'Economisering' zorg drijft wig tussen fracties

Het kabinetsplan om ziekenhuizen beperkt winst te laten uitkeren verdeelt de coalitiefracties.

Ruzie willen de coalitiefracties het niet noemen, maar het kabinetsplan om winstuitkeringen in de zorg onder voorwaarden en op termijn mogelijk te maken, plaatst het CDA en de PvdA in de Tweede Kamer tegenover elkaar. De derde coalitiegenoot, de ChristenUnie, zit tussen beide in.

In een brief aan de Kamer maakten minister Klink (Volksgezondheid, CDA) en staatssecretaris Bussemaker (PvdA) gisteren bekend dat ziekenhuizen binnen afzienbare termijn de mogelijkheid krijgen private investeerders winst uit te keren. Met dat vooruitzicht kunnen ziekenhuizen die in geldnood verkeren, externe kapitaalverschaffers aantrekken. Ter voorkoming dat deze financiers in ziekenhuizen hun eigen gewin laten prevaleren boven het belang van patiënten, krijgen zij geen beleidszeggenschap.

Het is een politiek compromis tussen de bewindslieden van CDA en PvdA. In het vorige kabinet beloofde oud-minister Hoogervorst (Volksgezondheid, VVD) ziekenhuizen nog een ongeclausuleerde winstuitkering.

Klink wil de ziekenhuizen meer vrijheid geven en heeft Bussemaker voor zijn standpunt gewonnen met strenge voorwaarden voor de winstuitkeringen. Als sociaal-democraat heeft Bussemaker bezwaren tegen verdere liberalisering van de zorg.

Kamerlid Eelke van der Veen (PvdA) zegt zich te zullen verzetten tegen de voornemens van beide bewindslieden. „Het is voor ons een principekwestie”, zegt hij. De PvdA-fractie meent dat er nooit premiegeld mag wegvloeien naar private aandeelhouders. Bovendien is de fractie bevreesd voor de invloed van buitenstaanders die ziekenhuizen binnenhalen.

„Je krijgt daar geheid discussie over. De bewindslieden hebben voor een erg ingewikkelde constructie gekozen om de invloed van aandeelhouders te beperken. Die van een maatschappelijke onderneming.”

De PvdA-fractie denkt dat kapitaal verschaffende aandeelhouders niet nodig zijn als de overheid banken meer duidelijkheid biedt over bijvoorbeeld nieuwe bouwregels. De partij ziet geen enkele meerwaarde in winstuitkeringen.

Kamerlid Jan de Vries (CDA) profileerde zich in het verleden tegen de ‘economisering’ van de gezondheidszorg. Nu zegt hij nog steeds beducht te zijn dat winst het doel wordt in plaats van de kwaliteit van de zorg. Maar hij is tevreden met de randvoorwaarden die de bewindslieden aan de winstuitkeringen verbinden.

Nu zijn ziekenhuizen afhankelijk van banken en vloeit er ook geld in de vorm van rente uit de zorg , zegt hij.

Vervolg Zorg: pagina 3

Cruciale rol voor ChristenUnie

Vervolg Zorg van pagina 1

Als eind dit jaar het Kamerdebat over de hervorming van de zorg begint, is de positie van de ChristenUnie cruciaal. Kamerlid Esmé Wiegman (ChristenUnie) is kritisch over winstuitkeringen. „Er is nog zo veel niet op orde in de zorg. Dat moeten we eerst goed regelen, maar wij staan open voor het debat. In die zin zitten wij tussen het CDA en de PvdA in.”

Winst uitkeren is niet het enige pijnpunt in de brief. Al eerder bleek dat een meerderheid van de Tweede Kamer niets voelt voor fusies tussen verzekeraars en zorginstellingen. Toen zorgverzekeraar DSW aankondigde het Vlietland Ziekenhuis in Schiedam met andere zorgpartijen te willen overnemen, veroorzaakte dat heftige reacties in de politiek. Onder aanvoering van de VVD vroeg een Kamermeerderheid Klink om een wettelijk verbod.

De bewindslieden op Volksgezondheid willen daar niet aan.

Kamerlid De Vries keurt dat af, evenals zijn PvdA-collega Van der Veen. Verzekeraars moeten als belangenbehartigers van hun verzekerden tegenwicht bieden aan zorginstellingen en niet op hun schoot gaan zitten, vinden zij. De keuzevrijheid van patiënten zou dan in het geding komen.

„Ik maak me zorgen over de ongebreidelde fusiedrang in de zorg”, zegt De Vries. „En voor fusies tussen verzekeraars en zorgaanbieders ben ik extra beducht.” De PvdA is het hiermee eens, maar zal eerder een breekpunt maken van de winstuitkeringen.

Klink en Bussemaker stellen voor de Inspectie voor de Gezondheidszorg toekomstige fusieplannen van zorginstellingen te laten beoordelen.

De CDA-fractie vindt dat onvoldoende. „Ik zie nergens dat het oordeel van de Inspectie zwaarder weegt dan het oordeel van de Nederlandse Mededingingsautoriteit die alleen maar economische aspecten toetst”, zegt De Vries.