Plezierjacht telt voor fiscus niet als goed doel

Staatssecretaris De Jager van Financiën beperkt de mogelijkheid om giften aan een door de gever zelf opgericht goed doel af te trekken. Er komt een toets door de belastingadviseur.

Staatssecretaris Jan Kees de Jager (Financiën, CDA) heeft de strijd aangebonden met fiscaal misbruik van familiestichtingen. Die profiteren van trucs met giftenaftrek in de inkomstenbelasting. Daaraan wil het kabinet een eind maken.

Maar de plannen van de staatssecretaris maken ook gewone liefdadigheidinstellingen zenuwachtig. Sommige gulle gevers vragen zich af of hun goede doel volgend jaar nog wel fiscaal erkend is. Met een gisteren verstuurde brief aan de Tweede Kamer probeert de staatssecretaris die onrust weg te nemen.

De staatssecretaris stoort zich aan het volgende juridische opzetje. Een rijke particulier schenkt jaarlijks bijvoorbeeld een ton aan de Hartstichting. Daarvoor krijgt hij de giftenaftrek, die hem netto 50.000 euro besparing in de inkomstenbelasting oplevert. Met een slimme belastingadviseur weet hij meer uit die vrijgevigheid te halen. Daartoe richt hij een ‘eigen’ stichting op. Die sluist de helft van de ontvangsten door naar de Hartstichting. De andere helft gaat op aan, bijvoorbeeld, een plezierjacht.

Onder de huidige wetgeving kwalificeert zo’n stichting als een fiscaal erkend goed doel. De schenker maakt twee ton over naar zijn eigen stichting. Dat levert een aftrekpost van 100.000 euro op. De Hartstichting krijgt nog steeds 100.000 euro. Maar de besparing voor de betrokkene is verdubbeld. Zo betaalt de fiscus mee aan het plezierjacht.

De staatssecretaris wil de wet met de jaarwisseling wijzigen. De fiscus erkent dan alleen nog maar goede doelen die zich bijna uitsluitend (minstens 90 procent) op het algemeen nut concentreren. Vanaf dat moment is 50 procent te weinig. Dat plan zorgde voor onrust onder musea met een museumwinkel en organisaties met een kantine. Zo’n winkel is geen goed doel. Dat is een onderneming die, net als andere winkels, op winst uit is. Brengt dat de goededoelenerkenning van het hele museum in gevaar?

De staatssecretaris biedt nu duidelijkheid. De belastinginspecteur zal beoordelen of de opbrengsten uit de winkel voor het algemeen nut worden besteed. In dat geval blijft de fiscale erkenning intact. Hetzelfde criterium hanteert de fiscus voor goede doelen die een kapitaal beheren (vermogensfondsen). Ook daarvan gaat de inspecteur na of de beleggingsopbrengsten naar het beoogde goede doel gaan.

De Groningse hoogleraar (en belastingadviseur bij Deloitte) Ruben Freudenthal betwijfelt of deze constructies veel voorkomen. „Het is aan de ene kant goed dat de staatssecretaris de ontstane onrust zo snel mogelijk de kop indrukt. Aan de andere kant word ik er wat moe van dat hij steeds een vijandbeeld oproept om nieuwe maatregelen te rechtvaardigen. Constructies zoals hier beschreven, heb ik nog nooit meegemaakt.”

Er bestaat ook ongerustheid over het kabinetsplan om geen belastingfaciliteiten meer te verstrekken aan goede doelen waarvan de kopstukken een strafrechtelijke veroordeling op zak hebben. De staatssecretaris komt daar nu op terug. Hij gaat zich beperken tot veroordelingen voor haat zaaien of oproepen tot geweld. De belastinginspecteur zal overigens alleen de reputatie van personen onderzoeken als hij twijfelt aan de integriteit van de instelling zelf, zo blijkt uit de gisteren naar de Kamer gestuurde brief.

Intussen hoeven gewone donateurs van goede doelen zich volgens De Jager niet ongerust te maken. Zolang een schenker te goeder trouw is, behoudt hij de giftenaftrek. Zelfs als de fiscus de fiscale erkenning van het goede doel van zijn keuze later met terugwerkende kracht intrekt. Goede doelen en hun donateurs zijn voor de samenleving en voor de kabinetsdoelstelling van onschatbare waarde, zo verzekert de staatssecretaris aan de Tweede Kamer.