De geur van bedwantsen

Niemand houdt van zwarte bessen, tenzij ze tot jam, crème de cassis, pudding of snoep zijn verwerkt. Gewone zwarte bessen vindt geen mens lekker. De meeste mensen vinden zelfs de geur van zwarte bessen struiken al onaangenaam - volgens Jane Grigson (de schrijfster van het geweldige Fruitbook) meende men in vroeger tijden dat ze naar bedwantsen stonken. Nu heb ik geen flauw idee waar die naar zouden kunnen ruiken (naar zwarte bessen, hè, hè), maar je voelt aan alles dat het niet gunstig bedoeld is.

Toch hebben veel mensen zwarte bessenstruiken in hun tuinen - ik ook. En bij mensen met te veel zwarte bessen staan nu bakjes buiten, mag je voor een paar centen hele bakken meenemen. Maar wat doe je er dan mee. Want niemand houdt er dus van, behalve die ene vriend die laatst verklaarde dat hij er dol op was, zwarte bessen, puur, geen suiker ook erop, nee als-je-blieft niet, gewoon zo eten. Hij keek er overtuigd verheerlijkt bij, dus het zal wel waar zijn.

Maar ja, aan één vriend kun je geen ponden zwarte bessen kwijt.

En er komt nog bij dat zwarte bessen na de pluk nog niet consumptieklaar zijn. Want er zitten dan nog kleine stukjes steel aan en een soort neusjes op en voor echt genieten wil je die eraf hebben.

Nu bof ik enorm want ik heb in huis iemand die opveert als je zegt: kapucijners doppen? zwarte bessen schoonmaken? Dus ik had al snel een grote schaal neus- en steeltjesloze bessen. En eerlijk is eerlijk, ze waren zo zongerijpt (we mogen nu niet ondankbaar vergeten dat het tot voor een paar dagen aldoor heel mooi weer was) dat ze gewoon zo bloot, echt lekker waren. Misschien eigenlijk wel lekkerder dan de wel door iedereen gewaardeerde aalbessen met hun wrangige pitjes die aan de binnenkant van je tanden gaan zitten en daar niet weg willen.

Zwarte bessen hebben enorm veel smaak. Daarom lenen ze zich goed voor jams en sauzen. En voor taart.

Zwarte bessentaart

Deeg:

  • 200 gr bloem
  • 100gr boter
  • 60 gr suiker

Vulling:

  • zwarte bessen
  • 3 el crème de cassis
  • kaneelstokje
  • 2 el witte basterdsuiker
  • 1,25 dl slagroom
  • 2 eieren
  • 2 eierdooiers

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Maak deeg door bloem, boter en suiker door elkaar te snijden tot alles kruimelig is, doe er dan 2 eetlepels koud water bij en kneed het geheel snel tot een bal. Rol die uit op een met bloem bestoven aanrecht en bekleed er een kleine springvorm mee. (Het is handig om de vorm eerst met bakpapier te bekleden, de vulling is vloeibaar en zo voorkom je lekkage).

Doe zoveel zwarte bessen in de vorm tot de bodem royaal bedekt is en giet ze dan in een pan.
Prik gaatjes in de deegbodem, leg er aluminiumfolie op en verzwaar het deeg met bakknikkers of oude bonen. Haal na 12 minuten uit de oven, bak de bodem nog 2 minuten zonder de blinde vulling.

Verwarm de bessen intussen met de basterdsuiker, crème de cassis en het kaneelstokje. Laat de suiker oplossen (schud af en toe aan de pan) en laat het geheel warm worden, zet dan het gas uit - het is niet de bedoeling dat de bessen stuk koken. Laat afkoelen.

Klop in een kom de eieren en de dooiers los, doe er de room bij, klop goed en roer de afgekoelde bessen en hun sap erdoor.

Giet deze vulling in de taartboden en laat de taart 30 minuten bakken. Af laten koelen op een rooster en koud eten.