Binnen 24 uur 8 Britten dood in Helmand

In de Afghaanse provincie Helmand zijn binnen 24 uur acht Britse militairen van de NAVO-stabilisatiemacht ISAF omgekomen. Dat brengt het Britse dodental in de laatste tien dagen op vijftien. Sinds de val van het Talibaan-regime eind 2001 zijn nu 184 Britten gedood in Afghanistan.

Dat zijn vijf militairen meer dan de Britten hebben verloren in de oorlog in Irak. Gisteren kwamen vijf militairen om bij twee bomaanslagen tijdens een voetpatrouille in het district Sangin. Een zesde werd gedood door een explosie tijdens een operatie bij Nad Ali, maakte het Britse ministerie van Defensie bekend. Donderdag kwamen twee militairen om: één door een explosie tijdens een voetpatrouille bij Nad Ali, één werd doodgeschoten.

De intensivering van de bermbomaanvallen van de Talibaan wordt gezien als een reactie op de twee offensieven die gaande zijn in Helmand. Ongeveer 4.000 Amerikaanse mariniers voeren er operatie Slag van het Zwaard uit, die een groot deel van de vallei rond de Helmand-rivier beslaat. Zij werken nu aan het opzetten van legerbases in de relatief dichtbevolkte vallei, met de bedoeling te laten zien dat ze de bevolking willen beschermen tegen de Talibaan. Britse militairen zijn sinds ruim twee weken bezig met de luchtmobiele operatie Panterklauw, bedoeld om de regio Babaji onder controle te krijgen.

De Talibaan gebruiken steeds zwaardere bermbommen met meer geavanceerde techniek. Ook hebben ze na jaren strijd tegen westerse militairen precies door hoe ze die het beste kunnen treffen. Ze leggen bijvoorbeeld bommen in deuropeningen of in dakgoten (ISAF-militairen houden vaak vanaf daken toezicht tijdens huiszoekingen). In Groot-Brittannië rijst geregeld kritiek op de Britse wapenrusting in Helmand. Er wordt geklaagd over een tekort aan helikopters en zwaar bepantserde voertuigen.

Premier Brown zei gisteren dat dit „een zeer zware zomer” is en dat er inmiddels genoeg pantservoertuigen, helikopters en nachtkijkers zijn. (AP, Reuters)