Doktersroman met kosmopolitisch schaamlapje

Abraham Verghese: De heelmeesters. Uit het Engels vertaald door Otto Biersma en Paul Bruijn. Bezige Bij, 622 blz. € 25,-

Abraham Verghese: De heelmeesters. Uit het Engels vertaald door Otto Biersma en Paul Bruijn. Bezige Bij,622 blz. € 25,-

Bij een goed boek blijf je na het slot met vragen achter; in het beste geval ga je zelfs anders tegen de dingen aankijken, in ieder geval met hernieuwd perspectief. En op dat laatste hoop je dan ook bij een kosmopolitische roman als De heelmeesters van arts-schrijver Abraham Verghese.

‘Geografie bepaalt je lot,’ stelt verteller Marion Stone, en dat schept de verwachting dat het perspectief ruim zal zijn, zeker bij een roman die zich afspeelt in India, Ethiopië, de Verenigde Staten en Italië. Maar van zo’n perspectiefverbreding, blikverruiming zo men wil, is geen sprake, eerder van een soort verstandverbijstering.

Verghese’s verhaal zit boordevol tragiek: een non gaat per schip van India naar Afrika. Geen gemakkelijke reis want er vallen doden bij bosjes, en een van hen is haar reisgenoot. Ze ontmoet aan boord de arts Thomas Stone. Ook hij is zwaar ziek – het is een onsmakelijke bedoening aan boord – maar dankzij haar manhaftige verzorging redt hij het.

Eenmaal aangekomen neemt het tweetal afscheid, maar al snel ontmoeten ze elkaar weer in een ziekenhuis in Ethiopië. Het ziekenhuis heet Mission Hospital, maar in Ethiopië hebben ze kennelijk moeite met de uitspraak van Engelse woorden, of doen ze aan humor om te lachen, in ieder geval wordt de naam van het ziekenhuis verbasterd tot ‘Missing’. Want mochten we het nog niet door hebben: de hele roman draait om gemis en de pogingen de leegte op te vullen.

Non en dokter werken zij aan zij, beiden zijn succesvol, maar er is een probleem: zij wordt zwanger – van hem. Dat blijft lang verborgen en totdat de baby zich aandient en er sprake blijkt te zijn van een Siamese tweeling. De non overleeft de bevalling niet, de twee baby’s met de hoofden aan elkaar gegroeid, wél. De dokter is intussen zo boos en machteloos over het feit dat hij zijn grote liefde niet heeft kunnen redden dat hij met de noorderzon vertrekt – om nooit weer te keren.

De tweeling, de jongetjes Marion en Shiva, groeit op onder de beschermende zorg van twee Indiase artsen die ook in Missing werken. Hoofdstukken lang wordt de stille symbiose tussen de twee kinderen uitgediept. Was die saamhorigheid er niet geweest dan was dat de onvoorspelbaarheid van het verhaal ten goede gekomen. Afijn, het zal wel bedoeld zijn om de finale, tragische scheiding tussen de twee extra gewicht te geven.

Ook de politiek wordt niet vergeten: de adoptievader wordt gearresteerd na een mislukte couppoging (maar keert ongeschonden terug), de Eritrese strijd om onafhankelijkheid leidt tot het vertrek van Marion naar de VS. Er volgt verwikkeling op verwikkeling, het boek is boordevol en je kunt er in elk geval over zeggen dat het ondanks alle ellende (broedertwist, zelfmoord, wraak, kanker en andere ziektes) vlot weg leest, ook al blijf je soms haken aan omschrijvingen van dijbenen die aan de binnenkant ‘roomwit’ zijn.

Uiteindelijk verzoent iedereen zich met iedereen en met het lot, en zelfs met Thomas Stone, die als arts bij de geboorte van de tweeling tekortschoot en die als vader ook faalde. Hij krijgt nog de zoekgeraakte, allerlaatste brief van de moeder van de tweeling: een liefdesverklaring. En als klap op de vuurpijl kom je ook nog te weten dat Thomas Stone jarenlang de anonieme geldgever aan Missing is geweest.

De Heelmeesters biedt dus als doktersroman veel zoetsappigheid tegen een kosmopolitisch decor. De enige vraag die na lezing overblijft: hoe is het mogelijk dat zo’n smartlap een roman genoemd wordt?