'Oranjepleinen moet je daar niet willen'

Een delegatie van de KNVB constateerde vorige maand in Zuid-Afrika dat het land nog niet toe is aan de organisatie van het WK voetbal. „Ik ben wel geraakt door de hartelijkheid.”

Een bezoek aan het toernooi om de Confederations Cup heeft vorige maand de zorgen en twijfels die de KNVB had over het wereldkampioenschap voetbal in Zuid-Afrika (2010) niet weggenomen. De voetbalbond constateerde nog een groot aantal lacunes in de chaotische organisatie die voor westerse begrippen onvoorstelbaar zijn.

Bert van Oostveen, directeur bedrijfsvoering van de KNVB en projectleider voor het WK, somt ze moeiteloos op. „De kaartverkoop werkte niet goed en van de stewards is 50 tot 80 procent analfabeet”, vertelt hij. „Veel vakken waren niet toegankelijk of moeilijk te bereiken omdat de uitgangen waren geblokkeerd. Je moest over stoeltjes klimmen om op je plek te komen. In Pretoria hebben we meegemaakt dat er voor onze delegatie en de Nederlandse ambassadeur in Zuid-Afrika geen normale plaatsen waren gereserveerd. Buiten de stadions ontbrak het aan een goede verlichting. Daar was het ’s avonds hartstikke donker.”

Het Loftus Versfeld stadion in Pretoria acht Van Oostveen allerminst geschikt voor voetbalwedstrijden. „Dit is een oud rugbystadion en voldoet niet aan de eisen voor voetbalwedstrijden. De tribunes lopen langzaam omhoog en er zijn bijna geen cateringpunten.”

Gezien deze feiten ligt de conclusie voor de hand dat de stadioncommissie van de wereldbond FIFA, die onder leiding staat van de Japanner Junji Ogura, een oogje dicht heeft geknepen bij de controle van de accommodaties. De voorzitter van het WK-organisatiecomité van de wereldvoetbalbond is overigens een Afrikaan: Issa Hayatou uit Kameroen. FIFA-president Sepp Blatter verklaarde tijdens het toernooi om de Confederations Cup echter meerdere malen dat Zuid-Afrika heeft bewezen het WK te kunnen organiseren.

De KNVB zag dat ook het vervoer naar de accommodaties te wensen overliet. „Het transport van en naar de stadions wordt het grootste probleem”, verwacht Van Oostveen. „Openbaar vervoer is er niet of nauwelijks. Ik heb massa’s mensen kilometers zien lopen om de wedstrijden te bezoeken. Anderen probeerden krampachtig een taxibusje aan te houden.”

Van Oostveen bezocht tijdens een verblijf van een week wedstrijden in Bloemfontein, Rustenburg en Pretoria. „Ik ben wel geraakt door de hartelijkheid en vriendelijkheid van de mensen om je te helpen. Ze zijn er trots op het WK te mogen organiseren. Maar er zullen toch nog veel verbeterslagen gemaakt moeten worden om het toernooi in goede banen te leiden. Om het niveau van de stewarding te verhogen [journalisten maakten mee dat ze nauwelijks werden gecontroleerd, red.] wordt lastig. Voor de wedstrijd van Zuid-Afrika tegen Irak in Johannesburg staakten de stewards voor een hoger loon. Er werden toen achthonderd militairen opgetrommeld om hun taken over te nemen. Je kunt je wel voorstellen wat dat betekende voor de wedstrijdorganisatie.”

Ook de veiligheid blijft een grote bron van zorg voor de KNVB. Van Oostveen zag in Johannesburg en Pretoria op kruispunten waarschuwingsborden bij de zogenoemde crime hotspots. „Tussen vijf en negen uur ’s ochtends en dezelfde tijd ’s avonds komen berovingen van inzittenden in auto’s gewoon veel voor. We hebben over het onderwerp veiligheid veel gepraat met de Zuid-Afrikaanse politie en de Nederlandse ambassade. Iedereen moet in eerste instantie zijn eigen veiligheid waarborgen, maar de KNVB voelt zich in zekere zin ook verantwoordelijk. Het motto van het WK zal luiden: Geniet, maar pas op! Wij adviseren om in groepen te reizen of met organisaties en pas te boeken na de loting op 4 december in Kaapstad. Ga niet op de bonnefooi gekke dingen doen. Johannesburg, Durban en Port Elizabeth zijn speelsteden met veel crimespots.”

Na het gesprek met de Zuid-Afrikaanse politie schrapte de KNVB al snel het idee om, zoals in Zwitserland tijdens het EK, massale Oranjeactiviteiten te organiseren. „Dat moet je niet willen. De politie had onze Oranjepleinen in Bern gezien, maar verklaarde al de handen vol te hebben aan fanparken van de FIFA.”

Nederlandse supporters die in Zuid-Afrika het WK willen bezoeken zullen moeizaam hotels kunnen vinden. Het merendeel is reeds ‘geblokt’ door de FIFA of sponsors. Maar veel Oranjefans blijken daar al weer wat op gevonden te hebben: 70 procent van het Zuid-Afrikaanse camperbestand is in handen van Nederlanders.

Het Nederlands elftal heeft de zorgen van de gebrekkige hotelaccommodatie uiteraard niet. Oranje is ondergebracht in het Hilton hotel van Johannesburg. Een luxe accommodatie voor Afrikaanse begrippen, maar toch niet vergelijkbaar met Beau Rivage Palace in Genève, het mondaine onderkomen van vorig jaar op het EK. Van Oostveen: „Het Hilton past bij de no- nonsens aanpak van bondscoach Bert van Marwijk en zijn staf. Maar ook bij een wereldkampioenschap in Zuid-Afrika.”