Ik luisterde lang naar andere mensen

Vijftien jaar stond Stephanie McKay in dienst van anderen, als achtergrondzangeres.

Zondag debuteert ze op North Sea Jazz.

Wat is tijd? Tijd is een relatief begrip. Vijftien jaar stond Stephanie McKay, die liever haar leeftijd niet prijsgeeft, in dienst van anderen, als achtergrondzangeres, als gitarist. En al die jaren wachtte ze, tot de tijd rijp was om een soloalbum op te nemen. Vijftien jaar had ze nodig om zelfvertrouwen te kweken. En nog altijd is ze niet van zichzelf overtuigd, van haar muziek, van haar leiderschap en, sinds ze onlangs een zoon baarde, van haar uiterlijk. Nerveus schikt ze een zwart jasje over haar buik.

Deze avond treedt ze op in het Paard van Troje in Den Haag, met een band. „Om bandleider te zijn moet je weten wie je bent, moet je het leven hebben ervaren. Ik ben lang onzeker geweest, heb lang naar andere mensen geluisterd. Maar nu luister ik naar mezelf.”

Tell it like it is is haar tweede soloalbum, na haar debuut McKay uit 2003. De muziek klinkt even ferm als de titel. Trefzekere drums en bas leggen een bodem waarop de stem van McKay goed gedijt. Het ene moment schreeuwt ze het uit; het andere moment vleit haar stem zich in je oor. Funk en soul uit de jaren zeventig, aangedreven door een paar stevige blazers en hiphop uit de jaren tachtig, aangestuurd door pompende beats uit de jaren negentig bepalen het geluid.

Die sound is een ode aan McKays jeugd in de Bronx en Harlem; aan haar moeder, die altijd in de keuken naar de radio luisterde, naar Gladys Knight en Stevie Wonder; aan haar vriendinnen op straat, waar hiphop uit de jaren tachtig klonk, van Kool Moe Dee en KRS-1, en waar de danspassen van de Rock Steady Crew bewondering afdwongen. Op de single ‘Jackson Avenue’, het aanstekelijkste nummer op het album, komen die herinneringen tot leven.

Haar eerste soloplaat, McKay, werd geproduceerd door Geoff Barrow van Portishead. Critici ontvingen het album met instemming, maar het publiek liet haar links liggen. De plaat kwam uit in Europa, maar Amerika haalde ze nooit. Wel vielen McKays kwaliteiten op bij platenmaatschappij AstralWorks. Ze maakte haar tweede soloalbum. Niets kon er, dacht ze, nog verkeerd gaan. En toen? Toen stortte in 2005 de cd-markt in.

Stephanie McKay werd op zichzelf teruggeworpen. Ze zocht en vond een private investeerder, „afkomstig uit de biochemische industrie”. Zijn naam wil ze niet noemen. „Hij vindt mijn muziek gewoon heel mooi.”

Tell it like it is is bedoeld om de zangeres die zo lang in dienst van anderen stond, een eigen stem te geven. En die heeft ze: Mckay zingt niet alleen overdonderend, ze vertelt ook verhalen. Over opgroeien in de Bronx, of over hoe het is om een man te hebben die vecht in Irak.

Haar eigen verhaal vertelt ze ook. Onder meer over haar nichtje. „Op haar zestiende raakte ze zwanger. Ze had nog zoveel dromen. Maar ze was verliefd en ze gaf zich, waarna hij de benen nam.” In het liedje heet dat simpel ‘When I gave him some / and it was done’. In het tweede deel bezingt ze een moord die ze op straat zag gebeuren, in Harlem.

Wekenlang was ze van slag. Desondanks is Harlem nog steeds haar basis. „Mijn familie beschouwt mij als een groot succes. Ik ben de enige die het is gelukt dit milieu te ontstijgen.”

Stephanie McKay speelt zondag 12 juli om 18 uur in Yukon

    • Yaël Vinckx