Punkhaar

Rintje Punkhaar. Illustratie Sieb Posthuma Posthuma, Sieb

‘Ik ben helemaal nat”, zegt Henriette als ze bij Rintje binnenkomt.

„Waarom heb je niet even gewacht tot het droog was buiten?”, vraagt Tobias.

„Mijn moeder zei dat het nooit meer ging stoppen”, zegt Henriette. „En ik wilde toch met jullie spelen!”

„Had je een paraplu?”, vraagt Rintje. „Het lijkt wel alsof je mooie krullen helemaal niet nat zijn!”

„Nee, hoor,” zegt Henriette. „Maar ik heb er spul in gedaan waardoor het goed blijft zitten! Ook al wordt het nat!”

„Spul?”, vraagt Tobias. „Wat voor spul?”

„Gel”, zegt Henriette. „Haargel. Het is iets dat je in je vacht smeert, waarna de krullen heel hard worden. Dan blijven je krullen mooi, ook als het regent!”

„Dat wil ik ook!”, zegt Tobias.

„Hihi”, giechelt Henriette. „Voor die krullen van jou zeker! Waar moeten we die gel in smeren? Je bent een gladharige teckel, mallerd!”

„Toch wil ik het ook!”, zegt Tobias. „Ik heb een filmpje op de televisie gezien met punkhonden en daar wil ik op lijken.”

„Punkhonden?”, vraagt Rintje. „Wat zijn dat?”

„Dat zijn honden die muziek maken en heel erg stoer zijn”, zegt Tobias. „Ze zijn voor niets en niemand bang!”

„Nou”, zegt Henriette, „dat past dan niet echt bij jou!”

„Niet zo kattig doen”, zegt Rintje. „Kom we gaan naar jouw huis, Henriette, en daar gaan we gel in Tobias’ vacht smeren!” Bij Henriette thuis drogen ze zich af en dan pakt Henriette haar pot met gel.

„Ga maar even op dit krukje zitten”, zegt ze. „Dan kan ik er beter bij.”

Als de gel in de vacht van Tobias zit, zien ze geen enkel verschil.

„Je moet heel hard tegen mijn haren in strijken”, zegt Tobias. „Dan word ik een echte punker.”

Rintje en Henriette doen hun best de haren van Tobias zo rechtop mogelijk te zetten.

„Nu lijk je wel op een wc-borstel!”, lacht Rintje.

„Ben je nu een punkhond?”, vraag Henriette. Ze houdt de spiegel omhoog en Tobias draait rondjes om zichzelf goed te kunnen zien.

„Ik kijk nog te lief”, zegt hij. „Dat hoort er niet bij.” Hij trekt een heel gevaarlijk gezicht, en dan is hij pas helemaal tevreden.

„Ik wil ook punk zijn”, zegt Rintje, en even later heeft hij ook stekeltjes op zijn rug.

„Nu kunnen we een echte popgroep beginnen en dan komen we op televisie!”, zegt Tobias.

„Maar hoe gaat onze groep dan heten?”, vraagt Henriette.

„De HeRiTo-punkies!”, zegt Rintje. „Kom we gaan in ons clubhuis een liedje bedenken!”

„En dan zet ik mijn krullen ook rechtop!”, zegt Henriette.

    • Sieb Posthuma