg.

Zo werken alle onderdelen van het systeem, niet alleen de Amerikaanse onderdelen. De regering van India, bijvoorbeeld, kan niet voorbijgaan aan de wrevel die de meeste Indiërs voelen als hun land wordt verzocht zijn CO2-uitstoot te verminderen en zijn eigen ontwikkeling te vertragen om een probleem op te lossen waaraan India weinig heeft bijgedragen.

Bijna het gehele CO2-overschot dat zich nu in de lucht bevindt, is daar door de oude industrielanden ingebracht. Maar nieuwe industrielanden als India zullen het eerst en het hardst worden getroffen door de klimaatverandering die er het gevolg van is. Als ze hun uitstoot verminderen, betekent dit dat ze minder snel ontkomen aan de armoede, iets wat de oude rijke landen nooit hebben hoeven doen – en als ze weigeren, zal de klimaatverandering hen nog sneller en harder treffen. Of ze nu hoog of laag springen, de besluitvormers in India zullen de woede van de kiezers onder ogen moeten zien.

Elk land komt aan tafel te zitten met machtige lobby’s die het thuisfront tevreden moeten stellen. En het is welhaast een wonder dat de achttien landen met de grootste uitstoot, die samen tachtig procent van de menselijke CO2-uitstoot voor hun rekening nemen, het allemaal eens wisten te worden dat de gemiddelde aardtemperatuur nooit meer dan twee graden Celsius zou mogen stijgen boven het niveau van 1900. Al waren er andere belangrijke zaken waarover ze het niet eens zijn geworden.

De grote industrielanden van de G8 (de VS, Rusland, Japan, Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië en Canada) hebben toegezegd hun uitstoot in 2050 met 80 procent te verminderen. Ook hebben ze de ontwikkelingslanden gevraagd hun uitstoot zodanig terug te dringen dat in datzelfde jaar een mondiale vermindering van 50 procent kan worden bereikt. De ontwikkelingslanden weigerden.

Maar diezelfde snel industrialiserende landen van de G5 (China, India, Brazilië, Mexico en Zuid-Afrika) hebben de rijke landen uitgedaagd met de eis dat de G8 een tussentijds doel voor de uitstootvermindering in 2020 zou moeten vaststellen. Elke leider kan beloften doen voor 2050, in de veilige wetenschap er dan niet meer bij te zijn. Maar beloften voor 2020 moeten misschien wel worden ingelost terwijl je er nog wel bij bent. En dus weigerden de G8-leiders.

Toch zou de gedachte dat al deze landen, plus nog vijf andere grote CO2-leveranciers (de Europese Unie, Indonesië, Egypte, Zuid-Korea en Australië), medio 2009 daadwerkelijk met een uiterste limiet van +2 graden Celsius zouden instemmen, achttien maanden geleden nog maar als fantasie zijn beschouwd. „De weg erheen is hiermee natuurlijk nog niet gegeven, maar ze hebben tenminste het reisdoel bepaald”, zegt Rajendra K. Pachauri, voorzitter van de intergouvernementele commissie voor klimaatverandering.

Nou ja, niet helemaal, want ook bij maar 2 graden warmer raakt de wereld door zijn voedsel heen (de opwarming van de aarde treft de voedselproductie heel hard) en dat zou weer leiden tot golven vluchtelingen, mislukte staten en verbeten lokale oorlogen om het overgebleven water, vooral in de subtropische streken. Bovendien biedt de tweegradendoelstelling ons maar 50 procent kans om de keerpunten te vermijden die tot een ongebreidelde opwarming zouden leiden.

Onze huidige doelstellingen zouden dan ook veel ambitieuzer moeten zijn, met strenge sancties voor landen die ze niet halen of ze ontduiken. De toekomst van onze kinderen hangt hier echt vanaf. Maar we kunnen nog geen striktere doelen stellen omdat het internationale politieke systeem zo snel niet werkt – en we geen tijd hebben om dit opnieuw in te richten.

Als we geluk hebben, doen zich een paar vroege rampen voor waarbij niet te veel mensen omkomen, en jagen deze de landen op de wereld genoeg angst aan om drastischer uitstootverminderingen te aanvaarden terwijl er nog tijd is om het ergste te voorkomen. Maar meer zit er op dit moment niet in. Dus twee hoeraatjes voor de tweegradengrens.

Gwynne Dyer is een Canadese historicus. Hij werkt als freelance journalist en columnist en schrijft voornamelijk over internationale betrekkingen.

Op nrc.nl/klimaat meer over de weg naar een nieuw klimaatverdrag, dat eind 2009 in Kopenhagen moet worden gesloten.