Tien stappen om in een burn-out te raken

Een fantastisch leven hebben kan je de kop kosten.

Ex-hoofdredacteur van de website Spunk Jan Hoek kreeg op zijn vijfentwintigste een burn-out.

Illustratie Sebe Emmelot Smiley. Emoticon Emmelot, Sebe

Leid het meest fantastische leven dat je je maar kan voorstellen.

Het afgelopen jaar heb ik een burn-out gehad, waardoor ik opeens van de meest energieke jongen die men zich kon voorstellen veranderde in een wankele bejaarde die na elk bezoekje aan Albert Heijn een dutje moest doen op de bank om bij te komen. En het heeft bijna een jaar geduurd voor ik me weer meer mens dan zombie voelde. Je zou denken dat je het heel bont gemaakt moet hebben, dat het zover kon komen. Dat valt eigenlijk reuze mee. Een burn-out krijgen is juist het makkelijkste wat ik ooit heb gedaan. Het enige wat ik ervoor moest doen was proberen al mijn dromen waar te maken en het leukste leven te leiden wat ik me maar kon voorstellen.

Heb het meest fantastische werk dat je je maar kan voorstellen.

Mijn psycholoog zei dat ik behoor tot „de nieuwe generatie burn-outers”. Heel generaliserend gesteld bestaat de oude generatie uit zakenmannen in krijtstreeppak met werkschema’s waarmee ze slechts vier uur per dag over hebben om zowel te slapen als hun vrouw en secretaresse te bevredigen in al hun persoonlijke behoeftes. De nieuwe generatie is een stuk jonger, ikzelf ben bijvoorbeeld 25. Wij krijgen het niet enkel door werk, maar ook door ons op alles in het leven met een grote bezetenheid te storten. Omdat we dat op zoveel verschillende vlakken doen, hebben we nergens door dat we erin doorschieten. Ik vond nooit dat ik te hard werkte. Mijn werk was namelijk leuk, eigenlijk nauwelijks werk te noemen. Eerst was ik hoofdredacteur van een tijdschrift, vervolgens mocht ik een boek schrijven en daarna werkte ik even voor een tv-programma. Ik vond mijn werk zo fantastisch, dat als ik dit lijstje op een feestje opsomde, ik niet eens door had dat anderen best wel eens de behoefte kregen mij een beetje in mijn gezicht te stompen vanwege al dat gepraat over al mijn succes.

Heb de meest fantastische vriendengroep die iedereen zich maar voor kan stellen.

Ik werkte echt niet te veel; ik had ook heel veel tijd voor andere dingen. Ik had bijvoorbeeld ongelofelijk veel vrienden en ik had tijd om ze allemaal te zien. Ik moest op zaterdagen vaak koffiedrinkestafettes organiseren om dat voor elkaar te krijgen. Ik had een vriend die zei dat hij inmiddels wel iedereen in Amsterdam kende en vervolgens naar Berlijn verhuisde. Mijn doel was om hetzelfde te bereiken, maar dan wel hier te blijven.

Wees de meest fantastische vriend die iedereen zich maar kan voorstellen.

Ik was me bewust van het feit dat sommige vrienden zich iets minder bijzonder voelden bij het idee dat ze slechts één van mijn duizend vrienden waren. En dat vond ik niet oké; ik moest en zou het middelpunt zijn in het leven van al die duizend mensen. Daarom probeerde ik voor iedereen plannetjes te verzinnen die ervoor zouden zorgen dat ze allemaal goed zouden onthouden dat ik diegene was aan wie ze al hun levensvreugde te danken hadden. Voor de ene regelde ik een boekcontract en voor de ander maakte ik stiekem een fansite waarop iedereen mooie anekdotes over die persoon kon uitwisselen. Ik waande me een Amélie, maar dan eentje die niet handelde uit eenzaamheid.

Ga naar de meest fantastische feesten die je je maar kan voorstellen.

Natuurlijk leverde mijn baan ook stress op. Maar ik had ook mijn methodes om die stress weer uit mij te krijgen. Zodra het donker werd ging ik op zoek naar de meest obscure feesten die ik maar kon vinden. En ik bleef daar tot iedereen, inclusief ik, zo 'vertiefd’ was dat niemand meer doorhad of hij of zij nou met een persoon of een kapstok aan het tongen waren. Als ik na zo’n feest met malende kaken en grote Mickey Mouse-ogen naar huis ging en zei dat over een paar uur weer moest werken, dan zeiden mijn feestvrienden: „Jezus Jan, jij gaat ook altijd vroeg naar huis; jij bent zo verantwoordelijk, zo verstandig!” Daar was ik het helemaal mee eens.

Neem een fantastisch lichaam en een fantastische gezondheid.

Toen ik eenmaal had bedacht dat ik van het geld dat ik zou overhouden als ik zou stoppen met roken naar die peperdure sportschool om de hoek zou kunnen, veranderde ik in één van de gezondste mensen die ik maar kende. Jaloers keek ik de eerste dag op de sportschool van mijn eigen kwabjes naar de spierbonk die naast mij in de apparaten hing. Gegeneerd vroeg ik hoe vaak hij hier kwam en toen wist ik dat ik om de dag moest gaan en dan net zo lang tot ik het laatste druppeltje zweet uit mijn lichaam had geperst. Na een paar maanden had ik weer bewezen dat je al je dromen waar kunt maken, als je dat maar wilt.

Voel je altijd fantastisch.

Moe en hoofdpijn waren mijn grote vijanden. Gelukkig werd het, naarmate ze om mysterieuze redenen steeds verder mijn leven binnen kwamen dringen, steeds leuker om ze te lijf te gaan. Pijnstillers werden namelijk verkrijgbaar onder de naam Ibuprofen, in een ontzettend kek neonroze kleurtje en het drinken van mega-emmers met koffie werd dankzij Coffee Company enorm goed voor je reputatie.

Blijf vinden dat het altijd fantastisch gaat.

Na een tijdje gingen mijn ouders zich opeens helemaal uit het niets zorgen maken. Je doet zo veel; hoe houd je dat toch allemaal vol? Werk je niet te hard? Geen mens kan toch zo’n druk leven volhouden? Maar het lukte mij wel, en dat was het grote bewijs dat het dus wel kon.

Laat ziekte je fantastische leven niet verpesten.

Net op het moment dat ik mijn allergrootste droom ooit zou gaan waarmaken, namelijk naar Tanzania verhuizen om daar een soort grotestadsmagazine te beginnen, ging ook mijn lichaam moeilijk doen. Ik werd elke maand ziek, soms wel een week lang. Zo regelmatig dat vrienden mij maandverband kado deden omdat ik de enige jongen was die ook zijn maandelijkse probleempje had. Ik moest dit oplossen, dus ging ik naar de dokter in de hoop op een pil of een kuur zodat ik weer beter werd en ik weer gewoon naar Afrika kon gaan. Er was één probleem: de dokter kon niks vinden. Ik had geen pfeiffer. Er was niks mis met mijn bloedspiegel. Ik had geen aids. Ik was helemaal gezond.

En neem dan een fantastische vakantie.

Uiteindelijk kwam ik er toch achter. Het was me eigenlijk al een miljoen keer verteld, maar op een gegeven moment had ik gewoon geen andere optie meer dan het te geloven. Ik moest rustiger aan doen. Zo moeilijk kon dat niet zijn. Dus plande ik samen met mijn mede-organisator zes weken rust in ons Tanzaniaanse schema. Het lukte alleen niet. Misschien lag het eraan dat het getto waarin we gingen wonen niet de best plek was om te ontspannen, aangezien elke dag de stroom uitviel, het er zo warm was dat we continu kletsnat van het zweet waren en ik er op klaarlichte dag werd overvallen door mijn nieuwe buurtgenoten. Maar dat was het niet alleen. Nu ik eindelijk rustig aan mocht doen, kon ik het niet meer. Het lukte me niet om in slaap te vallen en als het me wel lukte werd ik om zes uur wakker, maar wel met het gevoel alsof ik de dag ervoor drie flessen whisky achterover had geslagen. Ik kon ontspannen wat ik wilde; ik ging me elke dag alleen maar zieker en zieker voelen. Ik wilde het huis niet meer uit en vervloekte de wereld omdat er elke dag brood gehaald moest worden. Van het idee dat ik ooit weer moest gaan werken, kreeg ik letterlijk kotsneigingen. De zes weken gingen voorbij en ik was er nog nooit zo slecht aantoe geweest. Ik stuurde een e-mail naar huis. „Het is hier fantastisch, zo fantastisch dat ik wil dat het nooit ophoudt. Daarom hebben we besloten het project voorlopig even uit te stellen om nog meer te genieten van de vrijheid die we nu hebben.” En zodra ik op send had gedrukt, kroop ik op handen en voeten naar huis, om me daar in bed te verstoppen en te hopen dat ik me morgen wel weer beter zou voelen.

Jan Hoek is student aan de Rietveld Academie. Volgende week kun je van hem lezen hoe je weer uit een burn-out kunt raken.

    • Jan Hoek