Wethouder mag zwakke school toch via brief aan de ouders aanpakken

Mag een gemeentebestuur per brief ouders waarschuwen tegen de school die zij voor hun kinderen uitkozen? Het werd de Rotterdamse wethouder Geluk in augustus nog verboden. Maar deze week keurde het Gerechtshof Den Haag zijn brief onverwacht goed.

De wethouder schreef de ouders vorig jaar dat de gemeente Rotterdam de school Ibn Ghaldoun ‘onacceptabel’ en ‘zeer zwak’ vond en dat hij geen vertrouwen meer in het bestuur had. Hij vond vooral dat de school ‘onvoldoende doet om de kwaliteit te verbeteren’. Hij zei de ouders dat hun kinderen de dupe waren en vroeg hen met zoveel woorden het schoolbestuur af te zetten. Stevige taal dus. De brief wordt samengevat in rechtsoverweging 2.6.

Overtrad de gemeente hier nu de grondwet door ‘in te grijpen’ in het onderwijs, een bevoegdheid die alleen aan de inspectie toekomt? Daarin waren rechtbank en gerechtshof het eens. Dat was niet het geval.  Er was geen sprake van een bevel, een verbod, een plicht of een sanctie zegt het hof in 4.3. De ouders konden die brief gewoon in de prullenbak gooien en dan gebeurde er niks.

De rechtbank vond de brief alleen wel onrechtmatig. Lees daarover 4.7.3 waarin de rechtbank uitlegt dat de gemeente ‘disproportioneel’ handelt vooral door ouders te adviseren een andere school voor hun kind te kiezen. Daar hoort een wethouder zich niet mee te bemoeien, meende de rechter in kort geding. Hier klinkt de vrijheid van onderwijs door, een grondwettelijk recht dat traditioneel zwaar weegt.  Onderwijs als principieel particuliere zaak. Bovendien vond de rechtbank dat de wethouder aan Ibn Ghaldoun negatief uitzondert door dergelijke brieven niet eveneens aan ouders met kinderen op andere eveneens ‘zeer zwakke’ scholen te sturen.

Het gerechtshof vindt echter het handelen van de wethouder wel in juiste verhouding staan tot de problemen. De gemeente kon redelijkerwijs oordelen dat de school onvoldoende deed om de kwaliteit te verbeteren (5.2 tot 5.10). Er was volgens het hof terecht reden tot zorg waarvan de ouders moesten weten. Mag een wethouder dan ouders adviseren een andere school te kiezen? Het Hof vindt dat “niet meer dan aan de ouders aangereikte, praktische en naar eigen keuze te gebruiken oplossingen” (6.1)

Met de vrijheid van onderwijs hoeft een wethouder van het Hof dus veel minder omzichtig om te gaan. Het is geen principiële kwestie, maar een praktische. Dat er nog vier andere zeer zwakke scholen zijn vindt het Hof ook geen argument. Die werken namelijk wel mee met de gemeente.

Er was evenmin  sprake van onjuiste of ongegronde informatie. Een onjuiste indruk is ook niet gewekt. Van ‘lichtvaardige verdachtmaking’ was geen sprake. De wethouder schreef de brief pas nadat hij tevergeefs het schoolbestuur op het verzuim had aangesproken. Volgens het Hof stond hij volledig in zijn recht.

De vrijheid van gemeentebesturen om zich rechtstreeks tot ouders met kinderen op bijzondere scholen te wenden met zeer kritische taal is vergroot. Mits juist en in proportie, maar dan mag er veel. En de vrijheid van schoolbesturen om hun eigen plan te trekken, met voorbijgaan van het stadsbestuur is verkleind.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige vermelding van naam. Geen pseudoniemen, alleen initialen of voornamen. Lees hier en hier berichtgeving over Ibn Ghaldoun.